De Villamoord – Seizoen 2

KRO-NCRV

Niet minder dan 44 afleveringen van zijn misdaadprogramma wijdde Peter R. de Vries ooit aan de zogenaamde Puttense moordzaak. Totdat de geruchtmakende moord op Christel Ambrosius echt he-le-maal was uitgeplozen en de naam van de onterecht veroordeelde zwagers Herman du Bois en Wilco Viets definitief gezuiverd.

Met het wederom drie afleveringen tellende tweede seizoen van de true crime-serie De Villamoord (143 min.) is Joost van Wijk inmiddels zes afleveringen onderweg met het onder de aandacht brengen van een andere zaak: de gewelddadige dood van een 63-jarige villabewoonster uit Arnhem in 1998. Dat zou ook zomaar een gerechtelijke dwaling kunnen zijn – al wil de Hoge Raad daar (voorlopig) nog niet aan.

Waar de documentairemaker zich in het eerste seizoen van De Villamoord vooral concentreerde op de intimiderende politieverhoren, een valse bekentenis die daaruit voortkwam en het schrale fysieke bewijs op basis waarvan hoofdverdachte Nefzat Altay en acht andere mannen uiteindelijk werden veroordeeld, zoomt hij in dit vervolg nadrukkelijk uit naar het criminele circuit van Arnhem.

In het beruchte Spijkerkwartier hielden de veelal Turkse mannen zich bezig met de handel in heroïne en is waarschijnlijk ook het antwoord te vinden op de vraag waarom juist zij als daders van de moord zijn aangemerkt. In het bijzonder bij ‘straatagent’ Henk Evers en het zogenaamde Dotterteam, dat destijds de welig tierende drugscriminaliteit te lijf ging.

Hoewel de nieuwe afleveringen dezelfde strafzaak behandelen – en de sfeer en toonzetting vergelijkbaar zijn, de muziekkeuze vertrouwd smaakvol is en verteller Stefan Stasse de bevindingen weer met net zoveel bravoure uitserveert – worden die geen herhaling van zetten. Ze bevatten bijvoorbeeld een keur aan nieuwe bronnen: enkele nog niet eerder geïntroduceerde verdachten, (anonieme) getuigen en opvallend kritische rechercheurs die toentertijd betrokken waren bij het politieonderzoek.

Aan Eline, een kennis van het slachtoffer die de fatale avond in de villa op wonderbaarlijke wijze overleefde, wordt ditmaal zelfs helemaal geen aandacht besteed. Van Wijk concentreert zich op het ontrafelen – en daarmee onderuit halen – van de strafzaak tegen de negen veroordeelde mannen. Met als onderliggende vraag: leed het team van de omstreden onderzoeksleider Ad Baars, die zelf niet aan de serie wil meewerken, aan tunnelvisie? Of was er meer aan de hand?

Dat betoog legt (wederom) allerlei zwakke plekken (of zelfs ernstige misstanden) in het politieonderzoek bloot, maar wordt tijdens het secuur uitpluizen van het onderzoek soms ook wat praterig en stroperig. Joost van Wijk waagt zich verder niet aan wat er dan wél kan zijn gebeurd als de veroordeelden inderdaad onschuldig zouden blijken te zijn. Na twee seizoenen heeft de serie daardoor nog altijd meer vragen opgeworpen dan beantwoord. Wordt dus ongetwijfeld weer vervolgd.

Hoeveel afleveringen van De Villamoord er nog moeten komen? Peter R. zou het wel weten: totdat onomstotelijk vaststaat wat er is gebeurd en wie daarvoor verantwoordelijk is. En geen seconde eerder.

Mijn Broer En Ik

Hij gaat op vrijdag naar de moskee, zij naar de club. Hij is getrouwd en heeft al drie kinderen, zij heeft gewoon verkering. Hij drinkt thee, zij alcohol. Hoe kan het toch dat wij zo verschillend zijn? vraagt Xena zich af in de korte egodocumentaire Mijn Broer En Ik (25 min.). Ze komen toch allebei uit hetzelfde nest?

En thuis moesten ze helemaal niets hebben van welke vorm van religie dan ook. Excuus: he-le-maal niets. De ouders van Falco en filmmaakster Xena Maria Evers ogen nog steeds allesbehalve traditioneel. Terwijl Xena hen interviewt, doet pa de afwas en werkt moeder juist in de tuin. Hun verhaal lijkt een variant op de bekende televisieserie Family Ties, over twee doorgewinterde hippies die een oerconservatieve zoon op de wereld hebben gezet.

Hun zoon, die eerst ‘gewoon’ van surfen en blowen hield, heeft zich bekeerd tot de Islam. ’Je moet elkaar helpen. De materie neem je niet mee het graf in’, zegt Falco over het moment dat hij zijn lotsbestemming vond. ‘Dus zorg dat andere mensen ook gewoon mooi kunnen leven. Dat vond ik toen destijds supermooi.’ Hij wrijft in zijn ogen. Geëmotioneerd. ‘Dat was de trigger om moslim te worden.’

Falco neemt Xena voor een dag mee zijn wereld in. Tijdens het eten mag ze echter niet bij de mannen zitten. Is er afstand tussen hen ontstaan? Hij heeft dat gevoel niet. Zij wel: Falco heeft in haar ogen afstand genomen van normen en waarden die ze deelden. Het zorgt voor de nodige frictie in deze speels vormgegeven film, die nochtans is gericht op contact en verbinding. Falco en Xena blijven tenslotte, ondanks alles, gewoon broer en zus.

I Am Not Your Negro


De Black Lives Matter-beweging vormt het tastbare bewijs dat het gedachtegoed van James Baldwin dertig jaar na zijn dood nog altijd actueel is. De documentaire I Am Not Your Negro (93 min.) is voor een deel gebaseerd op Remember This House, het boek dat de auteur/activist wilde schrijven over drie iconen van de burgerrechtenbeweging die hij persoonlijk had gekend.

Zoals Medgar Evers, Malcolm X en Martin Luther King – die alle drie vóór hun veertigste verjaardag werden kaltgestellt – nooit de verkiezing van Barack Obama tot Amerikaans president zouden meemaken, zo zou de Afro-Amerikaanse intellectueel Baldwin de vervolmaking van zijn eigen manuscript door regisseur Raoul Peck nooit aanschouwen.

De Haïtiaanse filmmaker heeft Baldwins machtige woorden over de verkrampte relatie van de Verenigde Staten met zijn zwarte burgers laten inspreken door acteur Samuel L. Jackson en op virtuoze wijze aangekleed met beelden. Hij maakt daarbij natuurlijk gebruik van interviews met en speeches van de eloquente schrijver zelf en archiefmateriaal van ijkpunten uit Amerika’s (inkt)zwarte historie, maar legt ook dwarsverbanden met de positie van Afro-Amerikanen in het hedendaagse Amerika.

De film voelt daardoor uiterst actueel. Of volstrekt tijdloos – als je ‘m beschouwt als een universele vertelling over hoe meerderheden met minderheden omgaan. Peck belicht hoe beeldvorming daarin van oudsher een sleutelrol vervult. Waar Wit Amerika mocht opgroeien met helden als Johnny Weissmuller en John Wayne, kreeg Zwart Amerika rolmodellen voorgeschoteld als Oom Tom en de bloeddorstige inboorlingenstam die een blonde vamp offert aan King Kong.

I Am Not Your Negro, vorig jaar genomineerd voor een Oscar, ontrukt zo een moedige en vrijzinnige denker aan de vergetelheid en fungeert tevens als een vlijmscherp portret van Amerika, toen en nu, dat niet zozeer je hartspier beroert als wel de luiken van je brein wijd openzet. Een niet te onderschatten prestatie.