Rietveldhuizen: Een Meubel Om In Te Wonen

AVROTROS

Toen interieurarchitect Truus Schröder in 1982 met Frank den Oudsten en Lenneke Büller terugkeek op haar leven en werk, was haar voormalige partner, de befaamde meubelontwerper en architect Gerrit Rietveld (1888-1964), al bijna twintig jaar overleden. Samen hadden ze een aantal volstrekt eigen woonhuizen nagelaten. Te beginnen met hun eigen woning: het zogenaamde Rietveld Schröderhuis, volgens de officiële website ‘een meesterwerk van functionaliteit, minimalisme en geometrische precisie’ aan de rand van Utrecht, dat in originele staat is teruggebracht en tegenwoordig dienst doet als museum.

In Rietveldhuizen: Een Meubel Om In Te Wonen (52 min.) gebruikt Lex Reitsma de geluidsopname van Schröder, die zelf in 1985 overleed, als structurerend element. Zij leerde Rietveld kennen in 1911 toen ze allebei op het punt stonden om te trouwen. Niet met elkaar overigens. Toen haar echtgenoot Frits in 1923 overleed, vroeg Truus ‘Rietveld’ om een nieuw huis voor haar en haar kinderen te bouwen. Uiteindelijk zou hij er zelf, na het overlijden van zijn echtgenote Vrouwgien in 1957, eveneens een eigen plek krijgen. Ook professioneel: op de begane grond vestigden Truus en Gerrit er hun gezamenlijke architectenbureau.

Met Rietvelds kleindochter Martine Eskes en Schröders kleinzoon Maarten loopt Reitsma nu hun huis, leven en werk door. Daarnaast bezoekt hij Rietveld-huizen elders in het land. Het zijn woningen die niet voor de eeuwigheid werden gebouwd. Uiteindelijk zouden de huizen verouderd raken en vervangen moeten worden, was de stellige overtuiging van Gerrit Rietveld. ‘Hij werkte net zo lang totdat de dingen niet meer ingewikkeld waren’, zegt Truus Schröder daarover, in het met een bandrecorder opgenomen gesprek, dat met illustratieve beelden wordt ondersteund. Niet elke ingenieuze oplossing heeft de tand des tijds echter doorstaan.

De huidige eigenaren hebben er hun handen aan vol om de panden in originele staat en bewoonbaar te houden. ‘Een Rietveld-huis dat niet lekt is geen Rietveld-huis’, vat Rex Verkaik, eigenaar van Huis Kronenberg in Wageningen, het kernachtig samen. Tegelijkertijd voelen hij en de bewoners van al die andere creaties van de twee-eenheid Gerrit Rietveld en Truus Schröder de behoefte en de verplichting om ze in stand te houden. Als essentieel cultureel erfgoed, toonbeelden van de kunststroming De Stijl, dat in deze liefdevolle film nog eens in volle (of vergane) glorie wordt getoond. Om te benadrukken hoe bijzonder al die creaties zijn.

Ouwehoeren

VPRO

‘Zit er wel zaad in die ballen, of niet?’ vraagt Martine aan haar klant. ‘Jawel’, antwoordt die geruststellend. ‘Oeps, wacht even’, constateert de ervaren Amsterdamse prostituee daarna, met een massagestaaf in haar handen. ‘De batterij is op.’ Als dat probleem even later is verholpen, kan ze eindelijk aan de slag. ‘Hup Marjanneke, stroop in het kanneke’, zingt ze. ‘Laat de poppetjes dansen… voor meneer Jansen.’

Even daarvoor heeft Martine, die de 65 al even is gepasseerd, nog tevergeefs op haar raam staan kloppen. Het leverde haar vooral hoongelach op van passanten. ‘Wat een lol!’ reageert ze geïrriteerd. ‘Tegenwoordig hebben ze allemaal commentaar. Kijk ze lachen. Het zijn zelf allemaal oliebollen en ze hebben op jou commentaar.’ Martine moppert verder, met onmiskenbaar Amsterdamse tongval. ‘Want je mag niet meer oud zijn tegenwoordig. Vroeger zaten hier allemaal oudere vrouwen. Heel gewoon. Die moesten toch ook leven? Die hadden geen sociale voorzieningen, hoor. Helemaal niks.’

Terwijl Martine, ook gedwongen door de omstandigheden, blijft pezen op de Wallen, is haar tweelingzus Louise inmiddels met pensioen. Reuma. In haar flatje in IJmuiden wacht ze haar zus en hartsvriendin op, om samen wat te schilderen en lekker te ouwehoeren over het vak, waarin ze ooit min of meer tegelijkertijd, zo’n halve eeuw geleden, verzeild zijn geraakt. Dat was niet eens zozeer een keuze. Gewoon een kwestie van een foute kerel en meer kinderen dan geld. En binnen de kortste keren kent de hele omgeving je dan als hoer en is er eigenlijk geen weg meer terug.

Als de eeneiige tweeling over dat verleden spreekt, verhalen die worden geïllustreerd met talloze foto’s en filmpjes, dan sluipt er zowaar soms wat echt ongemak in deze veelal licht getoonzette film van Rob Schröder en Gabrielle Provaas. Want dit dubbelportret uit 2011 wil nadrukkelijk geen klaagzang worden. Ouwehoeren (Engelse titel: Meet The Fokkens, 80 min.) concentreert zich liever op de verbazing, charme en gulle lach die ook horen bij de rosse buurt – al kunnen de nadelen van achter het raam zitten en de vooroordelen daarover natuurlijk niet geheel onbesproken blijven.

Die luchtige insteek is zeker tegen de film in te brengen, maar tegelijkertijd waarschijnlijk ook een verklaring voor het succes ervan. De zussen Fokkens, die vaak nog altijd dezelfde kleding dragen, krijgen de kans om zich in Neerlands hart te nestelen als representanten van het geromantiseerde Mokum dat ook in docu’s, getuige bijvoorbeeld Foute Vrienden en de Hazes-film, geliefd blijkt. Via expliciete en toch bijna aandoenlijke seksscènes met geanonimiseerde mannen, grappige anekdotes en nostalgische (accordeon- en draaiorgel)muziek wordt dat nog maar eens benadrukt.

Ouwehoeren wordt zo een ongegeneerde ode aan het oudste beroep van de wereld en de traditionele ambachtslieden daarvan, die ’t niet van zijn diepgang moet hebben, maar schaamteloos appelleert aan het grote publiek.

Merkel

Madman Films

Het is blijkbaar onvermijdelijk dat Angela Merkel, de voormalige bondskanselier van Duitsland (2005-2021), ook in deze biografie van Eva Weber wordt afgezet tegen de mannen, waarmee ze in haar lange politieke loopbaan heeft gewedijverd, samengewerkt en gestreden. Dit begint al direct in de openingsscène als Weber een speech van Frau Merkel (96 min.) versnijdt met toespraken van de voormalige Amerikaanse president Donald Trump. Hij, het rijkeluiskind dat in volledige vrijheid groot is geworden, kan die nauwelijks meer op waarde kan schatten. Terwijl zij, het kind van de DDR, als geen ander weet hoe het is om in onvrijheid op te groeien. Ze koestert de vrijheid daarom en weet ook dat die moet worden beschermd.

Haar jeugd in de communistische heilstaat Oost-Duitsland, waar de geheime dienst Stasi overal zijn tentakels had uitgeslagen, is net als die (alfa)mannen natuurlijk ook alomtegenwoordig in deze boeiende documentaire, waarin collega’s, journalisten, haar biograaf en prominenten zoals Hillary Clinton, Condoleezza Rice en Tony Blair hun licht laten schijnen over de vrouw die zo’n vijftien jaar de facto de leider van West-Europa was. ‘Veel politici willen overschat worden’, stelt de voormalige Britse premier Blair. ‘Zij wordt liever onderschat.’ Want nadat Angela Merkel de verwachtingen, over zichzelf of de voorliggende politieke kwestie, vooraf kundig heeft getemperd, valt het uiteindelijke resultaat vaak ontzettend mee. Zo zet ze menige kerel buitenspel of laat hem in z’n eigen zwaard vallen – en zo nodig draait ze dat zelf dan nog een keer om, zoals bij haar mentor, oud-bondskanselier Helmut Kohl.

Eva Weber besteedt tevens uitgebreid aandacht aan Angela Merkels gecompliceerde relatie met de Russische leider Vladimir Poetin, de man voor wie de ontmanteling van de Sovjet-Unie en het Warschaupact, die Merkel zoveel vrijheid hebben gebracht, het grootste drama van de twintigste eeuw is. Een man ook die heeft moeten aanzien hoe zij zijn grote vriend, de toenmalige bondskanselier Gerhard Schröder, versloeg bij de verkiezingen van 2005. Een man, kortom, die uit lijkt op wraak en zijn Duitse tegenspeelster (die tegenwoordig de kritiek krijgt dat ze haar land heeft overgeleverd aan Russische energiebedrijven) op alle mogelijke manieren probeert te intimideren, bijvoorbeeld door het meebrengen van een hond naar hun ontmoetingen. Een dier waarvan hij weet zij er doodsbang voor is. Ook dan laat Merkel zich echter niet kennen. ‘Een dappere bondskanselier moet ook met een hond overweg kunnen’, zegt ze tijdens een openbaar interview, tot grote hilariteit van het publiek.

En daarmee is meteen een ander belangrijk kenmerk aangestipt van deze beeldbepalende vrouw en het portret dat hier van haar wordt geschilderd: haar gevoel voor humor. Daarmee haalt ze de angel uit menig conflict en relativeert zij, machtspoliticus die ze nu eenmaal ook is, slim haar eigen positie. Zelf is Angela Merkel voor deze film overigens niet meer bevraagd, maar via oude tv-interviews, speeches en publieke optredens, ondersteund met muziek van favoriete Duitse artiesten zoals Nina Hagen, The Scorpions en Hildegard Knef, komt ze toch uitgebreid aan het woord en in beeld. Daarbij valt met terugwerkende kracht nog meer op wat en wie ze allemaal heeft moeten overwinnen. Van relatief onschuldig, maar wel alomtegenwoordig seksisme – een muizig mannetje in een Peek & Cloppenburg-pak bijvoorbeeld, dat uitgebreid de kledingstijl van Frau Merkel bekritiseert – tot een misogyne macho zoals Donald Trump, die haar aan het eind van haar carrière (en deze film) portretteert als een vrouw die haar land te gronde richt.

Ook als het gaat het om deze man waarmee ze duidelijk he-le-maal niets heeft, weet ze echter: Wir schaffen das. Al gaat dat, net als bij de vluchtelingencrisis van 2015 waarbij zij in Europa het voortouw nam, niet vanzelf – en in dit specifieke geval ook zichtbaar niet van harte.

Waiting For The Sun


‘Ik ben geen goed mens’, zegt een Chinese man huilend tegen zijn drie tienerkinderen, nadat hij ze tips heeft gegeven voor de rest van hun leven. ‘Geen goede vader, geen goede burger.’ Hij verschanst zich beschaamd in zijn jas. ‘Dat ben je wel’, probeert één van zijn dochters nog, maar de zaak lijkt reddeloos verloren. Papa gaat naar de gevangenis en krijgt waarschijnlijk ook de doodstraf. Zijn kinderen vertrekken naar Sun Village in Beijing.

Dat is het hartverscheurende startpunt van Waiting For The Sun (55 min.), een documentaire van de Deense regisseur Kaspar Astrup Schröder over het weeshuis van juf Zhang, een oudere vrouw die ooit gevangenbewaarder was. Liefdevol vangt ze kinderen op van ouders, die in de gevangenis zijn beland. Kinderen die anders volledig aan hun lot zouden worden overgelaten en gestigmatiseerd.

Neem die ontwapenende drieling van nog maar acht. Moeder zit vast omdat ze hun gewelddadige vader heeft gedood. In de fleurige paviljoens van oma Zhang en haar trouwe steun en toeverlaat huismeester Su, een voormalige militair, hebben ze een nieuw thuis gevonden, waar ruimte is voor hun gevoelens, niet vreemd wordt opgekeken als ze worstelen met zichzelf of elkaar en ook hun veroordeelde mama welkom is.

‘Was ik maar een wees’, sombert één van de Sun Village-kinderen. ‘Wezen zijn beter af. Die hebben geen ouders. Die hebben geen vreselijke herinneringen.’ De tragiek van willekeurige kinderen die worden opgezadeld met de dramatische keuzes van volwassenen, verbeeld met brieven en tekeningen voor hun ouders, maakt van het kalme en verzorgde Waiting For The Sun een aangrijpende film.