Thunderdome Never Dies

Toen zij ‘de jeugd van tegenwoordig’ waren en nergens voor leken te willen deugen – behalve dan voor hersenloos hakken – hadden gabbers waarschijnlijk ook niet kunnen bevroeden dat ze ooit nog eens salonfähig zouden worden. Nadat hun muziek vorig jaar al een prominente plek kreeg in het drieluik 30 Jaar Dutch Dance, is er nu een groots opgezette film over het toonaangevende hardcorefeest Thunderdome.

De filmmakers Vera Holland en Ted Alkemade gebruiken het 25-jarige jubileum in 2017 als rode draad voor Thunderdome Never Dies (83 min.). Dat is tevens een prima gelegenheid om het ontstaan en de ontwikkeling van het Nederlandse feest te reconstrueren met de voornaamste spelers: de oprichters Irfan van Ewijk en Duncan Stutterheim, de deejays die de heftige dancevariant destijds op de kaart zetten en de huidige brand manager Francois Maas, een oudgediende die het Thunderdome-gevoel nog altijd perfect belichaamt.

De nadruk ligt op het pionierswerk van de jonge honden die hun eigen feesten gingen organiseren, niet zozeer op de muziek of de al zo vaak besproken excessen met drugs, geweld of nationalisme. Dit jongensboekverhaal van pure liefhebbers die zich (moeten) ontwikkelen tot ondernemers wordt natuurlijk ondersteund met een karrenvracht aan beelden van strakke, kale koppen in de onvermijdelijke aussies, die collectief helemaal uit hun plaat gaan op basale beukbeats.

Via het aanstekelijke relaas van hun voorhoede zet Thunderdome Never Dies zo de schijnwerper op misschien wel de enige unieke jeugdcultuur die Nederland ooit heeft voortgebracht – en waarbij menigeen, en dat is ook precies de bedoeling, nog altijd horen en zien vergaat.

Wognum

Als je hem ziet staan hakken op dat hardcorefeest, te midden van al die strakke koppen, doet niets vermoeden dat Matthijs Wognum over een onvermoed muzikaal talent beschikt. Hij oogt als een archetypische gabber: kaalgeschoren kop met staartje, een flinke tribal-tattoo op de rechterschouder en gekleed in dat typische hardcore-uniform (een Australian-pet, Lonsdale-shirt en Thunderdome-jas).

In een muziekwinkel wordt de veertiger ineens een ander mens. Hij bespeelt de vacante vleugel alsof zijn leven ervan afhangt – en dat zou ook zomaar het geval kunnen zijn. Zijn jongere vriend René ziet alleen weinig in zo’n bakbeest in de kamer. En hij weet als geen ander hoe gefrustreerd Matthijs kan raken tijdens het piano spelen. ‘Max, hou je bek dicht!’, schreeuwt hij even later tegen zijn huisdier als het niet wil lukken. ‘Godverdomme, kuthond!’ Het komt uit de grond van zijn hart. Want de oudere jongere wil niet zomaar spelen. Hij jaagt zijn jeugddroom na.

In de observerende documentaire Wognum (54 min.) zit de 27-jarige Tim Bary de aspirant-pianist negen maanden lang héél dicht op de hielen. Als een zeer opmerkzame vlieg op de muur legt hij vast hoe Matthijs rücksichtslos voor zichzelf kiest. Eindelijk!, vindt hij zelf. ‘Iedereen kan even de touwtyfus genieten, om het heel egoïstisch te zeggen’, beweert de aspirant-pianist als hij heeft besloten om de vleugel tóch aan te schaffen. Terwijl hij ongeduldig staat te wachten totdat het ding wordt afgeleverd, komt René aangelopen. ’Ah, daar hebben we de directie’, klinkt het vijandig.

Matthijs laat zich deze tweede kans beslist niet afnemen – of hem dat nu zijn geliefde kost of niet. In deze fraaie, persoonlijke film, waarmee Bary afstudeerde aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, is te zien hoe hij zichzelf heruitvindt als concertpianist en alle schroom van zich afspeelt. Intussen worden de vooroordelen, die serieuze muziekliefhebbers wellicht hadden over de overjarige gabber die zonodig klassiek piano moet spelen, kneiterhard verpulverd, maar kan zijn relatie elk moment onder de druk bezwijken.

30 Jaar Dutch Dance

30jaardance

Zouden ze Nederlandse deejays als Tiësto, Armin van Buuren en Martin Garrix ook ooit gaan beschouwen als onderdeel van de zogenaamde ‘Hollandse school’? Die benaming werd eerder gebruikt voor de schilders Rembrandt, Frans Hals en Vermeer, documentairemakers zoals Bert Haanstra, Joris Ivens en Herman van der Horst en de voetbalgeneratie van Cruijff & co. De wegbereiders van de Nederlandse dancemuziek verdienen een soortgelijke status.

Wat nu één van Neerlands voornaamste exportproducten lijkt, begon ooit klein en werd toen door weinigen begrepen. DJ Eddy de Clercq had de Amsterdamse club Roxy, de plek waar de Nederlandse dance echt zou ontstaan, in de tweede helft van de jaren tachtig bijna helemaal leeg gedraaid. De eigenaren vaardigden een ultimatum uit: De Clercq kreeg nog twee maanden de tijd om zijn deejay-avonden aan de praat te krijgen. Anders was het over en uit.

En toen barstte ineens de bom, zo vertellen de wegbereiders van het muziekgenre in het eerste deel Pionieren (46 min.) van het drieluik 30 Jaar Dutch Dance. Niet veel later waren de Roxy en een extravagante club die enige tijd later zijn deuren zou openen, de veelbesproken It, ‘the talk of town’. De verafschuwde nieuwe muziekstroming house was plotseling de lijfmuziek van een nieuwe generatie jongeren geworden.

De beginjaren van de dance worden door regisseur Sacha Vermeulen vlot en aanstekelijk gereconstrueerd. Vrijwel alle kopstukken uit die tijd verschijnen voor de camera. Alleen voor een interview, dat wel. Waardoor deze driedelige televisiedocumentaire, naast een dominante voice-over, ook veel pratende hoofden bevat. Dit wordt gecompenseerd met een hoog verteltempo en een overdaad aan heerlijk archiefmateriaal.

In deel 2 Harder, Harder, Harder (45 min.) worden de opkomst van de grote Thunderdome-, Mysteryland- en Dancevalley-feesten, het wereldwijde succes van 2Unlimited en de ontwikkeling van techno en hardcore uit de doeken gedaan, waarna 30 Jaar Dutch Dance onvermijdelijk aanbelandt bij het roemruchte subgenre gabber. Met verve wordt de wereld geopend van strakke koppen in Aussie-trainingspakken, die zich op een ongenadig aantal beats per minute als bezetenen door de nacht heen hakken.

Uiteindelijk groeide gabber uit tot het enige Nederlandse muziekgenre ooit, dat echt in de hele wereld is gekopieerd. Waar een klein land óók groot in kan zijn – behalve schilderkunst, documentaires en voetbal – zou je nu met de nodige wijsheid achteraf kunnen zeggen.

In het afsluitende deel van het drieluik, De Wijde Wereld, staan de Nederlandse deejays centraal, die in de afgelopen jaren de aardbol hebben veroverd.

Rond het thema 30 Jaar Dutch Dance is overigens ook een interactieve website opgetuigd, waarop je urenlang ongegeneerd kunt grasduinen. Een aanrader.

Aan de Nederlandse gabbercultuur wijdde filmmaker Wim van der Aar bovendien enkele jaren geleden al eens de documentaire Gabbers, die nog steeds online is te bekijken.