Unlocking The Cage

First Run Features

His day in court’, staat er op 27 april 2014 op de cover van The New York Times Magazine, bij een foto van de chimpansee Tommy. Hij heeft een pak en stropdas aan en zit ogenschijnlijk klaar voor een getuigenverklaring in de rechtbank. Advocaat Steven Wise blijft buiten beeld. Hij heeft namens Tommy, die in erbarmelijke omstandigheden leeft in een kooi, een zaak aangespannen. Volgens Wise is er sprake van illegale detentie.

Hij beroept zich als boegbeeld van het Nonhuman Rights Project op het principe van ‘habeas corpus’. Zo kan worden getoetst of iemand terecht gevangen is gezet. Hij gaat daarbij uit van het idee dat hoog-intelligente dieren, zoals sommige apensoorten, olifanten, dolfijnen, walvissen en orka’s, juridisch moeten worden beschouwd als ‘personen’ –  net als organisaties dat volgens de Amerikaanse wet ook zijn of, elders in de wereld, een rivier. Deze dieren hebben in zijn optiek dus onvervreemdbare rechten.

In de observerende documentaire Unlocking The Cage (91 min.) uit 2016 volgen Chris Hegedus en haar partner, direct cinema-legende D.A. Pennebaker, de Amerikaanse dierenrechtenactivist en zijn medestanders tijdens hun strijd om erkenning te krijgen voor de rechten van deze dieren en aandacht voor de manier waarop die vaak met voeten worden getreden. Niet iedereen neemt Wise serieus: er wordt nog wel eens geblaft als hij een rechtszaal binnenkomt of op Harvard Law School een college geeft.

Wise neemt zijn missie echter uiterst serieus. Wat nu geldt voor ‘nonhuman animals’, gold vroeger voor vrouwen, kinderen en slaven. Hij weet dus wat hem te doen staat: ‘kick the first door open’. Dan volgt de rest vanzelf. Wise heeft zijn zinnen gezet op een casus met een chimpansee, een dier dat regelmatig menselijke trekjes vertoont. Chimps kunnen, om maar eens wat te roepen, spelletjes spelen, gebarentaal leren en een fikse karatetrap uitdelen. Ze zijn bovendien in staat tot empathie en roepen ook empathie op.

In hun laatste film samen documenteren Hegedus en Pennebaker, inmiddels in de negentig, Wise’s zoektocht naar een geschikt voorbeeld, een dier waarbij het welzijn ernstig in het geding is, en een rechtbank die de bijbehorende zaak serieus wil behandelen. Daarbij moet hij heel wat tegenvallers slikken, in een interessante documentaire die zich voor een belangrijk deel in de rechtszaal afspeelt en dan ook behoorlijk juridisch van toon en karakter wordt (en dus niet iedereen zal bekoren).

Het idee van een dier als persoon blijft nu eenmaal abstract – al lijken de tijden dat een aap, dolfijn of olifant simpelweg als een gebruiksvoorwerp werd beschouwd ook wel achter ons te liggen.

Sentient

Lisa Jones-Engel / In Film

Zijn dierproeven onontbeerlijk voor het waarborgen van de menselijke gezondheid? Of is het volstrekt onethisch om dieren hiervoor in te zetten en brengt dit zelfs gevaren met zich mee?

Zonder testen op dieren was er vast niet zo snel een vaccin voor het Coronavirus ontwikkeld. Tegelijkertijd zou de volgende pandemie wel eens kunnen ontstaan doordat testdieren, bijvoorbeeld afkomstig uit schimmige fokkerijen in Azië, gevaarlijke ziekten zoals ebola, tuberculose en malaria meebrengen naar het westen. Dat is ‘een luid tikkende tijdbom’ volgens primatoloog Lisa Jones-Engel.

De wetenschap moet top zijn, hun welzijn optimaal. Dat waren voor haar mentor Jim Mahoney, directeur van het Amerikaanse LEMSIP-laboratorium, altijd de basisvoorwaarden voor dierproeven. In het kader van AIDS-onderzoek injecteerden zij destijds chimpansees met het HIV-virus. Dat doel rechtvaardigde volgens hen de middelen, maar zorgde tegelijk voor schuldgevoelens.

Toen Lisa Jones-Engel in Cambodja echter zag hoe een moedermakaak en enkele oudere dieren een door haar in de val gelokt jonkie als een leeuw beschermden, maakte dit een onuitwisbare indruk op de primatoloog. De vooraanstaande wetenschapper groeide uit tot een dierenactivist, die nog altijd geëmotioneerd raakt als zij de beelden terugkijkt in de documentaire Sentient (105 min.).

Jones-Engel fungeert als spil van deze genuanceerde film van Tony Jones, waarin alle elementen en kanten van het debat over het testen van dieren, primaten in het bijzonder, aan de orde komen. Niet alleen schokkende undercoverbeelden van misstanden in commerciële dierproefcentra dus, maar ook de emoties van wetenschappers die betrokken zijn bij onderzoeken met dieren.

Want sommige medewerkers houden daar psychische klachten of zelfs PTSS aan over. Hun doel mag dan alle middelen heiligen, daarmee wordt hun eigen gevoel nog niet uitgeschakeld. Als biomedisch wetenschapper Preston van Hooser van de Universiteit van Washington bijvoorbeeld vertelt hoe hij ooit een levende muis in tweeën hakte, schiet ie helemaal vol. ‘Omdat het dier leed.’

Jones ondergraaft tegelijk een belangrijk argument voor dierproeven van de biomedische industrie, die in deze film wordt vertegenwoordigd door lobbyist Cindy Buckmaster: om de veiligheid van een medicijn te kunnen garanderen, is testen op dieren bittere noodzaak. Hoe vaak je medicijnen echter ook uitprobeert op dieren, laat hij zien, bij mensen kunnen er altijd onvoorziene effecten optreden.

Zodat de slotsom van Sentient uiteindelijk toch lijkt te luiden dat dit soort wetenschappelijk onderzoek ongewenst is. Voor dier én mens.

Project Nim

HBO

Nim Chimpsky is in november 1973 nauwelijks geboren in de Birthing Compound van het Institute For Primate Studies te Oklahoma of de babychimpansee wordt weggehaald bij z’n moeder Carolyn. Project Nim (95 min.) kan van start. De jonge aap zal in het gezin van Stephanie LaFarge worden opgevoed als een normaal mensenkind. Ze gaan hem gebarentaal leren.

Dit wetenschappelijke project is het geesteskind van de psycholoog Herbert Terrace van Columbia University. Met het experiment wil hij zijn bijdrage leveren aan het aloude nature-nurture debat. Al snel haalt Terrace Nim toch weer weg bij de LaFarges. De chimpansee heeft bepaald geen klik met Stephanies echtgenoot Wer. Hij wordt daarna geplaatst in een zorgvuldig afgeschermde omgeving, waar een jonge assistente, Laura-Ann Petitto, een speciaal educatieprogramma voor hem opzet.

Ook zij zal Nims leven echter relatief snel weer verlaten. Als de relatie die zij – natuurlijk, zou je bijna zeggen – met Terrace is begonnen spaak loopt. Ze laat de aap achter, met een aanzienlijke woordenschat en nog veel meer brute kracht. Nim is inmiddels nauwelijks meer te beteugelen als iets hem niet zint. En van zulke momenten komen er meer en meer. Totdat het, halverwege deze documentaireklassieker van James Marsh (Wisconsin Death Trip / Man On Wire) uit 2011, goed fout gaat.

Als het wetenschappelijke experiment vervolgens wordt afgebroken, belandt de mensaap weer gewoon tussen z’n soortgenoten – en krijgt hij daadwerkelijk een beestenleven, uiteindelijk zelfs als proefkonijn. Laura-Ann Petitto had ‘t al voorzien. ‘You can’t give human nurturing to an animal that can kill you’, constateert ze afgemeten in deze pijnlijke, met fraai archiefmateriaal aangeklede film, die Terrace’s taalonderzoek met de onfortuinlijke chimpansee als totaal onverantwoord neerzet.

De wetenschapper zelf is overigens van mening dat de kwaliteit van zijn werk ernstig tekort wordt gedaan in Project Nim. De documentaire portretteert hem bovendien als zo’n wetenschapper die anderen slechts als pion in z’n eigen spel ziet – zoals er wel meer leken te zijn in de jaren zestig en zeventig. Wat daarnaast beklijft zijn de beelden van een aap die ogenschijnlijk ontspannen met een kat kroelt, zindelijkheidstraining krijgen en samen met z’n mensenvrinden zowaar een joint rookt.

Net een mens – maar nooit echt, natuurlijk.

Chimp Crazy

HBO Max

Sinds de ongekende freakshow Tiger King: Murder, Mayhem And Madness (2020) is documentairemaker Eric Goode nu niet bepaald een graag geziene gast bij het Amerikaanse smaldeel dat zich bezighoudt met de handel in exotische dieren. Om met de camera binnen te komen bij de Missouri Primate Foundation van chimpanseefokker Connie Casey, die ook jarenlang het feesten- en partijenbedrijf Chimparty runde, besluit hij zelfs zijn toevlucht te nemen tot een schaduwregisseur: voormalig circusartiest Dwayne Cunningham, die zelf ook actief is geweest in de wilde dieren-business.

En daar, in Festus in Missouri, stuiten Goode/Cunningham op Tonia Haddix, een enthousiaste vrijwilligster van de chimpansee-opvang, met tevens een voorliefde voor blonde pruiken, botox en de zonnebank. Een ideale hoofdpersoon, kortom, voor: Chimp Crazy (224 min.), een vierdelige serie waarin ook een prachtige bijrol is weggelegd voor haar favoriete primaat Tonka, type ‘half mens, half chimp’, die er al een flinke carrière als filmacteur in Hollywood op heeft zitten. De aap kan heel lieve kusjes geven, droogt Tonia’s tranen als ze emotioneel raakt en houdt er netjes een dekentje voor als hij in haar bijzijn masturbeert.

Dat klinkt allemaal heel grappig – en dat is ‘t eerlijk gezegd ook – maar onschuldig is het privébezit van chimpansees zeker niet. Goode laat er geen misverstand over bestaan dat volwassen exemplaren nauwelijks meer zijn te hanteren en volstrekt onhandelbaar of zelfs levensgevaarlijk kunnen worden. Hij illustreert dit met enkele tragische voorbeelden, die het thuis houden van zulke mensapen voorgoed van hun onschuld ontdoen. Ook de dierenrechtenactivisten van PETA – waaronder de Schotse acteur Alan Cumming, die nog in de film Buddy speelde met Tonka – proberen de exploitatie van wilde dieren onmogelijk te maken.

Tiger King-achtig conflict verzekerd dus – al heeft Chimp Crazy nét iets minder karikaturale personages, bizarre verwikkelingen en algehele kolder dan de serie over tijgerkoning Joe Exotic. Zet dat meteen tussen aanhalingstekens: ‘minder karikaturale personages, bizarre verwikkelingen en algehele kolder’. Dat is namelijk wel heel relatief in dit verband. Vanaf het begin moet Eric Goode bovendien spitsroeden lopen. De keuze voor een rol op de achtergrond, ten faveure van een stroman, brengt hem als maker meteen in een lastig parket. En daar komen onderweg nog de nodige twijfelachtige keuzes en ethische dilemma’s bij.

Tegelijk betoont Tonia Haddix, ‘the Dolly Parton of chimps’, zich de ideale heldin voor deze even buitenissige als intrigerende miniserie: een praatgrage, exhibitionistische en lekker onbezonnen chimpanseemama die nog meer van ‘haar’ aapjes houdt dan van haar bloedeigen kind en van de ene in de andere zelf gegraven kuil valt – en haar publiek ondertussen van de ene in de andere verbazing.

D.B. Cooper: Where Are You?!

Netflix

‘Mijn naam is D.B. Cooper.’

‘Mijn naam is D.B. Cooper.’

‘Mijn naam is D.B. Cooper.’

Je hoort het Wie Van De Drie’s gastheer bijna zeggen: ‘Mijn naam is D.B. Cooper. Ik heb op 24 november 1971 een vliegtuig gekaapt en ben daarna met een parachute en 200.000 dollar losgeld uit een Boeing 727 gesprongen. Sindsdien ben ik nooit meer gezien. Was getekend, D.B. Cooper.’

Ja, de premisse van de joyeuze vierdelige docuserie D.B. Cooper: Where Are You?! (169 min.) heeft wel wat weg van het bekende televisieprogramma Wie Van De Drie. Alleen zijn er inmiddels véél meer dan drie gegadigden voor de ‘rol’ van Dan Cooper. D.B. is de broer, neef of oom van de één, een buurman of collega van een ander. Werkelijk Jan en alleman speculeert over wie deze meesterdief zou kunnen zijn, onlangs nog in de delicieuze documentaire The Mystery Of D.B. Cooper.

Daarbij is de lijn tussen het doen van min of meer serieus onderzoek, het opdienen van broodjes aap of het – voor eigen gewin – uitventen van complottheorieën weer eens verdacht dun. Regisseur Marina Zenovich brengt de cultus rond D.B. Cooper, die al heeft geresulteerd in films, boeken, podcasts, bars, en een festival (CooperCon), met zichtbaar plezier in beeld en zoomt tevens in op een aantal onofficiële lezingen van de zaak, die Amerikaanse amateurdetectives nu al een halve eeuw aan het werk houdt.

Ze introduceert bijvoorbeeld schrijver, journalist en amateurdetective Tom Colbert, die al tien jaar druk doende is om D.B. te ontmaskeren en ervan overtuigd is dat hij De Enige Echte nu toch echt (écht!) heeft gevonden: Dick Briggs. Of, nee: Robert Rackstraw. Colbert houdt intussen een multidisciplinair cold caseteam van zo’n veertig, veelal gepensioneerde, specialisten aan het werk om de zaak voor eens en altijd op te lossen. ‘Ze houden van de passie van de jacht’, zegt hij er met gepaste trots bij.

Alleen: Rackstraw blijft maar ontkennen als hij met draaiende camera wordt aangesproken door Colberts reporter Jim Forbes, die eigenlijk helemaal niet houdt van overvalinterviews. Óók als hij vervolgens lekker wordt gemaakt met een film en boek. Of als Rackstraw, terwijl Colbert stiekem filmt (wat hij glashard ontkent), een flink smak geld krijgt aangeboden. Colberts A-Team weet The History Channel in 2016 nochtans te overtuigen van de docu D.B. Cooper: Case Closed?. Gelukkig zijn er dan weer anderen die daarvan gehakt maken.

Waar The Mystery Of D.B. Cooper de mythe rond de vliegtuigkaper gebruikt als voertuig om enkele gewone Amerikanen en het verhaal dat ze op elke verjaardag vertellen te portretteren, zet D.B. Cooper: Where Are You?!, gezegend met een White Lotus-achtig themamuziekje en volgestort met allerlei ‘kenners’, de schijnwerper vooral op de industrie die, getuige bijvoorbeeld ook de moord op Kennedy of Bigfoot, steevast ontstaat rond dit soort tot de verbeelding sprekende mysteries.

Intussen krijgt elke afzonderlijke onderzoeker – is de link met die stripboekenreeks over een piloot met de naam Dan Cooper trouwens al eens goed onderzocht? – vroeg of laat te maken met de Cooper-vloek: nét als hij denkt dat de zaak helemaal rond is, blijkt er toch nog één klein dingetje niet te kloppen…

Virunga

Netflix

‘Het is belangrijk om op het beste te hopen’, zegt commandant Emmanuel de Merode tegen zijn manschappen. ‘Maar je op het ergste voor te bereiden.’ De Merode is geen opperbevelhebber van een leger dat is verwikkeld in een bloedige strijd, maar directeur van het Nationaal Park Virunga in Congo. Het uitgestrekte natuurpark, dat op de werelderfgoedlijst staat, bevindt zich voortdurend op de drempel van oorlog sinds er olie is gevonden.

De Westerse oliemaatschappij SOCO ruikt in elk geval geld en laat zich daarbij weinig gelegen liggen aan het feit dat er in het park berggorilla’s, een bijna uitgestorven diersoort, worden opgevangen. De situatie in Virunga (100 min.), in 2014 genomineerd voor een Oscar, is sowieso gespannen omdat het Congolese regeringsleger en de rebellen van M23 elkaar daar al een tijdje naar het leven staan. Intussen proberen alle partijen natuurlijk ook een centje over te houden aan de schimmige situatie.

Een medewerker van de olie-exploitant, betrapt met een verborgen camera door de jonge Franse onderzoeksjournaliste Mélanie Gouby, formuleert het eenvoudig: ‘Hoeveel is natuurbescherming waard? Hoeveel is olie waard?’ Diens gesprekspartner, de Britse huurling John, windt er al helemaal geen doekjes om: ‘Het is maar een aap waar het om gaat. Wie geeft er nu ook maar ene moer om zo’n kloteaap?’ Dat cynisme, gevoegd bij de explosieve plaatselijke situatie, kan alleen maar tot ellende leiden.

Terwijl de spanningen verder oplopen in deze meeslepende documentaire van Orlando von Einsiedel, moeten directeur De Merode en zijn gedreven Park Rangers het hoofd koel en hun gorilla’s in leven zien te houden. ‘Je moet voor jezelf rechtvaardigen waarom je hier op aarde bent’, stelt verzorger Andre Bauma daarover, terwijl hij zijn wapen schoonmaakt. ‘Gorilla’s rechtvaardigen mijn bestaan. Ik ben bereid om voor hen te sterven.’

Op zijn eigen manier vertegenwoordigt de man hoop in dit getroebleerde deel van Afrika, waar idealisme steeds machtswellust, bloeddorst en hebzucht op zijn pad lijkt te vinden.