Kees Vliegt Écht Uit

c: Malou van Breevoort / Videoland

De lotgevallen van Kees Momma, hoe ontwapenend of grappig die soms ook uitpakken, vormden in wezen altijd al een drama. Over een man die zich maar niet los kan maken van zijn vader en moeder. En over ouders, moeder Henriëtte in het bijzonder, die hun volwassen zoon eveneens blijven vasthouden. Dat werd nog niet eerder zo schrijnend als in deze derde Kees-film van Monique Nolte.

Wat zich in de vorige twee documentaires – Het Beste Voor Kees (2014) en Kees Vliegt Uit (2023) – al aandiende en toen ook meteen aanzienlijke vertraging opliep, is nu onvermijdelijk geworden: Kees Momma, een hypergevoelige man van halverwege vijftig met een autismespectrumstoornis, moet afscheid gaan nemen van de twee mensen rond wie hij zijn complete bestaan heeft opgebouwd.

Deze nieuwe episode uit het Kees-feuilleton begint waar de vorige film ophield: bij de woning die zijn ouders ooit voor hem kochten, even verderop in dezelfde straat te Velp, waar hij maar niet daadwerkelijk introk. Kees bleef een vaste gast van ‘pappie en mammie’ in het ouderlijk huis en het chalet dat, speciaal voor hem en zijn werkzaamheden als tekenaar, bij hen in de tuin was geplaatst.

Terwijl hun zoon in deze derde film gewoon z’n oude zelf blijft – altijd geïrriteerd ridderend, hardop denkend en zeer zorgvuldig en archaïsch formulerend – worden zijn ouders zienderogen ouder. Vader Willem oogt steeds breekbaarder, terwijl de geest van moeder Henriëtte alsmaar meer begint te haperen. Totdat zij haar zoon net zo hard nodig heeft als hij haar – al was dat waarschijnlijk altijd al zo.

De interactie tussen de onverbiddelijk wegglijdende moeder en het volwassen kind dat haar koste wat het kost probeert vast te houden en daarbij geen oog wil/kan hebben voor wat zij nodig heeft, is pijnlijk om te aanschouwen. Hoewel ze soms rechtstreeks wordt aangesproken door Kees en hij haar zo nu en dan ook brieven schrijft, slaagt Nolte er op zulke momenten in om zich geheel onzichtbaar te maken.

Dit geeft Kees Vliegt Écht Uit (87 min.) iets heel intiems – de façade voorbij, op het ongemakkelijke af. In lang uitgesponnen scènes wordt langzaam maar zeker het kleed onder het bestaan van Kees (en zijn moeder) weggetrokken. Klassieke muziek of zijn modeltreinen kunnen hem dan helpen, maar rust is lang niet altijd verzekerd. Hij moet zijn leven, dat zich afspeelt op een vierkante centimeter, grondig herbezien.

Deze film openbaart tegelijkertijd geen nieuwe of andere Kees. Daarvoor hangt hij te veel aan zijn eigen rolpatronen, rituelen en preoccupaties. Monique Nolte laat echter zien dat je zelfs dan – al is het alleen uit puur lijfsbehoud – soms verder kunt springen dan je polsstok eigenlijk lang is. Naar een ander bestaan, opgedrongen door een nieuwe werkelijkheid. De toekomst is dus onvermijdelijk: Kees Solo.

En dat is tevens de titel van de vierde Kees-film, waarmee Monique Nolte haar hartveroverende feuilleton binnen afzienbare tijd vervolgt – al lijkt haar onweerstaanbare hoofdpersoon ’t daarin tóch weer niet alleen te gaan doen.

Meisjes Van De Goede Herder

VPRO

‘Lang, mager meisje’, leest oud-pupil Lies Vissers in haar eigen dossier. ‘Infantiel’. En: ‘probleemkind.’ Toen Lies twaalf was, overleed haar vader. Moeder kon de opvoeding alleen niet aan. En dus werd de oudere vrouw halverwege de jaren zestig als tiener naar één van de vijf Nederlandse kloosters van de Zusters van de Goede Herder-congregatie gebracht. Daar werd ze volgens eigen zeggen ‘gedepersonaliseerd’ en voor het leven beschadigd.

Joke de Smit was één van de 20.000 andere ‘gevallen meisjes’ die als tiener bij de katholieke kloosterorde werden ondergebracht. Ze kregen er werk in naaiateliers en wasserettes toebedeeld en werden flink afgeknepen door de aldaar werkzame nonnen. Joke ervoer het als een bijzonder liefdeloze omgeving, een soort jeugdgevangenis. ‘Vanaf dat moment ben ik heel rebels geworden.’ Samen met Lies, met wie ze een lekker no-nonsense duo vormt, en zeventien andere beschadigde vrouwen heeft zij nu advocaat Liesbeth Zegveld in de arm genomen om de Goede Herder voor de rechter te dagen.

Documentairemaakster Britta Hosman sluit voor de vierdelige serie Meisjes Van De Goede Herder (208 min.) drie jaar lang bij hen aan, maar laat ook de gedaagden aan het woord: de huidige directeur van de congregatie, Hubert Janssen, en de laatste nog levende en inmiddels behoorlijk fragiele Zusters. Zij geven een gezicht aan het repressieve systeem dat ook internationaal steeds meer onder vuur is komen te liggen. In Ierland bijvoorbeeld, waar wantoestanden bij de zogenaamde Magdalene Laundries voor veel ophef en aangrijpende slachtofferverhalen hebben gezorgd. 

Waar de verhalen over de Zusters van de Goede Herder – geïllustreerd met fraaie zwart-wit beelden uit een verloren tijd, die zich nochtans tot dik in de jaren negentig heeft uitgestrekt – ook vandaan komen, ze bevatten steeds dezelfde elementen: vernedering, tucht en dwangarbeid. Ook in Nederland, waar de meisjes aan het werk werden gezet voor het koninklijk huis en bedrijven als C&A en Vroom en Dreesman. De kloosterorde stak de opbrengst daarvan in eigen zak. Het is één van de onderwerpen die worden opgebracht tijdens de rechtszaak tegen de katholieke congregatie.

Met een bespiegelende voice-over, waarmee ze op z’n Schuldigs of Stuks ook in het hoofd van haar personages probeert te kruipen, kadert Hosman alle ontwikkelingen in. Ze schuwt ook confronterende vragen aan de huidige leiding van de Herder niet. Directeur Janssen stelt zich dan tot taak om de zaken nog zoveel mogelijk in een positief daglicht te plaatsen. Hij loopt daarbij alleen gedurig achter de feiten aan. Het ene verwijt is nog niet (min of meer) gecounterd of de volgende kwestie dient zich alweer aan. Anonieme graven op het Goede Herder-terrein in Almelo bijvoorbeeld.

Welk verhalen zijn daarin verdwenen en kunnen alsnog worden opgediept? In hoeverre laat een verleden dat zo gebrekkig is gedocumenteerd zich sowieso nog volledig reconstrueren en mag je daarover met hedendaagse ogen oordelen? En (hoe) kunnen misstanden met terugwerkende kracht worden gerepareerd? Is erkenning dan genoeg? Deze delicate en doortimmerde miniserie, die kritisch en toch afgewogen bericht over een nog altijd zeer gevoelige kwestie, kadert het terrein zorgvuldig in en brengt tevens nieuwe zaken aan het licht over een verleden dat pas kan afgesloten als er rekenschap over is afgelegd.

Kees Vliegt Uit

Videoland

Op zijn geheel eigen wijze is Kees Momma een soort Bekende Nederlander geworden. Misschien niet eens zozeer door Monique Nolte’s film Het Beste Voor Kees (2014), als wel door scènes uit de documentaire die ‘viral’ gingen via sociale media en televisieprogramma’s: Kees in de auto die helemaal losgaat op Duitsers, Kees die voortdurend tobt over het weer of Kees die Nolte een ferme veeg uit de pan geeft omdat ze iets in zijn huis omstoot.

Daardoor dreigde Kees een soort cultfiguur te worden: een karikaturale variant op de klassieke autist, die er een geheel eigen denkwereld op nahoudt, spreekt in heel precieze en archaïsche taal en soms ongenadig op de lachspieren werkt. Terwijl die film in wezen toch een tamelijk sombere aangelegenheid is. Over een volwassen man, die vastzit bij zijn vader en moeder en geen kant op kan of wil – en twee ouders die hun kind niet kunnen/willen loslaten.

Dit vervolg gaat verder waar Het Beste Voor Kees ophield – al is ‘verder’ een relatief begrip in het universum van Kees. Hij klampt zich vast aan wat hij heeft en zou dat het liefst tot aan het einde der tijden bij zich houden – zijn geliefde moeder, die zich helemaal voor hem wegcijfert, in het bijzonder. Toch probeert hij in Kees Vliegt Uit (105 min.) via een nieuwe woning en een contactpersoon/vriendin wel degelijk stappen richting de toekomst te zetten.

Dan blijkt er alleen een wereld van verschil te zitten tussen wat zijn ouders denken dat goed voor hem is en wat Kees zelf wil – of denkt te willen. Intussen krijgt de ouderdom steeds meer vat op moeder Henriëtte en vader Willem en wordt de vraag of Kees het zonder hen redt alsmaar nijpender. Hij wil duidelijkheid over een mogelijke toekomst zonder hen, maar is nauwelijks in staat om die daadwerkelijk te imagineren en concrete stappen te zetten.

Kalm volgt Monique Nolte het kleine leven van Kees, dat ze structureert met zijn ingelezen brieven aan haar, de chroniqueur van zijn aardse beslommeringen. Ze omlijst de rimpelingen in zijn bestaan – ongewenste geluiden, hummende mensen (die gewoon ja of nee moeten zeggen) – bovendien met beelden van de lucht die zijn geordende leventje elk moment kan verstoren met neerslag, het uitblijven daarvan of te hoge of juist te lage temperaturen.

Naarmate de film vordert wordt de gezondheid van zijn ouders zienderogen brozer, een gegeven dat nog eens wordt geaccentueerd met familiebeelden van het jonge gezin Momma. Het jongetje van toen moet nog altijd uitvliegen, maar verkiest uiteindelijk toch steeds het veilige kooitje dat hij met hen voor zichzelf heeft gecreëerd. Dat begint steeds meer te knellen. Totdat het, althans voor een buitenstaander, eigenlijk nauwelijks meer verantwoord lijkt.

In die zin eindigt deze film net als z’n voorganger. Met de belofte dat dit intrigerende levensverhaal opnieuw wordt vervolgd. Of de betrokkenen dat nu willen – of kunnen – of niet. Met z’n allen schuifelen ze op kousenvoeten verder door het leven van Kees.

In 2025 verschijnt de opvolger voor deze Kees-film: Kees Vliegt Écht Uit.