The Librarians

Dogwoof

The Cider House Rules, Fahrenheit 451 en – natuurlijk – The Handmaid’s Tale. Zomaar enkele titels van de 850 boeken die de Republikeinse volksvertegenwoordiger Matt Krause in 2021 wil laten verwijderen uit de schoolbibliotheken van de Amerikaanse staat Texas. De thema’s van de boeken die in de ban moeten worden gedaan zijn voorspelbaar: seksuele voorlichting, LHBTIQ+-onderwerpen en alles wat maar onder de term ‘woke’ kan worden geschaard.

Het vak van bibliothecaris was, kortom, nog nooit zo spannend en – werkelijk waar! – gevaarlijk als in het hedendaagse Amerika. The Librarians (86 min.) staan, ongewild, in de vuurlinie van een cultuuroorlog die door conservatieve christenen is opgestart. Binnen de kortste keren kan een verontruste ouder een officiële klacht indienen omdat zijn of haar kind is blootgesteld aan Lentekriebels-achtige pornografie. De jaarlijkse conferentie van bibliotheekmedewerkers moet zelfs beveiligd worden.

Regisseur Kim A. Snyder (Newtown / Us Kids) laat de informatie-intermediairs in deze actuele documentaire uitgebreid aan het woord, soms uit veiligheidsoverwegingen geanonimiseerd. Daarnaast spreekt ze ideologische opponenten – althans, zo zien die dat zelf – zoals Tiffany Justice en Tina Descovich van de conservatie organisatie Moms For Liberty, die ter bescherming van Amerika’s kinderen aan een kruistocht tegen vulgair, pornografisch en ander schadelijk lesmateriaal zijn begonnen.

De vrijheid van meningsuiting komt ernstig in de verdrukking door zulk modern McCarthyisme, waarbij censuur en zelfcensuur hand in hand gaan. Op zwarte lijsten, aanklachten en authentieke boekverbrandingen volgen bijna automatisch een pijnlijk stilzwijgen. Intussen krijgt volkshysterie, veelal op religieuze grondslag, alle ruimte om voort te woekeren en spinnen slinkse populistische politici zoals Ron DeSantis, de Republikeinse gouverneur van Florida, daar weer garen bij.

Met politieke benoemingen in schoolbesturen en gecoördineerde campagnes wordt een oerconservatieve ideologie opgedrongen aan kinderen en tieners. En de bibliothecaris die zich daartegen verzet loopt het risico ontslagen, aangehouden of zelfs uit de weg geruimd te worden. De conservatieve activist Bruce Friedman de zelfverklaarde ‘Michael Jordan of book banning’ spreekt bijvoorbeeld uit dat hij bibliotheken koste wat het kost wil zuiveren. En iedereen die in zijn weg staat? ‘Run over them like a dead body.’

John Irving, Ray Bradbury en Margaret Atwood hadden ‘t zo gek niet kunnen verzinnen. Bijna dan.

Life After

Together Films

Het heeft nogal wat voeten in de aarde als Elizabeth Bouvia in 1983 in haar rolstoel de rechtszaal in het Californische Riverside wordt binnengereden. De 25-jarige vrouw, die in haar dagelijks leven volledig afhankelijk is van de zorg van anderen, eist het recht op om te mogen sterven – om zichzelf, onder begeleiding, te mogen uithongeren. Deze aangekondigde dood zal haar door de rechter echter niet worden gegund.

In 1997 wordt Bouvia, liggend in bed, nog eens voor het televisieprogramma 60 Minutes geïnterviewd door Mike Wallace. Daarna verdwijnt ze van het toneel. Filmmaker Reid Davenport vraagt zich bij de start van Life After (99 min.) af of het boegbeeld van de right-to-die beweging nog leeft, hoe het haar sindsdien is vergaan en wat haar erfenis is. Hij heeft zelf een ernstige lichamelijke beperking en buigt zich in deze scherpe film over het zelfbeschikkingsrecht dat zij zo nadrukkelijk heeft opgeëist.

Davenport gaat de ongemakkelijke issues niet uit de weg. Want is de keuze voor de dood, die Bouvia wilde maken en die andere mensen met een lichamelijke beperking sindsdien hebben willen maken, werkelijk ingegeven door pijn of een gebrekkige kwaliteit van leven? In hoeverre spelen praktische overwegingen daarbij ook een rol? De Canadese euthanasiewet Medical Assistance In Dying (M.A.I.D.) is bijvoorbeeld inmiddels speciaal voor mensen met een lichamelijke beperking opengesteld.

Zorgt dat niet voor (extra) druk op hen? Michal Kaliszan, een man uit Ontario, ziet in euthanasie bijvoorbeeld ‘een uitweg’. Na de dood van zijn moeder lijkt zijn enige alternatief een in zijn ogen uitzichtloos leven in een instelling. Dan verkiest hij toch de dood, zegt hij stellig, de minste van twee kwaden. Voor Michael Hickson, een man die aan een periode in coma ernstige schade overhield, maken zijn artsen die keuze. Zijn vrouw Melissa is het daar helemaal niet mee eens. Ze hoort ’t echter pas een dag later.

De ontwikkelingen rond Dying With Dignity gaan tegenwoordig snel in Canada, vertellen direct betrokkenen, véél sneller dan in traditionele gidslanden zoals Nederland en België. Daarbij wordt er volgens hen ook gecommuniceerd dat zo’n zachte dood tot lagere zorgkosten kan leiden. Over perverse prikkels gesproken. ‘Je kunt geen menselijk lijden verhelpen door mensen te doden’, vindt professor Catherine Frazee van de universiteit van Toronto, die zelf in een rolstoel zit en zuurstof krijgt toegediend. 

Reid Davenport kamt het hele gebied rond euthanasie voor mensen met een lichamelijke beperking uit, waarbij onvermijdelijk ook de eugenetica en de Amerikaanse voorvechter Jack Kevorkian van het honoreren van doodswensen, de revue passeren. Het resultaat is een emancipatoire film, die opnieuw aanzet tot nadenken over ieders (?) recht om te sterven en die eindigt waar ie begon: bij de vrouw met het, volgens sommige Amerikaanse media, ‘useless body’: Elizabeth Bouvia. Waarom wilde zij nu écht dood?