Trustorhärvan

Netflix

Vanuit een Deense gevangenis, waar hij een straf uitzit voor oplichting, begint Joachim Posener halverwege de jaren negentig het ‘Team Moyne’ samen te stellen. Voor een klus, de frauduleuze overname van een beursgenoteerd bedrijf, waarmee ze helemaal gaan binnenlopen. Zijn flamboyante neef Thomas Jisander, ‘consultant’, zal functioneren als z’n postiljon d’amour, terwijl diens maatje Peter Mattsson, kind van een bevoorrechte familie uit Gothenburg, voor de contacten zorgt. Zakenman Lindsay Smallbone wordt de beoogde ‘managing director’. En de Britse Lord Moyne, het zwarte schaap van een familie die fortuin heeft gemaakt met Guinness-bier, moet het geheel voldoende cachet geven. Zij worden Poseners stromannen in de Trustor-affaire.

Posener wil de aankoop van de Zweedse investeringsmaatschappij Trustor financieren met haar eigen kasreserve. Uitroepteken. Zo zet hij in 1997 een enorm oplichtingsschandaal, waarbij honderden miljoenen Zweedse kronen verdwijnen, in gang. Trustor wordt leeg geplunderd. En Posener had naderhand vermoedelijk niet eens de benen hoeven te nemen als zijn patserige neef Thomas, bijgenaamd Mr. No Limit, daarna niet ongegeneerd met geld was gaan smijten. ‘s Mans champagnefeesten in Saint-Tropez worden binnen de kortste keren een begrip. En Jisander laat zich, getuige enkele smakelijke scènes in Trustorhärvan (internationale titel: Inside The Trustor Scandal, 102 min.), nog altijd graag voorstaan op het luxe leven.

‘Als die jongens niet waren gaan pierewaaien aan de Côte d’Azur, waren ze er waarschijnlijk mee weggekomen’, stelt de doorgewinterde financier Björn Björnsson, een hardliner met naar verluidt de bijnaam ‘de Terminator van de zakenwereld’, in deze ferme witte boorden-docu van Karin Af Klintberg. Als er stront aan de knikker blijkt te zijn, moet hij als liquidateur de belangen van de aandeelhouders veiligstellen. Intussen heeft Trustors adjunct-directeur Richard Djursén, volgens Björnsson niet meer dan een ‘useful idiot’, in het openbaar de klappen opgevangen. De affaire zit de brave burgerman Djursén, bijna dertig jaar na dato, nog altijd zeer hoog. Hij gaat zichtbaar gebutst door het leven – al zit ie er tegenwoordig ook opvallend warmpjes bij.

Af Klintberg heeft daarmee enkele van de belangrijkste spelers voor de camera gekregen, waaronder zowaar ook Posener zelf. Hij is al drie decennia een enigma. Op de vlucht voor Interpol wordt ie in zowat elke uithoek van de wereld gespot. Nu de misdrijven zijn verjaard, wil hij er eindelijk openlijk over praten. Samen met de Zweedse rechercheur Jochum Söderström en journalist Gunnar Lindstedt leiden deze Team Moyne-leden de filmmaakster door het doolhof van de Trustor-affaire, waar wetten niet meer dan richtlijnen zijn – voor als het zo uitkomt – en de waarheid een zeer rekbaar begrip blijkt. Zij benadert hen met gezonde scepsis, kadert hun beweringen in met een snedige voice-over en probeert zo de feiten van de fictie te scheiden.

Met die no nonsense-attitude, gepaard aan een gedegen uitleg van allerlei ondoorzichtige malafide constructies en soms een opzichtige knipoog, tekent Trustorhärvan een financieel schandaal op, dat uiteindelijk een nogal ironische uitkomst krijgt. Op rekening van de belastingbetaler.

An Irish Story: This Is My Home

Netflix

Het wereldrecord staat nu op vijftig optredens in vijftig Amerikaanse staten in vijftig dagen. Dat kunnen The Black Donnellys beter. Slogan: ‘60 shows, 50 states, 40 days’. De Ieren weten waarover ze spreken: zanger/songschrijver Dave Rooney en gitarist/mandolinespeler Dave Browne waren tevens betrokken bij het langste optreden aller tijden: 372 uur. En Browne is ook in zijn eentje al eens doorgedrongen tot het Guinness World Records-boek. Hij speelde ooit 114 uur aaneengesloten gitaar.

Daarmee zijn de hoofdrolspelers geïntroduceerd voor een als leutige roadmovie vermomde recordpoging: An Irish Story: This Is My Home(90 min.) van Karl Nickoley. Waarbij de kijker op voorhand al weet: over welke hobbel de mannen zich ook moeten slepen en welke tegenslag ze ook krijgen te verwerken, aan het eind van de rit staat (er) Guinness klaar. Toch? Nádat De Twee Daves, die er allebei smakelijk over kunnen vertellen in de pub, nog een laatste horde hebben genomen, welteverstaan.

Vermindert die voorspelbare afloop – terwijl ik dit typ, is de film pas twintig minuten onderweg – het kijkplezier onderweg? Dat lijkt me een vraag om over een uurtje te beantwoorden. [Uurtje on the road: geen camper, gebroken teen, vulkaanuitbarsting, stemmingswisselingen, geldtekort, een GoFundMe-campagne, toch camperproblemen, tornado, bevlogen ode aan een overleden nicht, opnieuw camperproblemen en geldtekort, andere camper en – altijd en overal – optreden]. Komt ie: niet echt.

Zolang diezelfde kijker – buiten tamelijk obligate bespiegelingen over het muzikantenbestaan, The American Dream en de plek van (Ierse) immigranten in het land van hoop en dromen – geen al te hoge eisen stelt aan zoiets arbitrairs als dieperliggende thematiek en bestand is tegen de Bassie & Adriaan-dynamiek van Rooney en Browne. Dan is An Irish Story gewoon een aardig verhaaltje over getapte jongens die lekker(e) muziek maken en wel/niet (ik weet ‘t inmiddels!) een nieuw wereldrecord vestigen.

Dark Rider

Cinema Delicatessen

‘Gaan, gaan, gaan…’, brult Kevin Magee naar zijn maat Ben Felten. ‘Links.’
‘Gaan, gaan, gaan. Gaan, gaan, gaan. Links.
Gaan, gaan. Rechts. Rechts.
Links. Rechts. Rechts.
Rechts. Rechts.
Links. Links. Links.
Afbreken. Afbreken. Afbreken.’

Na afloop van een rit over een uitgestrekte zoutvlakte in Zuid-Australië constateert motorrijder Ben Felten met z’n begeleidingsteam dat hij overcompenseerde: hij maakte van Magee’s kleine links of rechts een grote. Dat schiet niet op. Samen met de oud-topcoureur moet Felten ervoor zorgen dat hij vasthoudt aan zijn lijn. Zigzaggen of zwabberen zou wel eens tot gevaarlijke situaties kunnen leiden en brengt hem sowieso niet bij de beoogde topsnelheid.

Net als andere deelnemers aan de Speed Week rijdt Felten puur op gevoel. Hij heeft alleen geen ogen om op koers te blijven. De 51-jarige Australiër heeft een degeneratieve oogziekte. Hij is sinds zijn 37e volledig blind. Samen met zijn boezemvriend ‘Magoo’, een voormalig Grand Prix-kampioen, wil hij het Guinness Book Of Records halen, als snelste blinde ter wereld. Daarvoor zal hij ruim 260 kilometer per uur moeten racen. Onder het motto: go fast or go home.

Dark Rider (93 min.) speelt zich af tegen een weergaloos decor, dat door cameraman Carl Rottiers is vervat in zinnenprikkelende panoramabeelden. Samen met point of view-shots vanaf de motor maken die Feltens queeste tot een belevenis. Tegelijkertijd komt deze documentaire van de Vlaamse filmmaakster (en motorrijdster) Eva Küpper ook héél dichtbij haar protagonist en diens boezemvriend. Zo wordt de film behalve enerverend en oogstrelend ook echt ontroerend.

Küpper introduceert tevens de dertienjarige Jed. Hij heeft eveneens een oogziekte en vraagt zich af hoe een leven met verminderd of zelfs zonder zicht eruit zal zien. Met zijn Kawasaki – nummerplaat: Blind1 – fungeert Ben Felten als rolmodel voor hem. Hij inspireert de jongen om zelf ook een motorfiets te bestijgen en, blind vertrouwend op zijn directe omgeving, het gaspedaal in te trappen. Net als Ben en ‘Magoo’ onderweg naar nieuwe stippen op de horizon.

Deze prachtige film is dan allang het niveau van de gemiddelde sportdocu ontstegen. Dark Rider is niets minder dan een ode aan het leven van mannenmannen, het aangaan van de uitdagingen die dat met zich meebrengt en de loyale vriendschap – veel smalltalk, stekelige grapjes en zo nu en dan een houterige knuffel – waarmee ze tegenslagen het hoofd proberen te bieden. En soms pinkt er iemand, stiekem, even een traantje weg.