Deel Van Mij: De Zoektocht Naar Mijn Anonieme Donor

Doxy / EO

Hoe oud kun je worden met een beenmergtransplantatie? vraagt Jelmar van Belle zich af. Hij heeft als tiener leukemie gehad en in 2001 een transplantatie ondergaan. Op z’n zestiende kreeg hij daarvoor stamcellen van een anonieme donor. Inmiddels is de filmmaker de veertig gepasseerd en voelt hij de behoefte om dat beladen verleden nog eens op te zoeken: zowel het onbekommerde gevoel van de laatste zomervakantie in Spanje voordat hij slecht nieuws kreeg, als de onbekende persoon die destijds zijn leven heeft gered.

Aan het begin van Deel Van Mij: De Zoektocht Naar Mijn Anonieme Donor (57 min.), de film die hij samen met zijn goede vriend Thomas Sykora heeft gemaakt, neemt Jelmar contact op met Stichting Matchis, in een poging om, in weerwil van de regels, zijn donor persoonlijk te kunnen bedanken. De medewerker die hem telefonisch te woord staat tempert meteen zijn verwachtingen: hij mag een brief of kaart schrijven, met een presentje van hooguit vijftien euro erbij. In het Engels, zonder persoonlijke informatie. Zij kunnen dit dan, geheel geanonimiseerd, doorsturen.

Stukje bij beetje weet Van Belle, via familieleden, behandelaars en het spoor van de stamceltransplantatie in medische dossiers, tóch informatie over de donatie te verzamelen. Er zou sprake zijn geweest van een koffertje, dat afkomstig was van buiten Europa en zo’n drieduizend kilometer heeft afgelegd om hem als tiener te bereiken. Terwijl hij zo de donor probeert te traceren en alvast opneemt wat hij die zou willen vertellen, vraagt ook zijn gezondheid weer aandacht. De behandeling van 25 jaar geleden heeft z’n sporen achtergelaten in zijn lichaam.

Het ‘bonusleven’ dat hij leeft, soms letterlijk per dag, komt weer in zeer woelig water terecht. Dapper blijft Jelmar documenteren hoe hij opnieuw in behandeling moet en weer wordt geconfronteerd met de sterfelijkheid van het bestaan. Dit indringende proces, vanuit zijn eigen perspectief vastgelegd, drukt dan de vraag naar achteren waarmee deze film begon: mag je als ontvanger weten wie je heeft geholpen? Die blijft tegelijk actueel. Zeker nu de Gezondheidsraad onlangs een nieuw advies heeft gegeven, dat perspectief biedt aan stamcelontvangers zoals hij.

Samen ronden Jelmar van Belle en Thomas Sykora intussen ook deze aangrijpende weerslag van zijn persoonlijke zoektocht en ziekteproces af. Ze maken het verhaal, dat nog wel even nazindert, uiteindelijk helemaal rond. Terug naar af: naar die zorgeloze zomer in Spanje.

Football’s Financial Shame: The Story Of The V11

BBC

Zijn ze gewoon slecht geadviseerd? Of toch keihard voorgelogen en opgelicht? Ooit speelden de leden van The V11 in The Premier League en wonnen ze kampioenschappen, bekers en internationale titels. Nu balanceren de Britse voetballers al jaren op de rand van de financiële afgrond.

Neem Danny Murphy (V7). De middenvelder speelde ruim vierhonderd duels voor clubs zoals Liverpool, Tottenham Hotspur en Fulham en schat in dat hij uiteindelijk zo’n vier tot vijf miljoen pond kwijt is geraakt aan beroerde investeringen. ‘Veel mensen vinden dat ik sowieso te veel betaald kreeg’, stelt de voormalige Engelse international in Football’s Financial Shame: The Story Of The V11 (94 min.). ‘Zo erg kan het dus niet zijn voor mij. Je was bevoorrecht en hebt er zelf een rotzooi van gemaakt, zeggen ze dan. En nu ben je net als wij. En ze denken dat ik nog wel een miljoen of vier heb liggen. Nou, niet dus.’

Murphy is één van de zogeheten V11, een ‘elftal’ oud-profs dat een groep van zo’n tweehonderd betaald voetballers vertegenwoordigt. Op advies van Kingsbridge Asset Management, de investeringsmaatschappij van David McKee en Kevin McMenamin, staken zij hun geld in speelfilms, aandelen en onroerend goed en gingen daarmee gigantisch het schip in. Bekende spelers zoals Michael Thomas, Rod Wallace en Brian Deane zitten daardoor al jaren op zwart zaad. Niet in het minst omdat ze, opgelicht of niet, daarna ook nog een kolossale aanslag van de belastingdienst ontvingen.

Regisseur Richard Milway volgt de oud-voetballers gedurende enkele jaren, waarin ze hun recht proberen te halen en ondertussen een faillissement – en de bijbehorende huisuitzettingen, echtscheidingen, verslavingen en/of depressies – proberen af te wenden. Zij worden bijgestaan door gedreven juristen en financieel deskundigen, die ervan overtuigd zijn geraakt dat hun cliënten doelbewust zijn getild door lieden die ze jarenlang tot hun dierbaarste vrienden rekenden. Variërend van ‘dit is in orde, teken maar bij het kruisje’ tot slinkse valsheid in geschrifte en doelbewuste oplichting.

Milway maakt zeer aannemelijk dat er inderdaad sprake is van kwade opzet. McKee en McMenamin laten zich daarover echter niet aan de tand voelen. Zij houden ’t bij een schriftelijke verklaring, die als een nogal laf weerwoord steeds terugkeert in deze schrijnende journalistieke docu. Ze werpen daarin alle beschuldigingen ver van zich. En ook de bekende Engelse trainer en oud-bondscoach Howard Wilkinson, die tot 2024 maar liefst 32 jaar voorzitter was van de invloedrijke League Managers Association en in die hoedanigheid warme contacten onderhield met Kingsbridge, geeft niet thuis.

De Britse politie is er intussen eveneens van overtuigd geraakt dat dit zaakje stinkt, maar daarmee is dat nog niet wettig en overtuigend bewezen. En dus staat het water sommige V11’ers – de V staat overigens, een mooi staaltje ‘wishful thinking, voor ‘victors’, overwinnaars – aan de lippen. Als eerste generatie Premier League-spelers, die vermoedelijk dachten dat hun geld nooit meer op zou raken, vielen zij ten prooi aan de haaien die grootverdieners nu eenmaal altijd omcirkelen. Football’s Financial Shame maakt van deze voormalige voetbalsterren weer kwetsbare mensen van vlees en bloed.

Nadat zij voor het oog van de wereld hun jongensdroom hadden waargemaakt, werden ze na hun sportcarrière onder een wel héél koude douche gezet.