The Jinx: The Life And Deaths Of Robert Durst


Verdacht van drie afzonderlijke moorden, maar nooit veroordeeld. Ook al heeft Robert Durst toegegeven dat hij één van de lijken in stukken heeft gezaagd en vervolgens in het water heeft gedumpt. Dat is het fascinerende uitgangspunt van de Amerikaanse true crime-klassieker The Jinx: The Life And Deaths Of Robert Durst (268 min.) uit 2015, die in eigen land een ongelofelijke mediahype veroorzaakte.

Meer zou je eigenlijk niet moeten willen weten over deze opzienbarende zesdelige serie, die in zijn geheel online is te bekijken. En ga ook vooral niet googelen op Durst, zijn steenrijke New Yorkse vastgoedfamilie of de moorden waarvan hij wordt verdacht, waaronder die op zijn echtgenote Kathleen McCormack. Je zou op informatie kunnen stuiten die de overrompelende kijkervaring kan vergallen. The Jinx bekijk je bij voorkeur zonder enige verdere voorkennis.

Feit is – voor de nieuwsgierige aagjes onder ons, die zich toch niet kunnen bedwingen – dat Robert Durst een hoofdpersoon is om van te dromen: charmant, gelaagd en totaal onvoorspelbaar. En soms ronduit angstaanjagend. In regisseur Andrew Jarecki, die eerder al de prachtige documentaire Capturing The Friedmans maakte, treft Durst echter een waardig opponent, die samen met hem op zoek gaat naar de waarheid. Daarbij gaan de handschoenen uit en – spoiler alert! – blijven de zendersetjes aan.

Dat is dan ook écht alles wat je hoeft te weten over deze superspannende miniserie, waarin Durst en Jarecki elkaar, zichzelf én de kijker de ene na de andere vernietigende vuistslag geven. Want The Jinx: The Life And Deaths Of Robert Durst is zowel ‘too good to be true’ als ‘too true to be good’.

Trump: An American Dream

 

Is er iets óver, ván of mét Donald Trump te bedenken wat we nog niet weten (en wat we dan ook nog zouden wíllen weten)? Of is onze honger om alles te vernemen over de Amerikaanse president werkelijk niet te stillen? De vierdelige documentaireserie Trump: An American Dream(221 min.) zoekt het in elk geval niet in nieuwe schandalen of pijnlijke onthullingen, maar probeert via zijn publieke leven de man achter de (zelf gecreëerde) mythe te vinden en schetst intussen een portret van het hedendaagse Amerika.

Niet op de hap-slik-weg manier, waarbij boude statements, scherpe veroordelingen of overtrokken  loftuitingen elkaar afwisselen – op zijn Trumps, zeg maar. Maar gedegen, afgewogen en genuanceerd. Daarvoor gaat de serie van Barnaby Peel terug naar de jaren zeventig. Naar de beginnende ondernemer Donald J. Trump, een jonge hond die zijn succesvolle vader Fred naar de kroon wil steken. Een cocky mannetje, dat zeker, maar bepaald niet het karikaturale personage dat veertig jaar later president van de Verenigde Staten zal worden.

Trump: An American Dream belicht met een zorgvuldige mixture van treffend archiefmateriaal en interviews met intimi, medewerkers, journalisten en opponenten achtereenvolgens zijn vastgoedcarrière in New York, de casino’s in Atlantic City die hem aan de rand van de financiële afgrond brachten, zijn celebrity-huwelijken met de bijbehorende publieke crises en de politieke carrière die hem het presidentschap bracht. Ergens onderweg heeft hij elke reserve laten varen; de ambitieuze entrepeneur transformeert voor je ogen in zowat de verpersoonlijking van reality-tv. Van snelle jongen naar boze witte man, zogezegd.

Rest de vraag: waarom? Had hij al die bravado, zelffelicitatie en blufpoker nodig, zo vraagt deze Britse docuserie zich af, om uit de schaduw van Fred Trump te kunnen springen? En welke rol speelde de rücksichtslose advocaat Roy Cohn, de voormalige rechterhand van de beruchte Amerikaanse communistenjager Joe McCarthy, in dat proces? Voor Cohn, die de jonge Donald onder zijn hoede nam, telde werkelijk maar één ding: winnen. Ten koste van alles en iedereen. Graag zelfs. En als een ander toevallig eens won, dan betekende dat indirect verlies voor jou en moest diens kop er dus af. Liefst in het openbaar.

Die eenvoudige logica lijkt Trump ook als politicus te typeren. Trump: An American Dream hamert dat er niet in. Het vierluik doet het bijvoorbeeld zonder voice-over en laat de beelden, getuigen en The Donald zelf voor zichzelf spreken. En zo kom je tot nieuwe inzichten – de gelijkenissen tussen de politieke carrières van Trump en worstelaar Jesse Venturabijvoorbeeld – en stuit je zelfs nog op nieuwe weetjes over de vleesgeworden mediahype. Dat zijn favoriete film de Orson Welles-klassieker Citizen Kane is, bijvoorbeeld. Over een tycoon die alleen en verbitterd eindigt. Waarbij Trump, de man die toch zo opzichtig zweert bij uiterlijk vertoon, vreemd genoeg constateert dat geld niet gelukkig maakt en je zelfs van de rest van de wereld kan isoleren.

Als bijsluiter voor deze uitstekende serie adviseer ik de documentaire Get Me Roger Stone van Morgan Pehme, eveneens te zien op Netflix. Deze kostelijke film over de schmutzige rechterhand van Donald Trump is zowel schokkend als grappig en geeft nog meer inzicht in het fenomeen The Donald.