Ai Weiwei: Never Sorry

‘Kunnen we je moeder bezoeken om haar naar jou te vragen?’ wil de interviewer weten. Dat lijkt Ai Weiwei geen goed idee. ‘Ze is oud. Zoals zij naar me kijkt, zo ben ik niet.’ De Chinese kunstenaar en activist denkt even na. ‘Ik heb een idee: misschien kun je een willekeurige vrouw vragen om mijn moeder te zijn. Dat lijkt me prima. Vraag haar naar haar eigen zoon en vul dan mijn naam in.’ Het is Ai Weiwei ten voeten uit: tegendraads, in your face en met geheel eigen humor

Even later komt Gao Ying, Ai Weiweis echte moeder, niettemin gewoon binnen. ‘Ik ben heel trots, want hij spreekt zich uit voor de gewone burger’, stelt ze. ‘Maar ik zou willen dat hij alleen kunstenaar was. Één persoon kan nooit de problemen van een heel land oplossen.’ Tegen haar zoon, die al enige tijd op ramkoers ligt met het Chinese bewind, zegt ze. ‘Ik lig elke nacht wakker. Ik maak me zo’n zorgen dat ze je keihard gaan aanpakken.’ Hij reageert ogenschijnlijk stoïcijns. ‘Als ze me willen pakken, dan doen ze dat. Daar hebben we geen vat op.’

Ai Weiwei steekt zijn verbolgenheid over het Chinese regime, vervat in een foto met opgestoken middelvinger op het Tiananmen-plein, in elk geval niet onder stoelen of banken en probeert bovendien de onderste steen boven te krijgen in de kwestie rond de verpletterende aardbeving in Chengdu, waarbij tienduizenden doden vielen. Ook daarmee maakt hij geen vrienden. In de documentaire Ai Weiwei: Never Sorry (91 min.) uit 2012 wordt tastbaar hoe hij zich zo in een hoek van de kamer schildert. Trammelant met de autoriteiten is onvermijdelijk. En die komt er dan ook.

Regisseur Alison Klayman, die Ai Weiwei twee jaar filmde, belicht daarnaast met familieleden, collega’s, activisten en kunstkenners zijn achtergrond, persoonlijk leven, periode in New York en meest spraakmakende projecten, zoals het schilderen van een Coca Cola-logo op een antieke vaas en het voor de camera kapot smijten van een kostbare urn uit de tijd van de Han-dynastie. Kunst waarmee hij ‘the talk of town’ werd, maar zich ook ontwikkelde tot doelwit voor een regime dat van zijn onderdanen weinig strapatsen, en al helemaal geen openlijke tegenspraak, duldt.

‘Hij moet zichzelf echt beschermen, want hij is zo belangrijk’, meent collega-kunstenaar Chen Danqing in deze sprankelende film. ‘Ik weet heel goed hoe het hier gaat. Uiteindelijk proberen ze je te vernietigen. Dan zou hij weg zijn. En dat zou een enorm verlies betekenen.’ De man in kwestie reageert in stijl. ‘Wat kunnen ze me doen?’ tweet Ai Weiwei onverschrokken. ‘Niets anders dan deporteren, kidnappen en gevangenzetten of me gewoon helemaal laten verdwijnen.’

Mijn Naam Is Stefano Keizers

BNNVARA

‘Je hebt het niet verneukt’ probeert theaterregisseur Jelle Kuiper de schade te beperken na de première van de voorstelling Sorry Baby. Cabaretier Stefano Keizers, tevens bekend vanwege zijn deelname aan de televisieprogramma’s De Slimste Mens en Maestro, laat zich echter niet overtuigen. ‘Ik heb het gewoon verpest’, zegt hij mismoedig. ‘Wat wil je dat ik eraan doe? Ik schaam me ervoor.’ Keizers begint even later zelfs met zijn vuisten op tafel te slaan en schreeuwt vervolgens met overslaande stem: ‘Ik heb het gewoon ongelofelijk kut gedaan!’

Die plotselinge woede zou niet misstaan in een slecht toneelstuk over een getormenteerde kunstenaar die zich heeft verslikt in die altijd moeilijke tweede voorstelling. Het is tevens een treffende openingsscène voor de docu Mijn Naam Is Stefano Keizers (50 min.), die vervolgens zes maanden terug in de tijd gaat: als de protagonist een documentaire over zijn leven aankondigt in de talkshow Pauw. ‘Ik zou nu eindelijk wel een keer willen weten of het allemaal een rol is die ik speel of dat ik echt zo ben als dat ik zeg en denk dat ik ben.’

‘Wat denk jij, Lavinia, is er een ontmaskering gaande?’, wil Jeroen Pauw weten van de maakster van de documentaire, die nu inmiddels bijna vijf minuten onderweg is. ‘Ik denk dat het een hele grote strijd wordt’, antwoordt Lavinia Aronson. ‘Tussen ons.’ Dat verbale steekspel krijgt vervolgens vorm via een serie ontmoetingen, waarbij de filmmaakster als een soort beste vriendin opereert: een drankje nuttigend, geinend met speelgoedpistooltjes of sparrend met een boksbal. Intussen bestookt ze hem met persoonlijke vragen, waarmee ze zo nu en dan zowaar een gaatje lijkt te prikken in het pantser Stefano Keizers (een alter ego van ene Gover Meit).

In eerste instantie lijkt die totaal mislukte voorstelling dan overigens nog behoorlijk in de steigers te staan. Gaandeweg begint Aronsons hoofdpersoon – wiens achtergrond en carrière worden geschetst met jeugdfilmpjes, televisiefragmenten en doldwaze sketches en een ludiek interview met broer Felix – echter een licht ontredderde indruk te maken. Al kan dat ook onderdeel van z’n ongrijpbare spel zijn. Keizers lijkt voortdurend op het slappe koord tussen genie en gekte te balanceren, waarbij het nooit helemaal zeker is of hij het achterste van zijn tong laat zien of die juist provocerend uitsteekt.

Dat gevoel van desoriëntatie wordt nog eens versterkt door de ruwe cameravoering en montage. Met de ene na de andere rare bokkensprong stevent de theatermaker (letterlijk) uiteindelijk af op de gedoemde première van zijn tweede voorstelling, waarin het uitgangspunt dat die is mislukt een integrale rol speelt. Zodat feit en fabel volledig zijn verweven. Waarna Keizers dus, tevens de slotscène van deze ontregel(en)de tv-docu, even he-le-maal uit zijn plaat gaat. Toch?

Mijn Naam Is Stefano is hier te bekijken.