
‘Als onze families onze liefde zouden zien, zou dat wellicht iets doorbreken en zouden we meer verbonden kunnen zijn’, verwoordt Aiman Hassani, bij de start van Bliksem (59 min.), het gevoel waarmee hij deze persoonlijke film over z’n relatie met Tim inging. Want hoewel ze al ruim vijf jaar samen waren, hadden hun families elkaar nog nooit ontmoet. Tim en Aiman wilden graag delen hoe gelukkig zij samen waren. En toen bleek de ware Jacob er een verborgen leven op na te houden.
Tim stamt uit een gehucht in de Achterhoek, Aiman groeide op in een Marokkaanse familie uit de omgeving van Utrecht. Ze zeiden ‘u’ tegen elkaar – teder! – en waren heel lang elkaars veilige plek. Ook nadat alles op losse groeven is komen te staan, blijft Hassani zijn leven documenteren. Om greep te krijgen op die nieuwe realiteit en zichzelf onder controle te houden. Alsof hij in de spiegel naar zichzelf blijft turen en elk afzonderlijk element van z’n eigen verlies wil optekenen.
Hassani filmt bijvoorbeeld hoe hij een filmpje terugkijkt dat hij ooit samen met Tim maakte tijdens het koken. En dat krijgt de kijker van Bliksem dan weer te zien. Meermaals. Zoals die ook wordt meegenomen naar de sportschool, waar Aiman een nieuwe routine vindt – en een nieuwe versie van zichzelf, met een wasbord. Hij gaat ook nog naar de kapper. Het lijken afscheidsrituelen, van een jonge man die op drift is geraakt/gebracht. Losgeraakt, ook van zijn familie.
‘Niemand heeft je afgewezen omdat je anders bent’, zegt zijn ernstig zieke vader, in wat misschien wel hun laatste gesprek wordt. ‘Wij houden van jou omdat je Aiman bent. Jij bent onze zoon.’ Die boodschap moet nog even doordringen bij de filmmaker in deze even particuliere als universele registratie van de ontmanteling van het ene leven, om aan het volgende te kunnen beginnen.



