Disco’s Revenge

Elevation Pictures / SkyShowtime

In de New Yorkse gayscene werden swingende huisfeestjes georganiseerd. Vanuit Philadelphia weerklonk de Philly Sound. En latino’s brachten hun Boogaloo-songs in. Daarmee waren begin jaren zeventig alle grondstoffen aanwezig voor het ontstaan van een inclusieve nieuwe muziekstroming: disco.

Bij een popup-disco in New York hoorde Nile Rodgers in 1977 voor het eerst de klassieke hit Love To Love You Baby van Donna Summer, vertelt hij in Disco’s Revenge (102. In.). ‘Voor een ‘brother’ zoals ik was dat als de eerste keer seks hebben en vliegen’, vertelt de slaggitarist, die met z’n muzikale partner Bernard Edwards (bas) een sleutelrol speelde in de ontwikkeling van de lekker gelikte discosound.

Binnen twee weken had hij zijn eerste hit voor z’n groep Chic geschreven, Everybody Dance. En weer enkele weken later werd hij gevraagd om naar de nachtclub The Night Owl te komen. ‘De deejay draaide ‘t – en ik zeg dit niet om dramatisch te doen – tenminste een uur achter elkaar.’ Het was een onvergelijkelijk gevoel, dat Rodgers volgens eigen zeggen z’n hele verdere muziekleven zou blijven najagen. 

Met Nile Rodgers en andere disco-kopstukken zoals Earl Young (The Trammps), Nona Hendryx (Labelle) en Kathy Sledge (Sister Sledge) en de essentiële deejays Nicky Siano en Jellybean Benitez belichten Peter Mishara en Omar Majeed in deze gedegen film de opkomst, glorieperiode en ondergang – toen op ‘disco’ automatisch ‘sucks’ leek te volgen – van de muziekstroming die aan z’n eigen succes ten onder ging.

Death to disco, kopte Punk Magazine, het tijdschrift waarin de tegenpool van disco, punk, werd bewierookt. Disco was toen al naar Jan Modaal gebracht met de film Saturday Night Fever. Iedere zichzelf respecterende artiest had z’n eigen discohit uitgebracht. En in de überhippe club Studio 54 was het zien en gezien worden met alleen de grootste sterren. Een beetje purist wilde daar niet bijhoren.

En ook Conservatief Amerika zette zich opzichtig af tegen disco. Zou die weerstand, vervat in de discoplatenverbranding van radiodeejay Steve Dahl in 1979, ook te maken met het feit dat disco in essentie de muziek van de zwarte- en homogemeenschap was? Daarover kan geen misverstand bestaan volgens de sprekers in Disco’s Revenge, voor wie de AIDS-crisis in de eighties de definitieve genadeklap vormde.

Al zou disco natuurlijk nooit echt sterven. Hiphop (hier vertegenwoordigd door Grandmaster Flash), house (licht pionier Kevin Saunderson toe) én het Coronavirus (getuige D-Nice’s Club Quarantine) zorgden elk voor hun eigen revival van die onweerstaanbare four-on-the-floor beat. En Nile Rodgers zou nog diverse keren héél dicht in de buurt komen van dat ene onvergetelijke gevoel…

The Real Project X

Netflix

Het wordt een zestiende verjaardag om nooit te vergeten. Een dag voordat het feestje op de Stationsweg in het Groningse dorp Haren daadwerkelijk moet losbarsten, is het aantal genodigden al gestegen tot boven de 350.000. Terwijl de jarige Job, de Nederlandse tiener Merthe Weusthuis, in eerste instantie slechts 78 mensen heeft uitgenodigd. Ze maakt daarbij één klein foutje: Merthe zet het aangemaakte Facebook-evenement voor vrijdag 21 september 2012 op ‘openbaar’.

Een grapjas verzendt vervolgens 500 invites. Al snel gevolgd door anderen. Als de jarige het evenement dan toch maar cancelt, opent een andere Facebooker direct een nieuwe feestaankondiging. En als die de pagina op verzoek van Merthe’s vader delete, is er wéér iemand anders die het feest opnieuw aankondigt. Totdat de situatie he-le-maal uit de hand is gelopen. Net als in de film. Letterlijk: de Hollywood-film Project X, eerder dat jaar uitgebracht, over een feest dat he-le-maal uit de hand loopt.

‘Waar is dat feestje?’ zingen bezoekers als The Real Project X (48 min.) goed op gang komt. ‘Hier is dat feestje!’ Rellen in Haren zijn onvermijdelijk. En dat vindt zeker niet iedereen erg, getuige deze terugblik van Alex Wood, waarin Merthe en andere feestgangers de aanloop naar Project X Haren en de avond zelf nog eens de revue laten passeren. Dat moet noodgedwongen in het Engels – het gaat tenslotte om een internationale productie – waardoor die party een extra plastic Hollywood-randje krijgt.

Project X wordt nooit meer dan een sterk verhaal, waarbinnen menigeen – de nachtburgemeester van Groningen, het Harense gemeenteraadslid, de relschopper met nog altijd de borst fier vooruit en de YouTubers van StukTV die viral gaan met hun Haren-repo’s – z’n eigen heldenrol kan claimen. En Merthe Weusthuis? Die kan er achteraf, als de uiteindelijke schade toch best mee blijkt te vallen, wel om lachen. ‘Ik zou zeker zijn gegaan’, grinnikt ze, ‘als het niet mijn eigen feest was geweest.’