How Much Wood Would A Wouldchuck Chuck…: Beobachtungen Zu Einer Neuen Sprache

Werner Herzog Filmproduktion

‘Ich kann es gar nicht glauben’, zegt Steve Liptay, de nieuwe wereldkampioen veeveilen. ‘Jetzt bin Ich es!’ Althans, zo klinkt ‘t als Werner Herzog één van de hoofdpersonen van zijn korte documentaire How Much Wood Would A Wouldchuck Chuck…: Beobachtungen Zu Einer Neuen Sprache (46 min.) in het Duits nasynchroniseert. In werkelijkheid zegt de man, die zojuist zijn kinderdroom heeft verwezenlijkt: ‘I just can’t believe that I’ve done it. It’s a golden life.’

Een goede veilingmeester heeft de gave des woords, gevoel voor ritme en oog voor wie er daadwerkelijk geïnteresseerd is. Want kopers maken zich kenbaar middels kleine, soms nauwelijks herkenbare handbewegingen. Intussen draaft het vee, de koopwaar, letterlijk op, zodat het door de potentiële kopers kan worden beoordeeld. Het is een opmerkelijke setting voor een wereldkampioenschap. Want hoewel er alleen deelnemers zijn uit de Verenigde Staten en Canada, 53 in totaal, gaat het toch om het World Livestock Auctioneer Championship. Dit is en blijft tenslotte Amerika.

Herzog kijkt in deze korte docu uit 1976 mee als de dertiende editie van deze folkloristische wedstrijd, met voor het eerst ook een vrouwelijke titelpretendent, zich voltrekt in Pennsylvania en laat tussendoor enkele deelnemers aan het woord. De ene veilingmeester par excellence vertelt dat ie, onderweg voor zijn werk, op de snelweg alvast z’n mogelijke teksten oefent. Hij kan volgens eigen zeggen inmiddels vee verkopen aan de telefoonpalen. Een ander repeteert zijn ‘geratel’, dat afwisselend bewondering en een lachstuip oproept, tijdens het melken van koeien.

Het kampioenschap vindt overigens plaats in New Holland, het leefgebied van een bevolkingsgroep die zich juist afkeert van het kapitalisme: de Amish. In ‘Pennsylvaniadeutsch‘, het Westmiddelduitse dialect dat zij met elkaar spreken, bestaat zelfs helemaal geen woord voor ‘wereldkampioenschap’. En Herzog zou verder Herzog niet zijn als hij daar aan het eind, nadat ie zich het leeuwendeel van de film behoorlijk koest heeft gehouden, niet nog een grote, lekker pretentieuze draai aan geeft. Verder beperkt Der Werner zich, gelukkig, veelal tot ‘show, don’t tell’ – en ‘sell’.

Minted

PBS

Zijn NFT’s simpelweg een hype, die inmiddels alweer is overgewaaid? Of hebben ze een blijvende impact op de kunstwereld?

Toen Mike Winkelmann, alias Beeple, in 2007 dagelijks tekeningen begon te maken op zijn computer, had hij in elk geval nooit kunnen vermoeden dat die ooit zouden worden erkend als serieuze kunst – en dat hij daarmee bij het befaamde veilinghuis Christie’s zou belanden. Beeple’s digitale kunstwerk Everydays: The First 5000 Days – een Non-Fungible Token (NFT), met een unieke digitale handtekening – wordt in 2021 verkocht. Tot zijn eigen verbazing verwisselt de collage van eigenaar voor maar liefst 69 miljoen dollar. Tegenwoordig heeft Winkelmann z‘n eigen studio, waarmee hij probeert te doen wat elke toonaangevende kunstenaar volgens hem ooit deed: het vernieuwen van de kunst zoals we die kennen.

En het begon ooit zo aandoenlijk en klein. Met behulp van een floppy disk en personal computer kan Kevin McCoy in Minted (80 min.) nog steeds de originele digitale kunstwerken laten zien die hij in de jaren negentig maakte. Samen met zijn partner Jennifer stond hij destijds voor een enorme uitdaging: hoe maak je unieke werken, die niet eindeloos kunnen worden gekopieerd? De Blockchain-techniek bood uiteindelijk uitkomst. Daardoor konden NFT’s ook het levenslicht zien – al was daar in eerste instantie nog altijd geen droog brood mee te verdienen. Cars (2014), het digitale kunstwerk van Jennifer en Kevin McCoy dat geldt als de allereerste verkochte Non-Fungible Token, bracht bijvoorbeeld slechts twintig dollar op.

Sindsdien is er veel veranderd: NFT’s groeiden uit tot een hype, zowel in de kunstwereld als daarbuiten, en werden daarna onderdeel van een zogenaamde ‘crypto clash’. Nicholas Bruckman verwerkt die ontwikkeling op een toegankelijke manier in deze vlotte, interessante en speels vormgegeven film. Hij doet dat aan de hand van enkele hoofdpersonen. Fotograaf Justin Aversano begon de foto’s van zijn tweelingenproject Twin Flames enkele jaren geleden bijvoorbeeld als NFT te verkopen, kan zichzelf daardoor nu onderhouden en hoeft dus geen commerciële klussen meer aan te nemen. En de Cubaanse kunstenares Kina Matahari, die in eigen land te maken krijgt met censuur, heeft er ook creatieve vrijheid in gevonden.

Verder hebben NFT’s ook hun eigen kwetsbaarheden. Want wie zorgt ervoor dat anderen jouw werk niet als NFT gaan verkopen, zoals de Nederlandse kunstenares Loish gebeurde? Wie treedt er op als je wordt gehackt? Wat te denken van celebrities, zoals Paris Hilton met haar ‘Bored Apes’ bij de talkshow Jimmy Fallon, die een verdienmodel creëren met NFT’s, waarvan de artistieke waarde mag worden betwijfeld? En hoe wordt de markt beïnvloed, of zelfs verziekt, door allerlei lieden die snel rijk denken te kunnen worden met de handel in NFT’s? Wanneer het mis gaat en de markt crasht, is één ding in elk geval duidelijk: niet alleen gewone investeerders gaan het schip in, kunstenaars zoals Justin Aversano en Kina Matahari kunnen zomaar hun (enige) inkomstenbron verliezen.