The Last Days Of Kabul

LOOKSfilm / Filippo Genovese

Aan het eind van de eerste aflevering van deze driedelige serie valt de Afghaanse hoofdstad Kaboel voor het eerst. De Taliban, fundamentalistische moslims die het land vijf jaar lang met ijzeren hand hebben geregeerd, worden afgezet door de Amerikanen. Die zijn een ‘war on terror’ gestart nadat Osama bin Ladens terreurorganisatie Al-Qaeda op 11 september 2001 een aanslag heeft gepleegd, waarbij de Twin Towers in New York zijn gesneuveld. Bin Laden woont dan al een tijdje in bij de Taliban.

De ‘bevrijding’ van Afghanistan in 2001 is het sluitstuk van ruim twintig jaar onrust in het Aziatische land. Na een inval van de Sovjets, die vervolgens worden verjaagd door Moedjahedien-strijders, raakt het land verzeild in een permanente burgeroorlog. Ergens onderweg, in vluchtelingenkampen in buurland Pakistan, wordt de basis gelegd voor wat de Taliban zal worden. En die laat zich niet definitief verjagen. Twintig jaar later, op 15 augustus 2021, valt Kaboel opnieuw en komen de Taliban weer aan de macht.

In The Last Days Of Kabul (uitzendtitel: De laatste dagen van Kaboel, 180 min.) nemen Bence Máté en Lucio Mollica de tijd om de aanloop naar de tweede machtsovername van de moslimfundamentalisten te schetsen met insiders uit binnen- en buitenland. Hun voornaamste troeven zijn ex-president Ashraf Ghani (2014-2021), een in het westen opgeleide diplomaat, en z’n vicepresident, de omstreden krijgsheer Abdul Rashid Dostum. Die opmerkelijke tandem symboliseert Afghanistans verscheurdheid, die het vrijwel onmogelijk maakt om echte vooruitgang te boeken.

Te midden van alle onenigheid moet Ghani een vrij en democratisch Afghanistan vormgeven. Daarnaast krijgt ie ook te dealen met de wispelturige Amerikanen en dienst hij zich de Taliban, in deze miniserie vertegenwoordigd door medeoprichter Sayed Abdul Wasi Motasim, van het lijf te houden. Als de Amerikaanse regering van Donald Trump, via diens zalvend lachende ambassadeur Zalmay Khalilzad, begin 2020 in Doha een zeer omstreden deal sluit met de (voormalige) vijand, zijn Ashraf Ghani’s dagen geteld.

Máné en Mollica nemen deze ontwikkelingen ook door met vooraanstaande Afghaanse vrouwen, zoals de mensenrechtenactiviste Asila Wardak en minister van vrouwenzaken Hasina Safi. De hoop die zij hebben als Kaboel voor het eerst valt in 2001 is twintig jaar later, aan het einde van deze stevig doortimmerde miniserie, totaal vervlogen. ‘Ik kon nog maar aan één ding denken’, vertelt de journaliste Farahnaz Forotan bijvoorbeeld, als haar begint te dagen wat er op stapel staat. ‘Hoe gaan de Taliban me aanvallen?’

Afghanistan lijkt weer volledig terug bij af.

De val van Kaboel is in de afgelopen jaren overigens al vaker onderwerp geweest van documentaireseries: Escape From Kabul (2022), Leaving Afghanistan (2022) en de Nederlandse serie Holland Gate – De Vlucht Uit Kabul (2026).

Beest

Dalton

Op het televisietoestel in de rommelige woonkamer is de Nederlandse popgroep BZN te ontwaren. Het geluid is weggedraaid. Luid snuivend gaat Walter Arfeuille op zoek naar een rol tape. De morsige oudere Vlaming scheurt er twee stukken af en plakt die aan de zijkant van zijn hoofd, bij de slapen. Daarna trekt hij voor de spiegel rubberen handschoenen aan, nog altijd heel nadrukkelijk ademend. Arfeuille begint vervolgens eerst zijn lange baard en daarna zijn haren in te smeren met zwarte haarverf. In gedachten lijkt hij zo nog altijd op de viriele sterke man die ooit 220 kilogram kon tillen.

Walter Arfeuille is inmiddels al even in de zeventig. In zijn jonge jaren kon dit beest met zijn tanden ijzer buigen of een trein voorttrekken, maar nu is een fietstocht van nog geen driehonderd kilometer eigenlijk al te veel gevraagd. Toch is dat precies wat hij zich heeft voorgenomen, met de ijzeren wil die hem nog altijd kenmerkt. De voormalige spierbundel uit het West-Vlaamse dorp Vlamertinge wil het graf bezoeken van zijn grote held, de Belgische gewichtheffer Serge Reding. Die stierf op z’n 34e, naar verluidt als gevolg van dopinggebruik. Walter Arfeuille wil daar echter niets van weten.

Joost Laperre en Jillis Schriel gebruiken de fietstocht van hun (anti)held, die noodgedwongen wordt uitgesmeerd over diverse dagen, als geraamte voor hun tragikomische portret Beest (72 min.). Ondertitel: De laatste krachttoer van Walter Arfeuille. Ze doorsnijden die met impressies uit het leven van Arfeuille, een man die groot durfde te dromen, maar altijd in de schaduw bleef staan van zijn eeuwige rivaal John Massis, een bluffer die zichzelf en de concurrent, die zich had voorgenomen om hem al zijn records af te pakken, tot steeds uitzinnigere krachtpatserij dreef.

In West-Vlaams dialect steekt het Beest van wal over zijn leven, grootste prestaties en de concurrentiestrijd met Massis. In zijn eigen ogen is hij geboren voor grootsheid, in de praktijk is ’t er alleen niet altijd helemaal van gekomen. Die tragiek, gekoppeld aan een ontaarde koppigheid, maakt van hem een onweerstaanbaar filmpersonage. Niet in het minst omdat ook zijn karakterzwakheden gaandeweg steeds nadrukkelijker in het oog springen. Als getrouwde man met drie kinderen verwekte hij bijvoorbeeld twee kinderen bij een vriendin, die hij er ook weer alleen mee achterliet. Zij ziet hem nog altijd graag.

Terwijl een afgematte versie van het beest dat hij ooit was, eigenlijk altijd al een echte einzelgänger, puffend en zwoegend de verschillende etappes van zijn fietstocht naar Herbeumont probeert af te leggen, komen er ook nog wat andere lijken uit de kast en wordt het tijd voor een confrontatie met de man die stug in zijn eigen mythes wil blijven geloven.