Arthur Miller – Writer

HBO

De oudere man die zij kende als haar zorgzame en grappige vader, kreeg nauwelijks meer erkenning voor zijn werk. In vroeger tijden was hij echter een belangrijk man geweest. Hij schreef het baanbrekende toneelstuk Death Of A Salesman, leverde dapper strijd met het McCarthyisme en trouwde met de meest begeerde vrouw van zijn tijd, Marilyn Monroe. En dus besloot Rebecca Miller een postuum portret te maken van Arthur Miller – Writer (100 min.).

Als dochter had de filmmaakster natuurlijk ongelimiteerd toegang tot de vermaarde (toneel)schrijver, die in 2005 op 89-jarige leeftijd is overleden. Gedurende de laatste jaren van zijn leven heeft Rebecca Miller haar vader uitgebreid geïnterviewd. Daarin bevraagt ze hem echter zoals een reguliere interviewer, die is geïnteresseerd in zijn opmerkelijke levenswandel en loopbaan. Pas later in de film volgt een meer persoonlijke insteek – de olifant in de kamer van de familie Miller bijvoorbeeld, waar ook deze film grotendeels omheen loopt. Een gemiste kans, letterlijk.

Het boeiendst wordt de film als Arthur Miller vertelt over zijn ervaring met The House Committee On Un-American Activities. Nadat zijn vriend, de befaamde filmregisseur Elia Kazan, ervoor kiest om onder druk namen te noemen van mensen die hij ontmoette bij de Communistische Partij, besluit Miller een toneelstuk te schrijven over de jacht op heksen In het zeventiende eeuwse Salem, The Crucible. De analogie ontgaat ook de ultieme communistenjager Joe McCarthy niet en Miller moet eveneens voor de commissie verschijnen om zijn (voormalige) vrienden te verraden.

Inmiddels is hij gehuwd met de getormenteerde Marilyn Monroe, die eigenlijk niet met zichzelf kan leven – laat staan met een ander – en daarom haar toevlucht zoekt tot allerlei verdovende middelen. ‘Zo iemand valt niet te begrijpen’, stelt Miller somber tegen zijn dochter. Hij valt even stil. ‘Verschrikkelijk!’ De met raadselen omgeven dood van de blonde femme fatale laat hem enkele decennia later nog altijd niet koud. Hij heeft haar niet kunnen redden. Wat hij ook heeft geprobeerd.

Gewond heeft hij zich daarna op een nieuw toneelstuk en een nieuwe relatie gestort, met de moeder van Rebecca. Zijn dochter uit dat huwelijk beschikt duidelijk niet over zo’n karakteristieke stem als Arthur Miller zelf. In deze tamelijk conventionele film houdt ze zich veelal op de vlakte en laat ze andere familieleden en Arthur zelf, via stukken uit zijn door hemzelf ingesproken autobiografie, het werk doen. Een persoonlijkere benadering, van dochter tot vader, had deze wat veilige documentaire beslist goed gedaan.

Salesman

‘Het enige wat ik kan zeggen tegen mensen die geen geld maken is dat het hun eigen schuld is’, stelt een bullebak van een baas op barse toon tegenover zijn luisterende verkopers. ‘Houd gewoon voor ogen dat het geld er is en zorg dat je het te pakken krijgt.’ En dus gaan ze op pad, de mannen in pak en stropdas die lijken te zijn weggelopen uit de televisieserie Mad Men, om ‘het best verkochte boek ter wereld’ aan de man (of nog beter: de vrouw) te brengen.

Ze opereren deur aan deur, deze gewiekste Bijbelverkopers. Dat doen ze natuurlijk allemaal voor de goede zaak, het verbreiden van de leer van de Heer. In hun achterhoofd echoën vast ook de laatste woorden na van hun baas: de eerste de beste die niet presteert schop ik hoogstpersoonlijk buiten. En daarmee is de toon gezet voor Salesman (90 min.), een klassieke documentaire van de gebroeders Maysles en Charlotte Zwerin uit 1969.

Deze observerende film, zonder interviews of muziek, doet onvermijdelijk denken aan David Mamets toneel- en filmklassieker Glengarry Glen Ross, een vlijmscherp portret van de bikkelharde competitite tussen de verkopers van een makelaarskantoor, met een glansrol voor Alec Baldwin als de nietsontziende baas Blake die zijn medewerkers tot het uiterste drijft om hun verkoopcijfers op te krikken.

Ook in Salesman gaat het er soms stevig aan toe. ‘Why don’t you eat like you’re succesfull?’, grapt de real life-Blake bijvoorbeeld tegen één van zijn mannen tijdens een lunch onderweg. Hij kan er alleen zelf om lachen. De man eet snel zijn broodje op en snelt naar zijn volgende verkooppraatje. Hij heeft nog een halve film deur aan deur te gaan.

Deze ‘direct cinema’-klassieker, in fraai zwart-wit, blijkt bijna een halve eeuw na dato nog altijd heel goed kijkbaar, is verrassend actueel en wordt – bijvoorbeeld als een van de verkopers per ongeluk in een moslimwijk belandt – onverwacht grappig. Zelden werd de genadeloze ‘survival of the slickest’ treffender vastgelegd.