Morderca Szyty Na Miarę

HBO Max

Het kan niet lang duren voordat de naam ‘Hannibal Lecter’ valt in de driedelige true crime-serie Morderca Szyty Na Miarę (internationale titel: Fit For A Killer, 145 min.). Dat doet ’t dus ook niet. Hooguit een minuut of vijf. En dan wordt de mysterieuze Poolse moordenaar, die eind jaren negentig de huid van zijn slachtoffer afstroopt, al vergeleken met de gestoorde killer uit The Silence Of The Lambs (1991). Zou de Hollywood-thriller als inspiratie hebben gediend voor de man die de 23-jarige studente Katarzyna Zowada op weerzinwekkende wijze van het leven heeft beroofd?

De verdenking valt al snel op voormalig geneeskundestudent Wlodymir Womaczko, die met het gezicht van zijn vader op wordt gesignaleerd. Uitroepteken. Zijn opa denkt in eerste instantie dat hij gewoon zijn zoon ziet, in plaats van zijn kleinzoon met een masker van mensenhuid op. Volgens Womaczko past deze daad in de cultuur van zijn ouders. Hij wil zo zijn minachting uitdrukken voor de man, die zijn moeder heel slecht zou hebben behandeld. Kat in het bakkie, zou je zeggen. Dit moet de verknipte moordenaar zijn – ook al ontkent hij zelf, nog steeds, in alle toonaarden dat hij ‘Kasia’ heeft vermoord.

De dader zal echter nog héél lang uit de handen van de politie blijven. Pas een kleine twintig jaar later belandt er een verdachte achter de tralies. Het duurt dan nog eens zeven jaar voordat er een vonnis wordt uitgesproken. Regisseur Rafael Skalski heeft de nietsvermoedende kijker tegen die tijd al vergast op duistere horrorbeelden en macabere bijzonderheden over het misdrijf. De man die daarvoor verantwoordelijk wordt geacht is bovendien opgetekend als een waanzinnige gek, met een ernstige vorm van godsdienstwaanzin, een verslaving aan de sportschool en diverse seksuele perversies.

In het mortuarium van het ziekenhuis, waar ie een tijdje werkte, zou hij een missverkiezing voor het mooiste vrouwelijke lijk hebben georganiseerd. Zo’n type. Een Poolse variant op Hannibal. Even geniaal als gek. Een ten diepste beschadigde figuur, zonder twijfel. ‘Soms moet je een kind berispen of zelfs een klap geven’, stelt zijn eigen vader Jozef, ongetwijfeld eufemistisch. Over zijn zoon zegt ie ook: ‘Ik was niet echt gehecht aan hem, maar hij draagt nu eenmaal onze achternaam.’ Met zo’n getroebleerde figuur moet ‘t, kortom, wel verkeerd aflopen – en met iedereen in zijn directe omgeving.

En dan draait Rafael Skalski de zaak om en plaatst al die onheilspellende signalen en gore details in een ander perspectief. Waarnaar hebben we gekeken en waarvan hebben we gegruweld? Tunnelvisie? Trial by media? Wie is de man die vanuit de schaduw meekijkt? Een Poolse variant op Dr. Jekyll & Mr. Hyde? Die zijn prooi als een slang beloert, zodat hij op een onbewaakt ogenblik kan toeslaan? Het verhaal dat tevoorschijn komt vanachter het misdrijf is net zo onrustbarend – al wordt het punt dat Skalski ermee wil maken enigszins vertroebeld door de vette vorm waarin hij z’n vertelling ook dan giet – en de implicaties van zijn eigen keuzes voor lieden die het niet meer kunnen navertellen.

33 Zdjęcia Z Getta

HBO Max

De bewoners van het Joodse getto van Warschau hebben helemaal niets meer te verliezen als ze op 19 april 1943 in opstand komen tegen de nazi’s. Behalve hun leven.

De Duitsers slaan de opstand met brute kracht neer en branden het getto helemaal plat. Dit wordt stiekem gefotografeerd door de 23-jarige Poolse brandweerman Leszek Grzywaczewski. ‘Het vuur drijft de Joden naar het verzamelpunt, de zogenaamde Umschlagplatz’, schrijft hij in zijn dagboek over deze inktzwarte periode. ‘Gewonden en zieken worden ter plekke geëxecuteerd. Reddingen zijn verboden. Dan worden de Joden naar een spoor gebracht en naar een onbekende bestemming gedeporteerd.’

Het leeuwendeel van de 33 foto’s van Leszek Grzywaczewski, die ruim dertig jaar geleden overleed, is pas onlangs ontdekt door zijn zoon Maciej. Tot dan toe waren alleen de twaalf foto’s bekend die begin jaren negentig in het Holocaust Memorial Museum zijn terechtgekomen. Deze nieuwe vondst – en de akelige geschiedenis die daarmee wordt blootgelegd – vormt het fundament onder de documentaire 33 Zdjęcia Z Getta (33 Photos From The Ghetto, 78 min.), een stemmige film van Jan Czarlewski.

Eerst schetst de Poolse filmmaker – met behulp van een getuigenis uit 1996 van Romana Laks, die als kind zat ondergedoken bij de familie Grzywaczewski, voor de Shoah Visual History Foundation – de benarde positie van de Joden in het getto van Warschau en de historische context van de opstand. Daarna ontleedt Czarlewski met deskundigen nauwgezet hoe en waar de onlangs aangetroffen fotonegatieven zijn gemaakt en wat er precies is te zien op de beelden, die met gevaar voor eigen lijf en leden zijn gemaakt.

De nazi’s hebben de opstand destijds zelf ook vastgelegd, om te kunnen gebruiken voor propaganda. Grzywaczewski zette daar zijn eigen beelden tegenover. Als bewijs voor de misdaden tegen de menselijkheid die in zijn aanwezigheid werden begaan, toen hij als brandweerman met de armen over elkaar moest toezien hoe een brand het getto verwoestte. Hij hield de foto’s altijd bij zich. Zodat ze naar buiten konden worden gebracht als de wereld dreigde te vergeten wat er destijds in het getto van Warschau was gebeurd.

Je Navais Que Le Néant – Shoah Par Lanzmann

mk2 Films / Arte

Twaalf jaar heeft Claude Lanzmann gewerkt aan Shoah (1985), zijn epische documentaire van negen en een half uur over de Holocaust. Het tweeluik is inmiddels opgenomen in het UNESCO Memory Of The World Register.

Tegenwoordig is nauwelijks meer voor te stellen dat Shoah er voor hetzelfde geld helemaal niet was gekomen. De Franse schrijver en filmmaker Claude Lanzmann (1925-2018) werd begin jaren zeventig benaderd, was eigenlijk helemaal niet zo happig op het maken van een film over de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog en wilde er, door allerlei strubbelingen en tegenslagen, ook meerdere malen de brui aan geven.

In Je Navais Que Le Néant – Shoah Par Lanzmann (internationale titel: All I Had Was Nothingness, 95 min.) neemt hij de wording van dit monument nog eens nauwgezet door. Althans, dat doet de Franse documentairemaker Guillaume Ribot, die de beschikking kreeg over 220 (!) uur ruw materiaal en vervolgens een voice-over van Lanzmann samenstelde, die is gebaseerd op zijn memoires en persoonlijke geschriften.

Een documentaire over het maken van een documentaire dus. En dat is in het geval van Shoah niet vreemd. Sterker: het is ook niet de eerste documentaire over het maken van de belangrijkste Holocaust-documentaire aller tijden. Claude Lanzmann: Spectres Of The Shoah (2015) van Adam Benzine richt zich op de betekenis van de film en de al even kolossale man daarachter, die daarover zelf ook uitgebreid aan het woord komt.

Deze nieuwe film, veertig jaar na de oorspronkelijke release van Shoah uitgebracht, richt zich nog nadrukkelijker op het maakproces van deze ‘race tegen de dood’ en volgt dit echt vanuit het perspectief van Lanzmann en zijn Duitse assistente Corinna Coulmas. ‘We konden niet filmen wat er was gebeurd’, vertelt hij erbij, omdat het bewijsmateriaal nu eenmaal grotendeels was vernietigd. ‘Daarom moesten we het opnieuw oproepen.’

Claude Lanzmann schuwt daarbij ogenschijnlijk geen enkel middel: hij zet Abraham Bomba, een Joodse man die vrouwen knipte voordat ze naar de gaskamers gingen, aan het werk in een kapperszaak. Voor Henryk Gawkowski, conducteur op de doodstreinen naar Treblinka, regelt hij een locomotief. En Lanzmann vraagt Simon Srebnik, één van de twee overlevenden van het vernietigingskamp Chelmno, om een oud Pools liedje te zingen.

En bij daders gaan de handschoenen echt uit: hij ritselt een vals paspoort, presenteert zich als historicus van een fictief onderzoeksinstituut en maakt gebruik van een verborgen camera, de zogeheten Paluche. Zo filmt hij bijvoorbeeld stiekem het interview met de nazi Franz Suchomel, terwijl die alleen heeft ingestemd met een geluidsopname. En als Suchomels vrouw het bedrog ontdekt, liegt Lanzmann dat het gedrukt staat.

Het doel heiligt voor hem duidelijk alle middelen. Tegelijkertijd is deze tocht naar de donkerste kamers van de hel de Franse intellectueel natuurlijk ook niet in de koude kleren gaan zitten. Ribot besluit zijn geslaagde film niet voor niets met een intieme scène, als Claude Lanzmann na een geladen gesprek met Yitzhak ‘Antek’ Zuckermann, één van de leiders van de opstand in het ghetto van Warschau, even steun zoekt bij hem.

Alleen samen zijn ze bestand tegen wat zich opnieuw, wéér, voor hun ogen ontrolt.

The Last Expedition

Vinca Film

De dood of de gladiolen – of tóch een zeer vakkundig uitgevoerde ontsnapping? Als Wanda Rutkiewicz, de eerste Poolse alpinist die de Mount Everest heeft bedwongen, in mei 1992 niet terugkeert van haar beklimming van de Kangchenjunga-berg in Nepal, lijkt het evident dat ze ergens onderweg is omgekomen. Toch is er nog een ander scenario: Rutkiewicz zou zich, zoals ze eerder al bij haar moeder opperde, hebben teruggetrokken in een nonnenklooster te Tibet en daar nog altijd in stilte leven.

Ruim dertig jaar later reist klimmer Eliza Kubarska in The Last Expedition (85 min.) zelf af naar de Himalaya-top, op zoek naar het antwoord op de vraag wat er is gebeurd met de vermaarde bergbeklimster, die zich na de dood van haar derde echtgenoot Kurt Lyncekrüger had vastgebeten in een nieuw idee: met de ‘Caravan To Dreams’ wilde ze binnen één jaar nog acht van de hoogste bergtoppen ter wereld beklimmen. Dan zou ze als eerste alpinist ter wereld alle veertien ‘achtduizenders’ op haar naam hebben staan.

‘Dan ben ik voor de verandering eens niet nummer drie op het podium, achter Messner en Kukuczka’, stelt Wanda Rutkiewicz in één van de bewaard gebleven geluidsopnames die Kubarska gebruikt als geraamte voor haar film. ‘Ik zal de eerste zijn die iets nieuws heeft geprobeerd.’ Uit deze ferme ambitie spreekt meteen Rutkiewiczs verlangen om nu eindelijk eens op haar eigen merites beoordeeld te worden. Als één van ‘s werelds beste bergbeklimmers, waarbij ’t er niet toe doet dat ze tot het vrouwelijke geslacht behoort.

Altijd weer moet ze zich echter bewijzen ten opzichte van mannelijke collega’s, blijkt uit het overvloedige archiefmateriaal in The Last Expedition. Impliciet – en soms ook zeer expliciet – wordt ze geconfronteerd met vooroordelen over vrouwen. Na haar beklimming van de Annapurna-berg, in het jaar voor haar verdwijning, klinkt er zelfs openlijke twijfel of ze de top van die Himalaya-berg wel heeft bereikt. Kubarska legt zulke en andere zaken uit het leven van haar heldin ook voor aan familieleden, vrienden en collega’s.

In retrospectief wordt Wanda Rutkiewicz, één van de belangrijkste bergbeklimmers van haar tijd, toch een wat tragische figuur. Niet door wie ze was – juist niet – maar om hoe ze werd bekeken. Zo bezien is het ook heel goed voor te stellen dat ze destijds de vlucht naar voren heeft gekozen en in de kantlijn van het bestaan, losgemaakt van de dagelijkse dingen en haar eigen bewijsdrang, is gaan leven op een plek waar al dat aardse er niet toe doet – al blijft dat idee waarschijnlijk toch een kwestie van ‘wishful thinking’.

Een construct om haar leven van een passend einde te voorzien en dit boeiende postume portret extra richting te geven.

Moja Siostra

IDFA

‘Op een gegeven moment zal je haar misschien moeten loslaten’, zegt Mariusz Rusinski vanachter de camera. ‘Ze wordt binnenkort achttien.’ Zijn moeder Natasza reageert fel: ‘Nou en. Ze blijft altijd ons schatje. Jij ben ook al bijna 23 en ik maak me nog steeds zorgen over jou. Het is gekkenwerk. Soms ben ik jaloers op mensen die geen kinderen hebben. Zij kunnen tenminste rustig slapen.’

Het gesprek volgt in de korte egodocu Moja Siostra (Engelse titel: Sister Of Mine, 30 min.) op een indringende scène, waarin Mariusz’s creatieve zus Zuzanna is opgehaald met een ambulance. Even later barst moeder in huilen uit. Het drugsgebruik van haar dochter, dat Natasza noopt om in huiselijke kring urinecontroles uit te voeren, ontwricht het gehele gezin. ‘Zuzia’ moet naar een afkickkliniek, een indringende ervaring die ze vervat in een gedicht.

Ook daarna blijft ze het gezin echter uit elkaar spelen. Zuzanna daagt de anderen uit om zich ook eens bloot te geven en zet de onderlinge verhoudingen in deze observerende film zodanig op scherp, dat ook haar broer zich niet meer aan de confrontaties voor zijn camera kan onttrekken. De pijnlijke gesprekken binnen het Poolse gezin dienen te leiden tot verzoening, maar daarvoor moet er nog heel wat water door de Wisla in dit schrijnende familieportret.

Polish Prayers

IDFA

Trots houden vier jonge mannen een spandoek omhoog. ‘Vandaag homoseksualiteit, morgen pedofilie’, staat erop. Met een tegendemonstratie proberen deze katholieke activisten de Poolse Pride in Warschau te verstoren. ‘Homoseksuele extremisten in Europa willen pedofilie legaliseren’, beweert een spreker die hun protest vocaal ondersteunt. ‘Homoseksuelen willen onbeperkte toegang tot kinderen. Daarom promoten ze seksuele voorlichting.’ Antek, de protagonist van Polish Prayers (83 min.), luistert goedkeurend toe. Hij heeft geen idee wat de toekomst nog in petto heeft voor hem.

De Poolse jongeling stamt uit een traditioneel katholiek milieu en is lid van een heus Broederschap van conservatieve mannen. Daar regeren ook nationalisme en homohaat. En dan ontdekt Antek in deze observerende film van Hana Nobis, gefilmd in de loop van ruim vier jaar, gaandeweg de liefde en begint de vrome christen aan alles te twijfelen waarvan hij voorheen altijd volledig overtuigd was. Is het bijvoorbeeld werkelijk nodig dat hij met seks wacht tot ná het huwelijk en dat er dan ook direct resultaat moet worden geboekt, in de vorm van een snel groeiende stoet nakomelingen?

Langzaam raakt Antek losgezongen van zijn mede-Broeders, die zulke waarden en normen blijven koesteren. Anteks opvallende metamorfose is door Nobis van zeer nabij geregistreerd en vervat in sfeervolle scènes. Aan de hand van zijn veranderende muzieksmaak wordt die ontwikkeling bovendien nog eens treffend geaccentueerd: van traditionele Poolse liederen, over soldaten van Maria en vuurspuwende draken die hen geen angst kunnen inboezemen bijvoorbeeld, via het kronkelige pad van pop en rap naar de brute metal van Celtic Frost en Slipknot.

Terwijl ze Anteks ontworteling inzichtelijk maakt via een chronologische aaneenschakeling van trefzekere, elementaire getitelde hoofdstukken, vangt Nobis tevens het (oer)conservatieve milieu waarvan hij al van jongs af aan deel uitmaakt en de vreemde wereld waarnaar hij zich, aan de hand van de liefde, begint te bewegen. Deze delicate film demonstreert intussen nog maar eens ten overvloede: wanneer er aan een cruciaal draadje wordt getrokken, kan zomaar het complete breiwerk van iemands overtuigingen loskomen.

Vatican Girl: The Disappearance Of Emanuela Orlandi

Netflix

‘Ik wil mijn oprechte gevoelens uiten die ik deel met de familie Orlandi’, zegt paus Johannes Paulus II op 3 juli 1983, tijdens zijn wekelijkse toespraak op het Sint-Pietersplein in Vaticaanstad. ‘Zij lijden omdat hun vijftienjarige dochter Emanuela sinds woensdag 22 juni niet meer is thuisgekomen. Ik deel de angsten en de vrees van de ouders. We zullen de hoop niet verliezen in de menselijkheid van de verantwoordelijken in deze zaak.’

Daar zat hem echter meteen de crux in deze spraakmakende verdwijningszaak: is het Vaticaan misschien zelf betrokken bij de vermissing van Emanuela Orlandi? Waarom spreekt de geestelijk leider van de katholieke kerk zich überhaupt uit over deze zaak? vragen diverse betrokkenen zich af in Vatican Girl: The Disappearance Of Emanuela Orlandi (233 min.). En wie bedoelt de paus met de verantwoordelijken? Is er misschien sprake van een ontvoering en weet hij daar dan meer van?

Niet veel later meldt zich inderdaad een man bij de familie Orlandi met de mededeling dat hun dochter, een gewone tiener uit Vaticaanstad die op weg was naar muziekles, is ontvoerd. Als de Italiaanse autoriteiten Mehmet Ali Agca, een Turkse jongeling die twee jaar eerder een aanslag op de paus heeft gepleegd, niet vóór 20 juli vrijlaten, zijn ze bereid om Emanuela te doden. Uitroepteken. Of is dat brisante verhaal niet meer dan een dekmantel voor wat er écht is gebeurd?

Emanuela’s broer Pietro en zussen Natalina, Maria Cristina en Federica kunnen er, een kleine veertig jaar na dato, nog altijd niet bij dat hun zus onderdeel is geworden van een groots, duister en ondoorzichtig spel waarbij de maffiose Banda della Magliana, het Vaticaan zelf en de geheimzinnige organisatie Ganglion betrokken kunnen zijn geweest. Intussen weten ze nog steeds niet wat er met hun zus is gebeurd. Ligt ze misschien begraven in de basiliek van Sant’Apollinare in Rome? 

Regisseur Mark Lewis (Don’t F**k With Cats) maakt in deze vierdelige true crime-serie optimaal gebruik van het bijzondere fotogenieke decor van de vermissing en het mysterie dat sowieso kleeft aan de staat binnen een staat, het Vaticaan. Hij serveert het ingewikkelde complot rond de verdwijning van Emanuela Orlandi, dat een zekere Dan Brown-bravado niet kan worden ontzegd, bovendien met de nodige rookgordijnen, omtrekkende bewegingen en dwaalsporen uit.

Lewis neemt daarbij wel het risico dat de kijker zich na afloop een beetje bekocht voelt. Omdat ie is meegenomen in onderzoekspistes, waarvan allang duidelijk was dat ze op niets uitlopen. Zoals dat overigens goed gebruik is in true crime. Pas in 2016 zal het zogenaamde Vatileaks-schandaal zorgen voor nieuwe ontwikkelingen in de zaak van Emanuela, die de opmaat vormen naar de afwikkeling ervan. Dan staan er echter nog net zo veel vragen open als dat er zijn beantwoord.