Exit Through The Gift Shop

Zodra de geblinddoekte pop in het oranje pak helemaal naar wens staat, maakt guerrillakunstenaar Banksy zich uit de voeten. Thierry Guetta blijft achter. Met zijn cameraatje legt hij vast hoe bezoekers van Disneyland reageren op Banksys versie van een gevangene van de omstreden strafkolonie Guantanamo Bay, waar na elf september 2001 vermeende terroristen zonder enige vorm van proces werden vastgezet. Ook vanuit de achtbaan kunnen ze de provocerende pop goed zien. Even later wordt het ding stilgezet en krijgt Thierry de beveiliging op zijn dak. Banksy heeft het park dan al verlaten.

In het dagelijks leven heeft de van oorsprong Franse huisvader Thierry een winkel in vintagekleding in Los Angeles, maar hij heeft een prominente plek in Exit Through The Gift Shop (87 min.) gekregen vanwege zijn passie voor straatkunst. Als een bezetene begint hij met zijn camera prikkelende graffiti-artiesten zoals Invader, Shepard Fairey en Borf te volgen. Uiteindelijk kruist hij zo ook het pad van ’s werelds bekendste straatkunstenaar Banksy, een man die angstvallig zijn eigen anonimiteit bewaakt en altijd weer controverse uitlokt met de bommetjes die hij zomaar in het gewone leven dropt.

Wat een portret van een ontluikende cultuur had moeten worden, met een hoofdrol voor Banksy, ontspoort gaandeweg echter tot een verwrongen portret van Thierry Guetta zelf, die eerst vastloopt tijdens het maken van zijn film over straatkunst en daarna een alter ego als straatkunstenaar ontwikkelt, Mr. Brainwash, en op weg gaat naar zijn eerste expositie. Althans, dat is het verhaal dat Banksy ons in deze sprankelende film uit 2010 voorschotelt. Maar is het daarmee ook waar?

Banksy houdt vol van wel. Menigeen ziet in Exit Through The Gift Shop echter een onvervalste ‘mockumentary’, een speelfilm die zich consequent blijft voordoen als documentaire. Wat de conclusie ook luidt, de film maakt een dynamische subcultuur van binnenuit inzichtelijk, zoomt in op de meest tot de verbeelding sprekende representant ervan (die steevast onherkenbaar wordt gemaakt) en is bovendien een heel erg smakelijke film. Met een lekker vlot verteltempo, veel humor, smakelijke muziekjes en de Britse acteur Rhys Ifans als joyeuze verteller.

Of het nu een volbloed-documentaire of – en dat ligt er toch wel dik bovenop – een slim uitgewerkte hoax is, lijkt eigenlijk irrelevant. Deze Banksy-film steekt met sardonisch genoegen een middelvinger op naar de reguliere kunstwereld. Zoals we inmiddels zijn gewend van de gezichtsloze kunstenaar die alleen zijn eigen spelregels lijkt te accepteren.

Exit: Leaving Extremism Behind

EO

Toen ze als tiener Christiane F. zag, wilde ze zelf heroïne spuiten in een Berlijnse nachtclub. Alles wat gevaarlijk was, sprak Karen Winther halverwege de jaren negentig aan. Het werd uiteindelijk extreem-rechts voor de boze Noorse puber. Ze was vanaf haar zestiende twee jaar lid van een White Power-groep.

In de bespiegelende egodocu Exit: Leaving Extremism Behind (52 min.) gaat Karen Winther de confrontatie aan met haar eigen verleden. ‘Zit er soms iets slechts in mij?’ vraagt ze zich in gemoede af. Winther verweeft haar persoonlijke zoektocht met gesprekken met andere voormalige neonazi’s, die nog dagelijks het gevecht moeten aangaan met hun bruine jaren en de wroeging daarover.

Zoals Manuel, ooit de leider van een paramilitaire groep uit het voormalige Oost-Duitsland. ‘Het was ons land’, zegt hij over zijn buitenlanderhaat. ‘En daar hadden parasieten niets te zoeken.’ Bij een vechtpartij in de gevangenis waren het echter Turkse gedetineerden die hem te hulp kwamen. ‘Dat was zeer ontnuchterend, dat ‘beesten’ een ‘mens’ te hulp moesten komen.’ Manuel, nog altijd geen lieverdje, werd gedwongen in de spiegel te kijken.

De Noorse filmmaakster zoekt tevens extremisten uit andere windstreken op. David, een Franse jongen van katholieke huize, bekeerde zich als tiener tot de Jihad en werd vervolgens lid van een extremistische moslimgroepering. Ook hij belandde achter tralies. Na de gevangenisstraf hield hij zich jarenlang gedeisd. Tót het bloedbad bij het satirische tijdschrift Charlie Hebdo.

Met zulke spijtoptanten en enkele deskundigen probeert Karen Winther, die na haar stiekeme vertrek bij extreemrechts terechtkon bij een vriendin die ze nog kende uit haar tijd als antifascist (!), de vinger te krijgen achter wat jongeren in de armen van extreme ideologieën drijft. Opvallend genoeg blijft haar eigen familie daarbij buiten beeld. Geen vader, moeder, broer of zus die haar eigen afslag richting neonazi’s duidt.

Of ligt daar misschien juist (een deel van) het antwoord? Die extremistische jeugd blijft in elk geval altijd bij je. Als een tatoeage die, soms letterlijk, je verleden blijft verraden. Zoals ook de dreiging van vroegere kameraden kan blijven – hetgeen Manuel, die inmiddels regelmatig heeft moeten verhuizen, bijvoorbeeld nog dagelijks ondervindt. En hoe ga je zonder hen, en alle mensen die zich van je hebben afgekeerd, verder met je bestaan?