Once Were Brothers: Robbie Robertson & The Band

Elliot Landy

Ze gingen dwars tegen de tijdgeest in. Terwijl hun generatiegenoten opzichtig rebelleerden tegen alles wat ook maar riekte naar de wereld van hun ouders, gingen de vijf leden van The Band voor hun debuutalbum Music From Big Pink pontificaal op de foto met hun families.

Het bleek de ideale illustratie van hun muzikale attitude: in de hoogtijdagen van de psychedelische pop ging de Canadese groep in 1968 ongegeneerd terug naar de basis. Met zwaar dooraderde muziek, die we sindsdien ‘americana’ zijn gaan noemen. Gemaakt op het tijdloze kruispunt van folk, country, rock, blues en pop.

Ruim een halve eeuw later zijn er nog maar twee leden in leven: toetsenist Garth Hudson én gitarist/songschrijver Robbie Robertson. En die doet in Once Were Brothers: Robbie Robertson & The Band (101 min.) zijn muzikale levensverhaal, dat uiteindelijk tot een climax komt in de veelgeroemde supergroep (die tevens fungeerde als band voor Bob Dylan).

Robertson toont zich een geanimeerde verteller. Hij wordt bovendien in de rug gedekt door zijn vrouw Dominique en diverse medewerkers van zijn band, waarbij dat andere nog levende Band-lid, Hudson, helaas ontbreekt. Ze zijn ook allang geen broeders meer, zingt Robertson in het titelnummer van de film, Once Were Brothers.

Regisseur Daniel Roher geeft deze gedegen popdocu echter extra ‘star quality’ met mannen bij wie alleen de achternaam al volstaat: Clapton, Springsteen en Scorsese. Die laatste documenteerde in 1978 ook het afscheid van The Band, die toen al ten prooi was gevallen aan de verleidingen waarmee elke groep van statuur wordt geconfronteerd.

The Last Waltz vormt ook de vanzelfsprekende apotheose van deze film, die de band recht doet. Zonder tot enorme hoogte te stijgen.

Klanken Van Oorsprong

Scarabee Films

Toen Nederland in de jaren na de Tweede Wereldoorlog het onafhankelijk geworden Indonesië met de staart tussen de benen verliet, nadat we daar eeuwenlang de kolonisator hadden uitgehangen, nam het de revolutie mee naar een huis. Een muzikale revolutie, welteverstaan. Op schepen zoals de Oranje en Willem Ruys bivakkeerde een nieuwe generatie Indische Nederlanders, die rock & roll en hun eigen variant daarop, indorock, introduceerde in het kneuterige Holland.

Daarmee zouden ze niet alleen in eigen land furore maken. In Duitsland werd de ‘Exoten aus Tulpenland’ volgens gitarist Eddy Chatelin van The Crazy Rockers zo opgehemeld dat ze terstond van hun minderwaardigheidscomplex waren verlost. Met indorock viel in heel Europa een goede boterham te verdienen. En die Indische showpikkies zetten echt de toon, getuige de altijd weer opduikende anekdote over The Beatles. Tijdens hun jonge jaren in Hamburg zouden die de kneepjes van het vak hebben geleerd van Nederlandse indobands (*).

De gouden jaren van de indorock, waarbij The Tielman Brothers uitgroeiden tot de absolute vaandeldragers van het genre, zijn eerder opgeroepen in de documentaire Rockin’ Ramona van Hans Heijnen uit 1991. Regisseur Hetty Naaijkens – Retel Helmrich plaatst datzelfde verhaal in Klanken Van Oorsprong (112 min.) uit 2018 binnen een breder perspectief. Als bastaardzoon van de Indische krontjongmuziek en ruige broertje van de zogenaamde indopop, waarmee The Blue Diamonds, Anneke Grönloh en Sandra Reemer (internationaal) succes boekten.

Én als lekker escapistisch vervolg op een ronduit traumatische periode, waarbij Indische Nederlanders, net als eerst de Japanners en daarna de Hollanders, uit Indonesië werden verdreven om aan het andere eind van de wereld een nieuw leven op te bouwen. Ook artiesten zoals Liesbeth List, Boudewijn de Groot en Ernst Jansz grepen in hun oeuvre regelmatig terug op die ervaringen. De Indische invloed vond via de gebroeders Eddie en Alex van Halen zelfs zijn weg naar Amerikaanse hardrock.

Klanken Van Oorsprong neemt de tijd en graaft toch niet héél diep, maar brengt al die verschillende stromingen wel netjes bij elkaar. Zo ontstaat een liefdevol totaalbeeld van het stempel dat Indische Nederlanders in de afgelopen halve eeuw op de vaderlandse muziekhistorie hebben gezet.

(*) En wie staan daar op de foto bij een optreden van The Tielman Brothers? Juist, Paul en John.

Inside Lehman Brothers: The Story Goes On

lehman (1)

 

Als een donderslag bij heldere hemel ‘viel’ tien jaar geleden Lehman Brothers. De Amerikaanse zakenbank dreigde in 2008 bovendien de complete financiële sector met zich mee te trekken in het ravijn. Tijdens de wereldwijde economische crisis die zo ontstond moesten overal overheden bijspringen. Bij banken die als ‘too big to fail’ werden betiteld, maar er in de voorgaande jaren alles aan leken te hebben gedaan om juist die ondergang te bewerkstelligen.

‘Als ik dit zou laten zien aan Stevie Wonder, dan zou zelfs hij het zien’, vertelt Linda Meekes, een voormalige medewerkster van Lehman, als ze een vervalst financieel overzicht laat zien. Samen met enkele collega’s probeerde ze, ruim voordat de bank in 2008 plotseling in een vrije val terecht zou komen, de onregelmatigheden bij haar werkgever al aan de orde te stellen en Lehmans (ram)koers bij te sturen. Het kwam hen op vijandigheid, hoon en pure intimidatie te staan.

In Inside Lehman Brothers: The Story Goes On (85 min.) reconstrueren deze klokkenluiders hoe Lehmans übercompetitieve CEO Dick Fuld, bijgenaamd ‘de gorilla’, en zijn ‘cowboys’ in die jaren zonder enige vorm van scrupules handelden in dubieuze financiële producten en hypotheken. Om er zelf rijk van te worden, zonodig ten koste van hun eigen klanten. Fuld en de zijnen opereerden natuurlijk liefst binnen de wet, maar als het nodig was gingen ze ook gerust erbuiten. En als je daar als eenvoudige medewerker iets van wilde zeggen, zo toont deze stevige documentaire van Jennifer Deschamps aan, was je je baan bepaald niet meer zeker.

Inside Lehman Brothers: The Story Goes On biedt verder geen opzienbarende nieuwe inzichten. De roofdiermentaliteit binnen de financiële sector, zakenbanken zoals Lehman in het bijzonder, is al eerder tot in detail opgetekend in speelfilms en documentaires. Deze film laat echter zien dat er binnen die giftige werkatmosfeer ook wel degelijk medewerkers waren die hun geweten lieten spreken. Terwijl Gorilla Fuld en sommige van zijn cowboys de mede door hen veroorzaakte cris verlieten met een spreekwoordelijke zak geld, bleven zij achter met niet veel meer dan pek en veren.

De financiële crisis van 2008 heeft in de afgelopen jaren al tot een hele serie boeiende, veelal messcherpe documentaires geleid. In Oscar-winnaar Inside Job legt Charles Ferguson bijvoorbeeld enkele hoofdrolspelers ongenadig het vuur aan de schenen.

Enron: The Smartest Guys In The Room richt zich op malversaties bij het energiebedrijf Enron, die in 2001 aan het licht kwamen en zo de crisis van 2008 al min of meer aankondigden.