Het Nieuwe Rijksmuseum

Column Film / Cinema Delicatessen

Trefzeker schildert Oeke Hoogendijk in deze vierdelige documentaireserie uit 2013 als een moderne Hollandse meester de eindeloze verbouwing van Het Rijksmuseum in Amsterdam, die in 2003 van start is gegaan en daarna alsmaar averij heeft opgelopen. Tien jaar lang bevindt het museum zich in transitie en wordt er over van alles en nog wat gebakkeleid: binnen het museum zelf en met de Fietsersbond, de Rijksgebouwendienst en de ingehuurde architecten uit Sevilla en Parijs.

Hoogendijk werkt in deze vierdelige serie, oorspronkelijk in twee delen uitgebracht in respectievelijk 2008 en 2013 en later ook nog vervat in een speciaal voor de bioscoop gemaakte film, voortdurend met contrast en synergie. Met een verduiveld slimme parallelmontage, waardoor verhaallijnen samenvloeien of op elkaar botsen, smeedt ze een meeslepend epos, waarin eindeloos gedoe over de restauratie van het museumgebouw, gesymboliseerd door een hoogoplopende publieke ruzie over de onderdoorgang en fietserstunnel, wordt gepaard aan datgene wat alle medewerkers van het museum bindt: hun uitputtende kennis van en pure liefde voor kunst. Elk (gerestaureerd) kunstwerk, elke (mogelijke) nieuwe aankoop en, ja ook, elk twistgesprek is doordesemd van pure passie voor het museum en z’n collectie.

Het Nieuwe Rijksmuseum (217 min.) heeft ook zijn eigen ‘helden’ voortgebracht: de degelijke hoofddirecteur Ronald de Leeuw, bijvoorbeeld, die had gehoopt het nieuwe Rijksmuseum op te kunnen leveren voor zijn pensioen. Diens flamboyante opvolger Wim Pijbes, die altijd wel een steen in zijn achterzak lijkt te hebben, om in de vijver te gooien. En de purist Taco Dibbits, die eerst als hoofd conservator 17e eeuw en later als directeur collecties openlijk warm loopt voor de topfunctie (en die in 2016 ook daadwerkelijk hoofddirecteur zal worden). Pijbes claimt later als directeur van een nieuw migratiemuseum ook een prominente rol in The Road To Fenix, terwijl Dibbits vanuit Het Rijksmuseum nog in diverse documentaires (Mijn Rembrandt, Nieuw Licht: Het Rijksmuseum En De Slavernij en De Vereniging Rembrandt) zal figureren.

Behalve deze kopstukken stelen ook talloze stille krachten van Het Rijksmuseum op hun eigen manier de show. De kakkineuze hoofdconservator 18e eeuw Reinier Baarsen bijvoorbeeld, onvermoeibaar druk met het inrichten van zijn ideale ruimte. Huismeester Leo van Gerven, een noeste werker die dagelijks waakt over het gebouw en met een buks jaagt op duiven. En het zachtmoedige hoofd van het Aziatische Paviljoen Menno Fitski, wiens ogen beginnen te glinsteren bij alles wat met de aankoop van twee levensgrote beelden van Japanse tempelwachters heeft te maken. Het zijn boeiende karakters binnen een wereld die, met behulp ook van een kleurrijke klassieke soundtrack, nog niet eerder zo meeslepend in beeld is gebracht. En als alles is overwonnen en uitgevochten, volgt een aangrijpende apotheose: de officiële opening van Het Nieuwe Rijksmuseum.

Dreaming Walls: Inside The Chelsea Hotel

Cinema Delicatessen

Zowel het hotel zelf, dat wordt gerenoveerd, als de vaste gasten hebben inmiddels een glorieuze toekomst achter zich. Er wordt al negen jaar verbouwd in het illustere Chelsea Hotel te New York. In die tijd is iedereen die weg kon inmiddels wel vertrokken. De blijvers zijn volledig vergroeid geraakt met deze plek en lijken vaak ook geen alternatief te hebben. Het is tegelijk nog maar de vraag of ze straks de (verhoogde) huur kunnen opbrengen als die verbouwing ooit afkomt. Als die ooit afkomt.

Het hotel heeft een roemruchte historie. Kunstenaar Andy Warhol maakte er de underground-film Chelsea Girls, zanger Leonard Cohen wijdde er de songklassieker Chelsea Hotel aan. En pak ‘m beet Marilyn Monroe, Bob Dylan, William Burroughs, Nico, Jimi Hendrix, Janis Joplin, Patti Smith, Sid Vicious & Nancy Spungen en Madonna verbleven en werkten er. Volgens één van de bouwvakkers waart hun geest nog altijd door het pand, dat tegenwoordig vooral dienst doet als een soort Maison Vergane Glorie.

In Dreaming Walls: Inside The Chelsea Hotel (77 min.) richten Maya Duverdier en Amélie van Elmbt zich met name op de huidige bewoners van het hotel, waaronder een hoogbejaarde choreografe, een transvrouw die vooral ‘s nachts leeft en een oudere schilderes en haar zieke echtgenoot. Vrijwel allemaal leven ze voor hun eigen variant op de kunst, die het hotel ooit groot heeft gemaakt. Vanuit hun herinneringen maken de filmmakers soms ook uitstapjes naar dat verleden, toen het Chelsea Hotel ‘the place to be’ was.

Deze documentaire weigert echter om zich genoeglijk in die veel bewierookte historie te wentelen en behandelt al die helden inderdaad vooral als geesten uit een verloren tijd. Hun beeltenis wordt soms weliswaar geprojecteerd op de muren van het hotel, maar hun verhalen worden verder nauwelijks uitgediept. De echte helden van de film – de huidige bewoners – ogen soms overigens ook bijna als geesten, als verpersoonlijking van de spirit van het Chelsea Hotel dat tegenwoordig bijna bezwijkt onder het gewicht van zijn eigen verleden.

Dat is op zich een aardig uitgangspunt, maar Dreaming Walls wordt nooit meer dan dat: een amusante verzameling portretten van oudere kunstenaars en excentriekelingen, afgezet tegen een omgeving die ooit status en grandeur had. Dat vermaakt en verwondert, maar kruipt nooit écht onder de huid en slaagt er slechts een enkele keer in om te ontroeren.