Les Lunes Rousses

Cobra Films

Als kind kreeg ze in Turkije per ongeluk een blauw identiteitsbewijs, legt tante Tüncay in de openingsscène van deze documentaire uit aan haar nicht, filmmaakster Tülin Özdemir. Zo’n blauw bewijs is eigenlijk bedoeld voor jongens, maar tot problemen leidde dit in eerste instantie niet voor de Turkse vrouw.

Totdat Tüncay op haar negentiende, inmiddels twee kinderen rijker en verkast naar België, een oproep kreeg voor militaire dienst. Toen was het ineens alle hens aan dek binnen de familie. Tüncay nam de identiteit van haar oudere zus over, die op haar beurt de naam van een overleden zus begon te gebruiken. Sindsdien heet Tüncay dus Hafize. Haar zus – en Tülins moeder – heet eigenlijk Hafize, maar noemt zich Ayse. En het jongetje Tüncay is officieel dood.

Met dit verhaal worden de voornaamste personages van Tülin Özdemirs documentaire Les Lunes Rousses (98 min.) geïntroduceerd. Want – en nu is het even opletten geblazen met al die namen – het was Hafize die Tüncay op negenjarige leeftijd vanuit Turkije liet overkomen en enige tijd later regelde dat ze werd uitgehuwelijkt aan een man uit haar geboorteland, het thema van deze fraai ogende film, die zich alleen wel breed vertakt en langzaam ontvouwt.

Özdemir doorsnijdt haar vertelling met sfeervolle impressies van een traditionele bruiloft en spreekt met leeftijdsgenoten en de vrouwen in haar familie over gearrangeerde huwelijken. ‘Ook als hij blind en kreupel was geweest, zou ik dat hebben geaccepteerd’, vertelt haar moeder bijvoorbeeld over het huwelijk met Tülins vader. ‘Ik kon niet anders.’ Tante Tüncay verwijt haar oudere zus dan weer dat ze veel te jong een huwelijk voor haar heeft geregeld.

Ze herinnert zich de kennismaking met haar schoonfamilie nog goed. ‘Jij hoort nu bij ons’, zei haar schoonmoeder nadat ze eens goed was bekeken en ieders hand had gekust. Het was alsof de grond onder Tüncay’s voeten wegzakte, vertelt ze. Alsof er kokend water over haar gezicht werd gegooid. Haar toekomstige echtgenoot, ook pas achttien, wist bovendien nog van niets. Die ontmoette ze pas na de verloving. En toen de bruiloft achter de rug was, trok ze bij diens familie in.

Plotsklaps zat zij vast, in een huwelijks leven dat blijkbaar voor haar was gekozen. Net als andere vrouwen uit Tüllin Özdemirs familie, van de huidige en eerdere generaties. Gezamenlijk schilderen deze Turkse moeders, dochters, tantes en nichten – hun mannen komen nauwelijks aan het woord in deze film – een traditionele wereld waarin de wil van de familie nog altijd wet is. En daarnaar heeft iedereen zich vroeger of later maar te schikken.

Metissen Van België

Hugo (l) en Jaak (r) in Congo / De Chinezen / VRT

Wat een hand kan zeggen. Als hij liefdevol op die van een ander wordt gelegd. Geruststellend, troostend. Ik hoor je, zie je, voel je. 

Of als hij om een schouder wordt geslagen. Vaderlijk, begripvol. Maar ook: steun zoekend. 

En als hij, trillend, contact probeert te leggen. De afstand die onderweg is ontstaan wil overbruggen.

Metissen Van België (136 min.) had een veredelde versie van de televisieprogramma’s Spoorloos en Verborgen Verleden kunnen worden, waarin (verweesde) volwassenen voor de camera op zoek gaan naar hun oorsprong. Uiteindelijk is deze productie van Steven Crombez tot zoveel meer uitgegroeid: een collectieve zoektocht naar identiteit, verbinding en (zelf)respect, tegen de achtergrond van het kolonialisme.

Met deze driedelige serie belicht Crombez een zwarte bladzijde uit de koloniale geschiedenis van België. Daarvoor start hij in het Rwandese dorp Save, waar in de jaren veertig en vijftig een internaat voor ‘mulattenkinderen’ was gevestigd. Deze kinderen uit Congo, Rwanda of Burundi, het product van de relatie tussen een Belgische witte man en een lokale zwarte vrouw, namen daar, vaak zonder dat ze het zelf door hadden, definitief afscheid van hun ouders. 

‘Wij waren mulâtres’, stelt Georges. ‘Dat is de kruising tussen een paard en een ezel.’ Germaine vult aan: ‘Kinderen van de zonde. En onze moeders waren hoeren. Onze vaders trof geen schuld.’ Toen in de jaren vijftig de Congolese onafhankelijkheidsstrijd losbarstte, werden honderden van deze kinderen overgebracht naar België. ‘God heeft de blanke en de zwarte geschapen’, zei de latere Belgische premier Joseph Pholien ooit. ‘De duivel heeft de metis geschapen.’

Deze kinderen kwamen terecht bij pleeggezinnen of in weeshuizen. Hun koloniale dossiers zijn pas onlangs vrijgegeven, zestig jaar na de onafhankelijkheid. Sindsdien kunnen zij – als ze dat willen – op zoek gaan naar waar ze vandaan komen. ‘Ik heb hier ontdekt dat mijn geschiedenis die mij aangeleerd was, voor een groot deel gelogen was’, stelt Jacqueline tijdens een bezoek aan haar geboorteland Rwanda. ‘Blijkt dat ik niet ben wie ik dacht te zijn.’

Jacqueline, die als tweejarig meisje afscheid moest nemen van haar complete familie, is één van de drie metissen die Steven Crombez volgt naar hun geboorteland. Voormalig politierechercheur Jaak gaat met zijn volwassen zoon Hugo, die hij bepaald geen gemakkelijke jeugd heeft bezorgd. En Paul probeert het contact met zijn moeder in Rwanda te herstellen. Zij schreef hem jarenlang wanhopige brieven, die hij vaker dan hem nu lief is onbeantwoord liet.

Deze aangrijpende persoonlijke verhalen, sereen gefilmd in een zeer fotogenieke omgeving, worden verdiept en verbreed door lotgenoten. Hun herinneringen zijn niet minder indringend. ‘Zelfs nu nog denk ik bij mezelf dat het misschien beter is dat ik geen kinderen heb gekregen’, bekent Eveline bijvoorbeeld. ‘Ik zou niet gewild hebben dat ik geen goede moeder had kunnen zijn, dat ik ze niet had kunnen bieden wat een kind nodig heeft.’

‘Ik heb geprobeerd Belg te zijn’, zegt Georges. ‘Ik heb geprobeerd Vlaming te zijn. Maar uiteindelijk, het racisme brengt je terug tot de werkelijkheid.’ Op een bepaald moment ging hij zich afvragen: ‘wie ben ik dan? En dan moet je jezelf een antwoord geven en zeggen: ik ben wie ik ben. Ik ben metis. Ik ben tussenin. Daar is niks mis mee.’ Het is een even vanzelfsprekende als pijnlijke constatering, waarmee hij zichzelf eindelijk de hand reikt.

Om vrede te vinden met wie hij is, net als al die anderen: een metis van België.

Trailer Metissen Van België