FLY – Beyond The Spectrum

Cinema Zed / Dalton

Laten we eerst een open deur intrappen: aan hun voorkomen valt op geen enkele manier af te lezen met welk predicaat ze door het leven gaan. Jules Tilborghs, Kieran Verswijvelen, Brian Fonteyn en Jason Strijp ogen als volstrekt normale jongvolwassenen – ook al zijn ze alle vier gediagnosticeerd met een autismespectrumstoornis. De Vlamingen zijn druk doende om hun eigen plek te vinden in de wereld.

In 2015 zaten ze nog samen op een school voor buitengewoon secundair onderwijs in Sint-Niklaas, SBSO Baken. Regisseur Steven Janssens verzorgde daar toen een filmworkshop, die blijkbaar nogal uit de hand is gelopen. Tien jaar lang werkten ze samen aan de hybride documentaire FLY – Beyond The Spectrum (73 min.). Dat is dus geen film óver neurodiverse jongeren, maar ván en mét neurodiverse jongeren.

Zij hebben hun eigen ontwikkeling, en die van hun vrienden en klasgenoten, zelf gefilmd, maar zijn ook de straat opgegaan om vox pops van gewone Belgen over autisme op te halen. Kieran heeft bovendien foto’s en de soundtrack verzorgd, terwijl Jules daarin, als JTSO, enkele persoonlijke songs zingt en produceert. Dit emancipatoire project is echt in co-creatie tot stand gekomen en geeft een straf beeld van hun levens en belevingswereld.

Ze hebben elk hun eigen uitdagingen. Kieran voelt zich een outsider en zoekt nu na een bewogen schoolperiode naar z’n plek. Jules heeft het Alice In Wonderland-syndroom, een neurologische aandoening die de waarneming verstoort, en wil in Amerika een toekomst opbouwen met z’n vriendin. Brian heeft behalve autisme ook ADHD en Gilles de la Tourette. Hij is trots op z’n baan, maar heeft medicatie nodig om die vol te houden.

Jason tenslotte onderhoudt een lastige relatie met zijn ouders en baalt ervan dat hij zijn eigen geld niet mag beheren. ‘Geen zeg over m’n eigen’, legt hij bozig uit. Jason voelt zich gevangen en wil meer vrijheid. Bij hem wordt de spanning die zij allemaal soms ervaren in hun leven, net als veel leeftijdsgenoten overigens, het meest manifest. Tegelijk toont hun film hem ook helemaal in zijn element, boksend en werkend op een vissersboot.

Want FLY – een afkorting van First Love Yourself – reikt voorbij de stereotiepe beelden die een autismespectrumstoornis nog altijd kan oproepen.  Zonder de uitdagingen in hun levens weg te poetsen, laat de film clichés links liggen en presenteert Kieran, Jules, Brian en Jason, zowel via de inhoud als de vorm, als jongvolwassenen met hun eigen kansen, talenten en doelen – en, uiteindelijk, ook het zelfvertrouwen om daar achteraan te gaan.

Basisschool Balder

VRT

Als de camera’s op maandag 2 september 2024 beginnen te draaien, staan directeur Mike en de medewerkers van Basisschool Balder (185 min.) voor een heidens karwei. De Nederlandstalige school in de Brusselse achterstandswijk Sint-Gillis krijgt al jaren slechte beoordelingen van de onderwijsinspectie en zal de leskwaliteit snel moeten verbeteren. Intussen is het verloop onder leerkrachten groot, zijn vervangers nauwelijks te vinden en hebben veel leerlingen een leerachterstand. Dat is niet zo vreemd: voor 98 procent van de kinderen is Nederlands niet hun moedertaal.

Vanaf de eerste schooldag staat de druk er dus vol op in deze vierdelige serie, waarin de geplaagde basisschool een heel leerjaar wordt gevolgd. Zeker bij de ervaren juf Tessa, die de problematische zesde klas, waar leerachterstanden en gedragsproblemen hand in hand gaan, vlot moet proberen te trekken. Het is haar al snel zwaar te moede. ‘Ik heb zo hard het gevoel dat ik aan het falen ben’, zegt de juf geëmotioneerd tijdens een uitstapje waarbij ze continu als politieagent moet optreden. ‘Ik zie hen oprecht graag en wil mijn uiterste best doen, maar je krijgt niks terug. Niks!’

Het gedrag van de kinderen, die na dit jaar naar het secundaire onderwijs gaan, is vast niet los te zien van het aantal leerkrachten dat zij in de loop der jaren hebben zien vertrekken. Het idee dat dit aan hen ligt, dat ze hen niet graag zien, lijkt te zijn verinnerlijkt. Sommige ouders maken zich intussen ernstig zorgen over de ontwikkeling van hun kind. Te midden van zulke lastige uitdagingen moet het onderwijs draaiende gehouden worden. ‘Het zakje met oplossingen is leeg tot op de bodem’, constateert adjunct-directeur Sandra onderweg. ‘En er zit een gat in de bodem.’

Basisschool Balder laat het reilen en zeilen binnen de basisschool ogenschijnlijk ongefilterd zien. Zonder de uitdagingen, conflicten en tristesse te verhullen of te verzachten. Tegelijkertijd toont de aangrijpende, knap gecomponeerde documentaireserie ook de enorme toewijding van de Brusselse leerkrachten. Hoe zij zelfs in heel moeilijke omstandigheden momenten creëren waarop een leerling zichzelf en anderen verbaast of er samen lekker lol wordt gemaakt. Dit zorgt meteen voor de lucht, die dit schrijnende verhaal soms ook nodig heeft.

Wanneer het schooljaar naar z’n einde loopt – en ook deze serie z’n afronding krijgt – nadert tevens het moment van de waarheid. Kan Balder alsnog de gevraagde onderwijskwaliteit leveren? Dan is overigens allang duidelijk dat de maatschappelijke opdracht die deze en vergelijkbare scholen krijgen – en die de medewerkers ook aan zichzelf opleggen – binnen de huidige omstandigheden nauwelijks is uit te voeren. Als er geen structurele verbeteringen komen, dreigen zij een generatie af te leveren, die slechts beperkt geëquipeerd is voor de hedendaagse wereld.