Ja, Ik Wil!

BNNVARA

Nadat Helene Faasen en Anne-Marie Thus Ja, Ik Wil! (23 min.) tegen elkaar hebben gezegd, barst er aan de andere kant van de wereld, in San Francisco, een feest los. In het altijd zo vooruitstrevende Nederland is op 1 april 2001 ook voor hen een cruciale barrière geslecht: paren van hetzelfde geslacht kunnen voortaan met elkaar trouwen.

Ook in Egypte wordt er feestgevierd, op een boot op de Nijl. Al snel doet de politie echter een inval en arresteert de aanwezigen. Homoseksualiteit is er verboden. Faasen en Thus vinden dat nog altijd moeilijk. ‘Natuurlijk ben je daar niet één op één verantwoordelijk voor, maar het is wel ter gelegenheid van jouw huwelijk’, vertelt het eerste vrouwelijke koppel ter wereld dat is getrouwd in deze interessante korte film van Justine van Overeem en Suzanne Borsboom.

25 Jaar na dato zoeken zij ook het eerste getrouwde mannelijke koppel ter wereld op, Gert Kasteel en Dolf Pasker, en bespreken met hen hoe ze elkaar hebben leren kennen en hoe het vervolgens was voor hen om samen die even vanzelfsprekende als baanbrekende stap richting het huwelijk te zetten. Voor het oog van de wereld, die dat enthousiast toejuichte of stug bleef afkeuren. Homoseksualiteit is anno 2026 nog altijd strafbaar in meer dan zestig landen.

Van Overeem en Borsboom spreken tevens met enkele aanjagers die een sleutelrol speelden bij het openstellen van het huwelijk in Nederland: advocaat en D66-Tweede Kamerlid Boris Dittrich, hoofdredacteur Henk Krol van De Gaykrant en de Amsterdamse burgemeester Job Cohen die de eerste van inmiddels ruim 36.000 universele huwelijken voltrok. Sindsdien hebben nog bijna veertig landen het huwelijk opengesteld voor paren van het gelijke geslacht.

Tegelijkertijd – en dat geeft deze terugblik op een scharnierpunt in de wereldwijde LHBTIQ+-historie urgentie – blijkt uit onderzoek dat de acceptatie in Nederland elk jaar terugloopt.

Opgroeien Met Tegenwind

BNNVARA

Armoede is ook in Nederland slechts één echtscheiding, ziekte, onhandige keuze of gevalletje van pure pech weg. Ruim 100.000 kinderen worden erdoor geraakt, betoogt Opgroeien Met Tegenwind (194 min.). En dat is lang niet altijd duidelijk voor de buitenwereld. De gevolgen – dagen zonder (warme) maaltijd, geen geld voor kleding, hobby’s of vakantie of permanente geldstress bijvoorbeeld – worden doorgaans zoveel mogelijk afgeschermd.

Met deze vierdelige serie brengen Thomas Blom en Cathelijn Felet in beeld hoe leven op of onder de armoedegrens kinderen en hun ouders op alle mogelijke manieren raakt. Zij vertrekken daarbij doorgaans vanuit de vrijwilligers, professionals en ervaringsdeskundigen die zich om deze gezinnen bekommeren. Mensen zoals Sylvia, een alleenstaande moeder met zeven kinderen uit Heerlen. Gemeentes en instanties moeten zich volgens haar kapot schamen. ‘Iets gaat er mis.’

Sylvia is de drijvende kracht achter een burgerinitiatief om armlastige stadsgenoten bij te staan. De hele dag door komen er medestanders voedsel en andere spullen bij haar thuis langsbrengen. Daarvan maakt Sylvia pakketten, die vervolgens door Heerlenaren met een krappe beurs worden opgehaald. Ze werkt intensief samen met chefkok Arend, die met een groep vrijwilligers wekelijks gezonde maaltijden bereidt. Daarbij zijn ze wel afhankelijk van giften en donaties. En die staan onder druk.

Sinds haar scheiding zit ook Ferah in de financiële problemen. De Rotterdamse vrouw doet er alles aan om die achter zich te laten. Volgens haar elfjarige zoon Semi werkt ze véél te hard. Soms wordt hij door haar zelfs gewekt vanaf haar werk in de bejaardenzorg, waar ze regelmatig een extra nachtdienst draait. Een cadeautje voor zijn verjaardag of gewoon eens op vakantie in de zomer zit er desondanks meestal niet in. Samen met een gezinsondersteuner zoekt zijn moeder nu een weg uit de problemen.

Blom en Felet concentreren zich volledig op zulke ervaringsverhalen. Van gewone Nederlanders die uit de armoede of schulden proberen te komen en anderen met een groot hart die hen ondersteunen. Zij bieden dagelijkse hulp, maken hen wegwijs in wetten en regelingen en bieden tevens morele steun. Want armoede gaat ook tussen de oren zitten en wordt soms van generatie op generatie doorgegeven. Zeker als de directe omgeving in min of meer hetzelfde schuitje zit.

Deze gedegen miniserie, waarin verteller Lizzy Diercks al die verschillende mensen, situaties en plekken bij elkaar brengt, kijkt ook naar hoe de overheid Nederlanders in armoede beter zou kunnen ondersteunen. In Zwolle proberen de verantwoordelijke wethouder en medewerkers, zoals ervaringsdeskundige Karin, bijvoorbeeld minder vanuit de ‘systeemwereld’ van de gemeente te werken en meer te kijken naar wat inwoners echt nodig hebben. En dit lijkt te werken.

Dat is ook het punt dat Opgroeien Met Tegenwind lijkt te willen maken: waar het traditionele overheidsbeleid tekort schiet of soms zelfs averechts werkt, met de Toeslagenaffaire als tragisch dieptepunt, snellen gewone burgers toe. Zij kennen armoede vaak vanuit eigen ervaring, weten waar de schoen wringt en steken gewoon de handen uit de mouwen voor de mensen om hen heen – in het bijzonder hun kinderen. Want die zouden de toekomst moeten hebben.

Clubliefde Op Z’n Spartaans

Dutch Angle TV

Samen zijn we de verhalen

We vertellen ze allemaal

Van toen het kolkte, toen het spookte

Van euforisch en fenomenaal

Over zij die niet meer leven

Tot zij die mogen blijven dromen

Zes letters en twee kleuren

Vreemde vogels

Stadsiconen

Nee, hier is niet wijlen Jules Deelder aan het woord. Toch is de tongval van de spreker onmiskenbaar Rotterdams, worden met die twee kleuren wel degelijk rood en wit bedoeld en vormen de zes letters ook nog eens het woord S.P.A.R.T.A. Voormalig stadsdichter Derek Otte verhaalt over zijn onmetelijke liefde voor de keurige voetbalclub die al sinds jaar en dag op Het Kasteel acteert. In de schaduw van stadgenoot Feyenoord, dat wel. Al zal geen rechtgeaarde Spartaan dat toegeven.

Bij een andere hoofdpersoon van Clubliefde Op Z’n Spartaans (28 min.), één van de voortrekkers van een erg actieve supportersgroep, komt Jules Deelder alsnog prominent in beeld, vereeuwigd op een spandoek met zijn eigen quote: ‘Als Spartaan zijn wij geboren. Als Spartanen sterven wij.’ Nu hij zelf de daad bij het woord heeft gevoegd, heeft Deelder hoogstpersoonlijk kunnen vaststellen of de hemelpoort inderdaad, zoals hij zelf altijd stellig beweerde, ‘verdacht veel weg heeft van Het Kasteel.’

Het is duidelijk: regisseur Bernard Krikke richt zich in deze vermakelijke tv-docu niet zozeer op het spel met de bal zelf als wel op de clubcultuur die daaromheen is ontstaan. Hij spreekt in dat kader ook met schrijver Anton Slotboom, de clubarchivaris, een superfan met zijn eigen museumpje en de saxofonist van, jawel, Jules Deelder, die alle verschillende elementen lekker aan elkaar toetert met bekende jazzklassiekers. Want met een club als Sparta kun je nog altijd op z’n Deelders de blits maken.

In de woorden van diens bijna-erfgenaam Otte:

Mijn trouw heb je voor eeuwig

Mijn trots ook wel eens niet

Soms breng je grote vreugde

Soms niets meer dan verdriet

Valse hoop of goede moed

Mij raak je nooit meer kwijt

Sparta voor en Sparta na

Totdat mijn dood ons scheidt