Death In The Terminal


18 Oktober 2015. De radiozender Radio Darom laat ‘hete, mediterrane muziek’ neerdwarrelen over het Beersheba-busstation in Israël. Mensen zijn op weg naar hun bus, pinnen nog even of wachten op hun verbinding. En dan, in de vorm van enkele oorverdovende knallen, barst de spreekwoordelijke bom.

De aanslag, waarbij uiteindelijk drie dodelijke slachtoffers zullen vallen, veroorzaakt blinde paniek en chaos. Het beeld wordt zwart. In vuurrode letters verschijnt de titel van de documentaire: Death In The Terminal (50 min.). We zijn nauwelijks twee minuten onderweg. Beveiligers, militairen en onverschrokken helden snellen toe. De jacht op de schutter(s) is geopend.

Het verhaal van die klopjacht wordt in deze beklemmende film, die vorig jaar tot beste middellange documentaire werd verkozen tijdens het IDFA, verteld met beelden van mobiele telefoons en beveiligingscamera’s op het busstation. Beelden die zijn gelekt naar de Israëlische filmmakers. Tali Shemesh en Asaf Sudry laten daarnaast ook diverse ooggetuigen aan het woord, die elk vanuit hun perspectief de gebeurtenissen reconstrueren (en elkaar daarbij soms ook tegenspreken).

Al snel hebben de jagers hun prooi te pakken: een man uit Eritrea, waarop de omstanders maar al te graag hun woede willen koelen. Noem het gerust een volksgericht. Zou deze ususal suspect ook nog een bomgordel om hebben? En waarom loopt hij rond op sandalen?

Disturbing The Peace


Een hoopvolle documentaire over het al eeuwig durende conflict tussen Israël en de Palestijnen? Die zag ik even niet aankomen. Disturbing The Peace (87 min.) zet de schijnwerper op de zogenaamde Strijders Voor Vrede, Israëli’s en Palestijnen die zich samen sterk maken voor het afzweren van de wapens.

De benaming ‘strijders’ is niet voor niets gekozen; de betrokken vredestichters hebben stuk voor stuk een heftig verleden bij één van de strijdende partijen. Dat maakt hun verzoening met een eeuwige vijand juist zo overtuigend.

Zelfs de alleenstaande moeder die zich ooit opmaakte voor een zelfmoordaanslag (en zich daarbij niet realiseerde dat er geen ideaal groter kan zijn dan je eigen kind) is helemaal bijgedraaid en nu een overtuigd lid van de Combatants For Peace.

De vredesvechters zijn bepaald niet onomstreden, zo wordt ook glashelder uit deze sterke film van Stephen Apkon en Andrew Young. In de strijd die nog altijd hoog oplaait tussen Israëli’s en Palestijnen worden ze van beide kanten van verraad beschuldigd. Intussen blijven ze doorwerken aan hun ideaal: vrede op de plek waar de strijdende partijen al decennia in de loopgraven liggen.

Forever Pure


Forever Pure lijkt misschien een voetbalfilm; over een topclub die twee buitenlandse spelers aantrekt om z’n prestaties op te krikken. Maar de voetbalwereld is niet meer dan een vrij willekeurig decor voor deze vlijmscherpe documentaire, waarin de spanningen tussen (conservatief) Israël en haar moslimomgeving centraal staan.

Premier Benjamin Netanyahu en minister Avigdor Lieberman, leider van de rechts-nationalistische politieke partij Yisrael Beiteinu, associëren zich graag met de Israëlische eredivisieclub Beitar Jerusalem FC. De harde kern van die club, La Familia, is berucht om zijn anti-Arabische uitspraken en vertegenwoordigt daarmee de zogenaamde hardliners van het land.

Het is dan ook niet vreemd dat Beitar helemaal op zijn kop komt te staan als eigenaar Arcadi Gaydamak in het seizoen 2012-2013 twee Tsjetsjeense moslims aantrekt voor de enige Israëlische club die nog nooit een Arabische speler had.

De Russische Jood Gaydamak kocht Beitar overigens ooit om zich te verzekeren van stemmen voor het burgemeesterschap van Jeruzalem. Als die campagne op een gigantische sof is uitgelopen, besluit hij (uit louter cynische overwegingen?) om bij Beitar de knuppel in het hoenderhok te gooien.

De twee aangetrokken moslims veroorzaken een stroom aan racistische reacties en zorgen tevens voor een genadeloze stammenstrijd binnen de populaire voetbalclub, waardoor bepaalde clubiconen ineens de risee van de eigen achterban worden.

Forever Pure (85 min.) van regisseur Maya Zinshtein legt dat malicieuze proces genadeloos vast. Voetbal is oorlog, zei Rinus Michels al eens, en kan dus ook, om de militaire theoreticus Von Clausewitz te parafraseren, een voortzetting van politiek met andere middelen worden.