Credible Messengers Amsterdam

KRO-NCRV

Voor hun vorige film bezochten Meral Uslu en Maria Mok Jongens Zonder Thuis. Daarvóór volgden ze, als de spreekwoordelijke vlieg op de muur, onder anderen de mannen van de longstay-afdeling van een TBS-kliniek, de advocaten van Robert M. en kritische leden van de blauwe familie.

Om mooifilmerij, straffe vormgeving of ingenieuze montagetrucs malen ze niet. Uslu en Mok brengen hun verhalen terug tot de essentie. Ze zijn erbij op de wezenlijke momenten, maken zichzelf vervolgens zo klein mogelijk en registreren simpelweg wat er zich dan afspeelt. De kleine waarheid, zoals zij die waarnemen.

Credible Messengers Amsterdam (92 min.) past perfect in hun inmiddels behoorlijk omvangrijke filmografie als duo. Ditmaal sluiten ze aan bij ervaringsdeskundigen die jongeren begeleiden die (dreigen te) ontsporen. Met persoonlijke coaching hopen ze hen te behoeden voor de fouten die ze zelf ooit hebben gemaakt.

Zo begeleidt ‘credible messenger’ Mike de tiener Clayton. Die groeide op bij zijn moeder in Frankrijk, begon zich in z’n banlieue met steeds meer zaken bezig te houden die het daglicht niet kunnen verdragen en is nu bij zijn vader in Nederland beland. Aan Mike de opdracht om de jongen enigszins op het rechte pad te houden.

Zijn collega Jurmain bekommert zich intussen om Jedi, een tiener die ook al z’n eerste aanvaringen met de wet achter de rug heeft en nu z’n eigen hoodies wil gaan verkopen. Zijn ferme coach staat hem daarbij met raad en daad terzijde. Gaandeweg blijkt dat Jedi uit een gezin komt dat slachtoffer was van de Toeslagenaffaire.

Zulke informatie bereikt de kijker veelal terloops. Want Uslu en Mok houden hun film in het hier en nu. Klassieke direct cinema. Geen grondige zoektocht dus naar hoe het zo is gekomen, een uitgebreide uitleg over de filosofie achter de messengers of kritische vragen als één van hen een opmerkelijke interventie pleegt.

Wanneer één van de ervaringsdeskundigen haar pupil Saïda, die in een gewelddadige relatie verzeild is geraakt, bijvoorbeeld thuis uitnodigt om eens met haar eigen moeder te praten, die ook jarenlang (over)leefde te midden van huiselijk geweld, volgt er dus geen indringend gesprek over het belang van professionele distantie.

Show, don’t tell. De kijker mag/moet het zelf uitzoeken. In een authentieke weerslag van de wereld waarin het filmende duo nu weer is gedoken en de mensen van vlees en bloed, dealend met de uitdagingen op hun levenspad, die ze daar hebben aangetroffen.

Always Looking – Titus Brooks Heagins

PBS

Het is niet moeilijk om de overeenkomst te zien tussen de mensen die de tegendraadse Afro-Amerikaanse fotograaf Titus Brooks Heagins in zijn werk portretteert. Ze staan er, net als hijzelf, allemaal een beetje buiten. Ze hebben bijvoorbeeld tatoeages, dragen een hoodie of zijn trans – en ze zijn doorgaans ook niet wit. Met zijn portretfotografie probeert Titus gemarginaliseerde groepen de erkenning te geven die hen toekomt.

Ze is zwart, somt Nikki, een model dat hij al jaren fotografeert, bijvoorbeeld op in de documentaire Always Looking: Titus Brooks Heagins (55 min.). Vrouw. Albino. Blind. En Queer. Op zijn foto’s vervagen al die predicaten echter snel. Nikki is en wordt simpelweg een mens. Gewoon en bijzonder tegelijk. Mensen zoals zij zijn ook niet anders dan hij zelf is, legt Titus uit in deze verzorgde film van Olympia Stone.

Hij werd als kleine jongen regelmatig uitgescholden voor homo. Zo ontwikkelde ie affiniteit met ‘communities of otherness’. Hij wil nu bijdragen aan hun emancipatie. Zolang zij niet vrij zijn, kan hij zelf ook niet vrij zijn. ‘Dat is het doel van mijn fotografie.’ Maar is hij, als cisgender, wel de aangewezen persoon om bijvoorbeeld het verhaal van transpersonen te vertellen? vraagt een enkeling zich af. Wanneer wordt dat exploitatie?

Intussen wil Stone van Brooks weten wat hij ervan vindt dat zij, als witte vrouw, nu een portret maakt van hem, de zwarte kunstenaar. Hij vindt ’t een beladen vraag. Zit zij zwarte filmmakers in de weg? ‘Voordat jij me belde, was ik nog door niemand benaderd’ herstelt hij zich al snel. ‘En daarna heeft ook niemand op mijn deur geklopt met de boodschap dat ik die witte griet aan de kant moet zetten, zodat ie ’t kan overnemen.’

Zo sijpelt een hedendaags maatschappelijk debat door in het gesprek over een fotograaf, die tegelijkertijd ook nogal eens is gekwalificeerd als een boze zwarte man en die zelf ook vaak het gevoel heeft gehad dat hij niet werd begrepen of zelfs tegengewerkt. Deze film toont hem via zijn werk en z’n nalatenschap – in de vorm van de beelden van een aantal jonge zwarte fotografen die Titus onder z’n hoede heeft genomen.

Zijn eigen werk spreekt intussen nog voor zichzelf. Soms letterlijk. ‘I didn’t choose to be black’, vertelt het T-shirt van een vrouw met een afrokapsel, op een typische Titus Brooks Heagins-portretfoto bijvoorbeeld. ‘I just got lucky.’