The Prophet And The Space Aliens

VPRO

Hij werd uitgenodigd door de Elohim en mocht in de jaren zeventig maar liefst zes dagen in hun ruimteschip verblijven. Later werd Raël door de buitenaardse wezens zelfs nog uitgenodigd op hun eigen planeet. Daar maakten ze hem deelgenoot van hun geheim: zij, en niemand anders, hadden de mensheid en alle religies op aarde geschapen. Geheel verlicht keerde hij vervolgens terug op aarde. Sindsdien heeft de zelfverklaarde profeet een schare volgelingen om zich heen verzameld, de Raëlianen. Het zijn er inmiddels meer dan 100.000.

In de documentaire The Prophet And The Space Aliens (84 min.) oogt Raël als een blijmoedig man. Met een mutsje over zijn kalende schedel en het weinige haar samengebonden in een parmantig staartje. Steevast gestoken in een smetteloos wit kostuum bovendien. En met om zijn hals een opzichtige hanger waarin dat geheel eigen symbool, een versmelting van de Davidster en een swastika, is te herkennen. Als je een religieuze leider zou mogen ontwerpen, zou hij er ongeveer zo uitzien. Hij glimlacht zowel mysterieus als begripvol, spreekt over (vrije) liefde en haalt regelmatig zijn gitaar voor de dag om een aanstekelijk lied aan te heffen, dat onmiddellijk wordt overgenomen door zijn trouwe schare volgelingen.

Daarbij heeft Claude Vorilhon, de Franse zeventiger die schuilgaat achter de moderne profeet, natuurlijk profijt van zijn gesneefde carrière als ‘de nieuwe Jacques Brel’. Zoals zijn ervaring als journalist hem ongetwijfeld helpt om de blijde boodschap zorgvuldig te communiceren. En, ja, je zou zelfs kunnen betogen dat ‘s mans kortstondige escapades als autocoureur hem helpen om daarbij niet al te opzichtig uit de bocht te vliegen. Want Raël en zijn eigen religie mogen op het eerste gezicht dan alle kenmerken vertonen van een doodordinaire sekte, het blijkt voor documentairemaker Yoav Shamir nog een hele klus om de man te ontmaskeren en misstanden achter de schermen bloot te leggen.

Of was dat helemaal niet de bedoeling van deze opvallend ontspannen film, waarin bijvoorbeeld ook de initiatieven die de Raëlianen ontplooien tegen vrouwenbesnijdenis in Burkina Faso uitgebreid aan de orde komen? Zou het dan toch kunnen: een sektarisch gezelschap rond een geestelijk leider, die zichzelf beschouwt als de halfbroer van Jezus, dat níet verwordt tot een Jim Jones-, Charles Manson– of David Koresh-achtige aangelegenheid? Waarbij het dan meteen de vraag is of Raël en zijn gelovigen op termijn kunnen uitgroeien tot een volwaardige religie zoals het christendom, de islam of het boeddhisme.

Shamir legt die kwestie en aanverwante zaken voor aan de Amerikaans-Joodse religiehistoricus Daniel Boyarin en gaat in deze bijzonder vermakelijke film uiteindelijk dan toch op zoek naar de schaduwzijden van de man die de vrije liefde predikt en – natuurlijk! – bedrijft en die zich – dat kan dan ook geen verrassing zijn – het liefst omringt met mooie mensen, vrouwen in het bijzonder. En die bovendien – zonder ook maar een spoor van twijfel – beweert dat hij lijven kan klonen, waarvoor dan alleen nog een persoonlijkheid hoeft te worden gedownload. En daarna – ook al zo logisch – ligt voor elke Raëliaan het eeuwige leven in het verschiet.