Etgar Keret – Een Waargebeurd Verhaal

NTR

Als nou één man in zijn fantasie leeft, dan is het de Israëlische schrijver Etgar Keret. In zijn korte verhalen kan alles – en gebeurt dat ook. Hij is altijd goed voor een (uitbundige) lach en, dat ook, hier en daar een traan. Zo’n man verdient geen bloedserieuze auteursdocumentaire, waarin met gefronste wenkbrauwen zijn oeuvre tot achter de komma wordt uitgeplozen op persoonlijke thematiek, verborgen motieven en, yuk!, inspiratiebronnen. Saaaaai!

Die kwalificatie is gelukkig met geen mogelijkheid van toepassing op Etgar Keret – Een Waargebeurd Verhaal (54 min.), een Nederlandse film waar de makerslol werkelijk vanaf spat – en dan zit het met de kijkerslol meestal ook wel goed. Net als in het werk van hun protagonist laten Stephane Kaas en Rutger Lemm in hun joyeuze portret van de geboren verhalenverteller de verbeelding aan de macht. Feit en fictie raken volledig met elkaar verstrikt. Net als documentaire, speelfilm en animatie. Samen met Keret liegen ze de waarheid.

Nadeel daarvan, zou je met een zure blik kunnen constateren, is dat geen verhaal in deze documentaire helemaal is te vertrouwen. Maakte één van Etgars beste vrienden echt een einde aan zijn leven tijdens hun gezamenlijke diensttijd? En hebben zijn ouders elkaar werkelijk ontmoet toen hij zich voordeed als agent en haar contactgegevens noteerde? Hetzelfde geldt trouwens ook voor het relaas van Kaas en Lemm zelf: zijn zij onderweg naar hun held serieus staande gehouden door een Israëlische douaneambtenaar omdat hij de reden van hun reis, ‘shoot’ a documentary, niet vertrouwde?

Goede verhalen moet je natuurlijk niet dood checken. Ze zijn volgens Keret ook vooral bedoeld als reclame voor het leven. Omdat het dat blijkbaar (nog) nodig heeft. Deze documentaire uit 2017, die zowaar werd bekroond met een Emmy Award, is niets minder dan reclame voor het vertellen van die verhalen. Met bravoure, gevoel voor de absurditeit van het bestaan én – hoewel de ondertoon bij Keret stiekem behoorlijk zwaarmoedig is – een overdosis joie de vivre.

Etgar Keret – Een Waargebeurd Verhaal is hier te bekijken.

Hoe Nikita Een Paard Kreeg

VPRO

Hoe Nikita Een Paard Kreeg (24 min.)?

Niet omdat het elfjarige meisje fris van de lever alles zegt wat ze op haar grote hart heeft.

Niet vanwege haar ontwapenende ‘beugelbekkie’, waarmee ze een geweldige glimlach tevoorschijn kan toveren.

Niet omdat ze zo Amsterdams is als een mens maar kan zijn. Net als haar familie trouwens.

En zelfs niet vanwege het enthousiasme waarmee ze voor de camera haar favoriete liedjes zingt.

Nee, omdat Nikita Neijssel op de lagere school zo werd gepest dat ze…

Ja, daarvoor moet je toch echt zelf naar deze kwikzilveren jeugddocu van Anneke de Lind van Wijngaarden uit 2006 kijken. Het mikpunt van spot en pesterijen is daarin allang uitgegroeid tot een spring-in-het-veld puber, die de ervaringen uit haar jongste jaren al best een plek lijkt te hebben gegeven.

Het verhaal dat ze samen met haar moeder Jopie vertelt gaat echter door merg en been. Dit is wat er kan gebeuren, op een doodnormale basisschool in Amsterdam-Noord. Wat waarschijnlijk onschuldig is begonnen, ontspoort op een gegeven moment volledig. Per ongeluk, waarschijnlijk. Maar dan nog.

Toch is Hoe Nikita Een Paard Kreeg helemaal geen treurige vertelling. Nikita dartelt over het scherm alsof er nooit iets gebeurd is. Nu eens niet met een denkbeeldig vriendinnetje, maar op het voetbalveld, in de sneeuw én met een heel zorgvuldig uitgekozen paard. Waarmee ze een geweldig team vormt.

En dus laat deze héle fijne jeugdfilm over een zwaar en beladen onderwerp ‘gewoon’ een lekker gevoel achter. Dat is zonder enige twijfel een puike prestatie van alle betrokkenen.

Hoe Nikita Een Paard Kreeg is hier te bekijken.

Het Raadsel Van Femma: Prooi Van Een Mensenredder

EO

Háár verhaal over De Oorlog, de Tweede natuurlijk, ontbrak nog. Femma Fleijsman-Swaalep, ze is inmiddels 92 en bijt al zo’n 75 jaar op haar lip. In Het Raadsel Van Femma: Prooi Van Een Mensenredder (55 min.) doet de Amsterdamse vrouw tóch nog haar verhaal. Een verhaal dat ze eigenlijk zo snel mogelijk wilde vergeten en dat ze de kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen die er toch nog zijn gekomen altijd probeerde te besparen.

Toch is de toon die Fleijsman als verteller aanslaat in deze film van Alfred Edelstein, via een voice-overtekst die is ingesproken door Karin Bloemen, opvallend luchtig. Alsof dat verleden, vereeuwigd op het lijf van haar zoon Ron met het Auschwitz-nummer 83018, vooral niet te zwaar mag worden aangezet. ’Bij mijn aankomst in Auschwitz hoefde ik niet te douchen’, vertelt Bloemen bijvoorbeeld. ‘Als je begrijpt wat ik bedoel.’

In het centrale interview van deze boeiende documentaire laat de hoofdpersoon die laconieke ondertoon al snel varen. Als ze vertelt over hoe ze na de hel van het kamp geheel onverwacht thuiskwam en zag hoe haar moeder daarbij bijna bewusteloos raakte bijvoorbeeld. ‘De dokter moest voor haar komen’, vertelt ze, overmand door emoties. ‘Ze kon het maar niet geloven: jij bent toch wel Femma?’

De manier waarop ze aan een gruwelijk lot is ontsnapt is nog altijd gemakkelijk invoelbaar, maar de manier waarop ze überhaupt ‘op transport’ werd gezet is minstens zo opmerkelijk. Daarbij komt de gelauwerde Duitse ‘jodenredder’ Hans Calmeyer in beeld. Op hem leek altijd het parool ‘Wie één leven redt, redt de hele wereld’ van toepassing. Maar zou ‘Wie één leven vernietigt, vernietigt de hele wereld’ eigenlijk niet treffender zijn geweest?

Het Raadsel Van Femma: Prooi Van Een Mensenredder is hier te bekijken.

Wit Is Ook Een Kleur

VPRO

Één ding moeten zelfs haar grootste criticasters – en dat zijn er niet weinig – haar beslist nageven: Sunny Bergman heeft een direct lijntje met de tijdgeest. Of het nu gaat om het vrouwelijk schoonheidsideaal (Beperkt Houdbaar, 2007), de Zwarte Piet-discussie (Zwart Als Roet, 2014) of moderne mannelijkheid (Man Made, 2019), de Nederlandse filmmaakster (en activiste) voelt intuïtief aan wat belangrijke maatschappelijke thema’s zijn of worden en maakt er vervolgens prikkelende films over.

En altijd is haar aanpak heel persoonlijk en bedoeld om discussie los te maken – wat meestal, zonder al te veel moeite, ook lukt. Wit Is Ook Een Kleur (50 min.) uit 2016 vormt daarop geen uitzondering en is door de wereldwijde #BlackLivesMatter-demonstraties en bijbehorende discussie over institutioneel racisme ineens weer bijzonder actueel. ‘Als ik u vraag: bent u wit?’ opent ze de dialoog. ‘Vindt u dat een rare vraag? Wij, witte mensen, denken volgens mij niet na over onze eigen huidskleur. En al helemaal niet over ons aandeel in succesvol integreren.’

Wat betekent wit zijn eigenlijk? vraagt Bergman zich af sinds ze zich in de Zwarte Piet-discussie mengde. Ze belt in dat kader de lieden op die haar daarom online lastig vielen, onderwerpt een diverse groep Nederlanders aan een sociaal experiment over hun zelfbeeld en maatschappelijke positie en spreekt met gewone ‘witten’ over hoe ze naar mensen met een ander kleurtje kijken. ‘De Marokkanen van mijn leeftijd zijn gewoon allemaal klootzakken’, zegt een volkse jongen met een petje bijvoorbeeld stellig. ‘Als ik al zie hoe die jochies rondlopen, dan trap ik ze het liefst kapot.’

Weldenkende, progressieve Nederlanders zoals de filmmaakster zelf zouden zulke dingen natuurlijk nóóit zeggen. Want: racisten, dat zijn de anderen. En wíj zijn ‘mild, beschaafd en tolerant’. Maar is dat niet een véél te comfortabele constatering? Is ons witzijn in werkelijkheid niet zó dominant dat het alles wat niet-wit is automatisch tot ‘anders’ bombardeert? Hebben wij, Ons Soort Mensen, op dat gebied wel een reëel zelfbeeld en zijn we ons wel voldoende bewust van onze eigen privileges?

Zulke vragen legt ze voor aan (ervarings)deskundigen zoals antropoloog Sinan Cinkaya, hoogleraar Philomena Essed, erfgoeddeskundige Valika Smeulders en antiracismetrainer Lida van de Broek. Dat levert interessante inzichten op. Op detailniveau valt er hier en daar misschien best wat af te dingen op de aanpak en conclusies van Bergman – hoe betrouwbaar zijn bijvoorbeeld de resultaten van de test met reacties van kinderen op zwarte en witte poppen? – maar in grote lijnen instigeert ze wel degelijk een (blijvend) relevante en actuele maatschappelijke discussie, die in de film soms op het scherpst van de snede wordt gevoerd.

Ik Ben Geen Probleemkind, Ik Ben Een Uitdaging

In een gesloten jeugdinstelling moeten ze een uitweg zien te vinden uit het leven dat hen al op jonge leeftijd in de penarie heeft gebracht. Filmmaker Rolf Orthel volgt in Ik Ben Geen Probleemkind, Ik Ben Een Uitdaging (90 min.) uit 2016 ruim een jaar enkele jongeren met ernstige gedragsproblemen, die verplicht zijn opgenomen.

‘Waarom komen kinderen hier terecht?’, vraagt hij zich af in een inleidende voice-over. ‘En ik hoor: weggelopen van huis, drugs dealen, echtscheiding, misbruikt, poging tot zelfmoord. Soms voelt het aan als straf om hier te zitten, maar het is ook een veilige plek, dat transferium jeugdzorg.’ 

Orthel, zelf inmiddels in de tachtig, had ooit een kleinzoon in een instelling, vertelt hij. Op de muur van diens kamer stonden, in grote hanenpoten, twee woorden: ‘help’ en ‘dood’. Die ervaring heeft hem geïnspireerd om echt het perspectief te kiezen van jongeren, uit een gesloten instelling in Heerhugowaard. ‘Ik ben hier om te kijken, om te luisteren naar de kinderen die hier zitten.’

Hij stuit in deze indringende film op uiteenlopende verhalen. Iris is bijvoorbeeld ‘bang om te hopen’, omdat dingen meestal toch anders lopen dan verwacht. Ze oogt bedrukt, snijdt zichzelf soms en slikt af en toe zelfs batterijen. Tijdens een weekend thuis laat ze een tekst op haar rechterarm tatoeëren: stay strong. Zal het genoeg zijn?

Een andere tiener, Wieke, probeert de relatie met haar ouders te herstellen en verzet zich ondertussen tegen de verlenging van haar verplichte opname. ‘Ik haat de groepsleiding soms’, verzucht ze als die haar weer eens te dicht op de huid zit. Zo is Wieke steeds ‘boos’ in plaats van ‘verdrietig’ en voelt ze zich ondertussen niks waard. En erover praten wil ze al helemaal niet. Toch?

Op hun eigen manier en toon worstelen de jongeren met diep persoonlijke thema’s. Tegelijkertijd keren ze zichzelf tijdens lessen expressie binnenstebuiten in aangrijpende gedichten, liedjes en schilderijen. Zo werken de beschadigde tieners aan zichzelf, voor het oog van de camera. Dat gaat bepaald niet vanzelf. Het resultaat is een eerlijke en dappere film, die alleen doorgewinterde ijskonijnen onberoerd zal laten.