The China Hustle


Zelfs de poortwachters hebben geen idee. Dat zeggen ze tenminste. Toonaangevende accountants zetten moeiteloos hun handtekening onder de boekhouding van onbekende Chinese bedrijven, maar geven niet thuis als er wordt gevraagd naar de werkelijkheid achter die cijfers. Tot zover de officiële controle, waarop beleggers dachten te kunnen vertrouwen.

Intussen krijgen handige jongens vrij spel om Chinese bedrijven op slinkse wijze naar de Amerikaanse beurs te manoeuvreren en daar te presenteren met jaarcijfers die écht te goed zijn om waar te kunnen zijn. Probeer dat echter maar eens wijs te maken aan iemand met dollartekens in de ogen.

Je kunt zulke zwendel aan de kaak stellen. En als je dat slim doet, is dat weer een businessmodel op zichzelf, blijkt uit The China Hustle (84 min.). Shortselling noemen ze ‘t, volgens die geheel eigen logica van de financiële sector; je zet je geld erop dat de aandelen van een dubieus bedrijf snel zullen kelderen en loopt daarmee dan zelf binnen.

Populair word je daar niet mee, getuige deze ontluisterende film over de wereld van het grote geld. Illustratief is het venijn van Dick Fuld, de CEO van de bank Lehman Brothers. Net voor de financiële crisis van 2008 die door zijn eigen bank in gang werd gezet, zei hij over deze beurscowboys: ‘Ruk hun hart eruit en eet ze op voor ze doodgaan.’ Maar Fuld belazerde de kluit natuurlijk net zo goed.

De shortseller Dan David probeert ondertussen de klok te luiden over de misstanden in zijn bedrijfstak, maar in de politiek lijkt niemand te willen luisteren – laat staan dat ze willen weten waar de klepel hangt. De gedreven David fungeert als protagonist voor deze stevige witte boorden-thriller van Jed Rothstein. Goliath heeft in diezelfde film vele (gladgeschoren) gezichten.

The China Hustle is beslist onderhoudend, maar wordt nooit zo spannend als klassiekers in het genre zoals Enron: The Smartest Guys In The Room (van Alex Gibney, tevens producent van deze documentaire, die een carbon kopie lijkt van zijn eigen werk, inclusief sturende voice-over) en Oscar-winnaar Inside Job. Of komt dat vooral omdat we inmiddels gewend zijn geraakt aan de schimmige businessmodellen van de Firma Gebakken Lucht?

Cold Blooded: The Clutter Family Murders

Sundance

Als er al zoiets als een startpunt kan worden vastgesteld voor het true crime-genre, dan ligt dat in 1966 bij het legendarische non-fictieboek In Cold Blood, waarin Truman Capote de huiveringwekkende moord op de Clutter-familie in 1959 minutieus reconstrueert en de moordenaars Dick Hickock en Perry Smith volgt totdat ze enkel jaren later ter dood worden gebracht. Intussen probeert hij, de flamboyante intellectueel uit het mondaine New York, hén, een diabolisch tweetal uit het Amerikaanse heartland, te doorgronden.

Hoewel het boek een internationale bestseller werd, ging Capote er helemaal aan kapot – aan zijn haat/liefde voor Smith in het bijzonder. Hij zou nooit meer een fatsoenlijk boek publiceren. Dat gegeven, van de gevierde schrijver die volledig ten onder gaat aan zijn (gruwelijke) werk, vormde de basis voor twee speelfilms binnen een jaar: Capote (een topzware film, met een Oscar-winnende Philip Seymour Hoffman) en Infamous (de betere speelfilm van de twee, waarin Daniel Craig een ijzingwekkende Perry Smith vertolkt).

In Cold Blood zelf werd natuurlijk ook meermaals verfilmd. Dan is het de vraag of het Clutter-terrein inmiddels niet zo grondig is afgegraasd dat ook nog een uitputtende documentaire een beetje te veel van het goede wordt. Cold Blooded: The Clutter Family Murders (168 min.), waarvan Canvas vanavond het eerste deel uitzendt, slaagt er evenwel in om onontgonnen terrein aan te boren met nieuwe getuigen, een overdaad aan bewijsmateriaal én interviews met familieleden van de Clutters, die nooit eerder voor de camera verschenen.

Regisseur Joe Berlinger leverde met de grandioze Paradise Lost-trilogie, waarin hij samen met Bruce Sinofsky gedurende vijftien jaar de satanische (?) moord op drie jongetjes onderzocht, al een onvervalste true crime-evergreen af en pluist nu nauwgezet de ‘klassieke moorden’ in Kansas uit. Dat levert geen verrassende nieuwe inzichten op – wie die daders zijn, is immers al een halve eeuw bekend – maar zorgt wel degelijk voor duiding. Van de moorden zelf en het gebrek aan een logische verklaring daarvoor, maar ook van de emotionele impact ervan. Die werd niet eerder zo indringend in kaart gebracht.