Dig Deeper: The Disappearance Of Birgit Meier

Netflix

Je hoeft geen geroutineerde true crime-kijker te zijn om het signaal op te pakken. Als aan het begin van de vierdelige serie Dig Deeper: The Disappearance Of Birgit Meier (235 min.) duidelijk wordt dat de vrouw uit het Noord-Duitse stadje Lüneburg, die op 14 augustus 1989 vermist raakte, op het punt stond om te scheiden, kan ons brein maar één conclusie trekken: haar bijna ex-man, die moet het gedaan hebben! Welnu, hoofdverdachte nummer één, Harald Meier, zit ogenschijnlijk ontspannen voor de camera.

En de man die de dader te langen leste in de kraag gaat grijpen, heeft zich dan ook al gemeld: Birgit Meiers broer Wolfgang Sielaff, die toentertijd hoofd van de staatsrecherche was in het nabijgelegen Hamburg. Hij vermeldt er meteen bij dat er pas in 2017 klaarheid is gekomen in de vermissing. De zaak wordt dus opgelost, weet de kijker op voorhand, maar dat gaat nog bijna dertig jaar – en vier afleveringen! – duren. Waarbij het natuurlijk meteen de vraag is welke dwaalsporen er in de tussentijd voor hem worden uitgezet. Er lijkt namelijk ook nog een (vermeende) seriemoordenaar, ene Kurt-Werner Wichmann, actief te zijn in de omgeving van Lüneburg.

Hoe dan ook, Wolfgang Sielaff verzamelt een team van specialisten om zich heen – een toprechercheur, een psychologe en een advocaat, een soort ‘Sherlock Holmes-team’ dus – en gaat met hen op zoek naar de antwoorden op twee vragen: waar is Birgit en wie is de dader? Regisseur Nicolas Steiner reconstrueert hoe Sielaffs elitegroepje gehakt maakt van het oorspronkelijke politieonderzoek en omkleedt hun bevindingen met tamelijk vet aangezette gedramatiseerde scènes. Zo wordt De Zaak Birgit Meier tot in detail doorgeakkerd. Gründlich, zou je kunnen zeggen. Iets te, soms. Totdat, in de laatste aflevering natuurlijk, de verlossende woorden klinken: we hebben hem, de ‘Schweinhund’. En haar, zijn slachtoffer.

Het wordt uiteindelijk daadwerkelijk een kwestie van ‘digging deeper’ in deze zeer solide docuserie, die een geruchtmakende verdwijningszaak en de gevolgen daarvan, zowel op persoonlijk als maatschappelijk vlak, van voor tot achter ontleedt. Slechts één, tamelijk frustrerende, vraag blijft onbeantwoord: was er een mededader?

Jean-Michel Jarre: A Journey Into Sound


De gastenlijst voor zijn recente albums Electronica 1 en 2 leest als een who’s who van de elektronische muziek: van Moby, Massive Attack en The Pet Shop Boys tot deejay Armin van Buuren en filmcomponist Hans Zimmer. Die uitputtende verzameling figuranten werpt tevens een licht op de status van Jean-Michel Jarre binnen datzelfde muziekgenre. Voor het Electronica-project wist hij bovendien Who-gitarist Pete Townshend en de Amerikaanse klokkenluider Edward Snowden te strikken.

In de oerdegelijke televisiedocu Jean-Michel Jarre: Journey Into Sound (52 min.) van Birgit Herdlitschke worden plichtsgetrouw het leven en de carrière doorgenomen van de befaamde Franse componist/performer, die in 1976 met Oxygen het pad effende voor de moderne elektronische muziek. Tussen het vertellen door, in bijna verplicht ‘Allo Allo’-Engels, werkt Jarre met zijn prominente gasten aan de Electronica-cd’s. Stuk voor stuk hebben ze warme woorden en superlatieven te over voor de goed gecoiffeerde synthesizerpionier.

De nadruk blijft nadrukkelijk op Jarres muziek liggen. Hoewel hij spreekt over de moeizame relatie met zijn vader, de filmcomponist Maurice Jarre(Lawrence Of Arabia, Doctor Zhivago), en ook zijn tweede ex-vrouw, de Britse actrice Charlotte Rampling, uitgebreid aan het woord komt, is dit geen psychologisch portret van de mens Jean-Michel Jarre. Het is vooral een eerbetoon aan een invloedrijke muzikant.