The Match

September Film / vanaf donderdag 17 september in de bioscoop

De Falkland-oorlog van 1982 werpt vier jaar later nog altijd z’n schaduw over de wedstrijd tussen Engeland en Argentinië, in de kwartfinale van het wereldkampioenschap voetbal in Mexico op 22 juni 1986. Het is de dag waarop ‘de Hand van God’ zal interveniëren in een voetbalwedstrijd – en één enkele speler boven alle gewone stervelingen zal uittorenen.

Toch is The Match (91 min.), de gestileerde documentaire van Juan Cabral en Santiago Franco, meer dan simpelweg het verhaal van Diego Maradona, aan de hand van zijn meesterstuk. Cabral en Franco plaatsen de Britse teamcaptain Gary Lineker (terzijde gestaan door de oud-internationals John Barnes en Peter Shilton) en zijn Argentijnse tegenhanger Jorge Valdano (ondersteund door z’n ploeggenoten Oscar Ruggeri, Jorge Burruchaga, Ricardo Giusti en Julio Olarticoechea) in een breed opgezette vertelling, die de context, het belang en de reikwijdte van die ene legendarische wedstrijd met veel bravoure uitdiept. Lineker en Valdano krijgen ook meteen de rol van verteller toebedeeld.

Die match begint overigens pas halverwege. De filmmakers nemen eerst de tijd om alle bouwstenen voor dat titanengevecht te schetsen. Het wegzenden van de Argentijnse speler Antonio Rattín tijdens het WK van 1966 in Engeland bijvoorbeeld, de directe aanleiding voor de wereldvoetbalbond FIFA om rode kaarten, en gele, te introduceren. Of de onverwachte entree van Diego Maradona tijdens een concert van de Britse rockband Queen in Argentinië, voor zijn eigen versie van de klassieker Another One Bites The Dust. En, natuurlijk, het plotseling opvlammende gewapende conflict tussen de twee landen rond Las Malvinas, ofwel de Falklandeilanden, voor de kust van Argentinië.

In het Azteca-stadion duurt het tot de tweede helft voordat de wedstrijd loskomt. Eerst door Maradona’s handsbal, één van de meest omstreden doelpunten uit de voetbalhistorie. Drie minuten later gevolgd door zijn allermooiste doelpunt, een weergaloze solo langs vijf verbouwereerde Engelsen. Cabral en Franco laten de fameuze goal in eerste instantie niet zien. Ze geven simpelweg de Argentijnse commentator van dienst alle ruimte en tonen ondertussen close-ups van de gebiologeerde gezichten van de oud-spelers, terwijl zij de beelden aanschouwen die hun verdere leven hebben bepaald – al is ook de zogeheten ‘Nek van God’ essentieel geweest voor de Argentijnse overwinning.

The Match wordt zo een lekker lyrische film over sport, politiek en mythologie, die het gejuich in het hier en nu of toen en daar ontstijgt. Over een wedstrijd die véél meer is geworden dan een krachtmeting tussen twee voetbalelftallen – en topsport behandelt als de hartslag van een land, tijd en wereld.

Chernobyl: Inside The Meltdown

Disney+

‘We spraken onze geloften uit en werden man en vrouw’, herinnert Iryna Lobanov zich die gedenkwaardige 26e april van 1986. ‘We dansten onze eerste dans als getrouwd stel.’ Iryna en Sergiy Lobanov waren het laatste koppel, dat in de echt zou worden verbonden in Pripjat, de Oekraïense stad die sindsdien geldt als een ‘ghost town’. ‘Mijn boeket rozen was verwelkt’, weet Iryna nog van hun trouwdag, waarop er zich ook een ramp voltrok in de plaatselijke kerncentrale. ‘Het was alsof ze verbrand waren.’

De bewoners van Pripjat, die door de autoriteiten niet of nauwelijks waren geïnformeerd over wat er was gebeurd in Tsjernobyl, werden blootgesteld aan ongekende hoeveelheden radioactieve straling. De gevolgen daarvan waren op dat moment met geen mogelijkheid te overzien. De gehele stad, bijna 45.000 mensen, werd dus geëvacueerd. Familieleden, vrienden en klasgenoten raakten verspreid over de gehele Sovjet-Unie. Sommigen zouden elkaar nooit meer zien.

Het is zomaar één van de ervaringsverhalen in Chernobyl: Inside The Meltdown (175 min.), de vierdelige serie van Tom Cook en Erica Jenkin die veertig jaar na de ramp wordt uitgebracht. Voorbeelden te over. Brandweerlieden die na de ramp voor hun leven vochten in ‘Ziekenhuis Nummer Zes’. Bewoners van Kyiv die gewoon de 1 mei-parade moesten bijwonen. Kinderen die ‘Tsjernobyl-egels’ werden genoemd omdat hun haren vanwege de radioactieve straling waren gekortwiekt.

Cook en Jenkin paren zulke menselijke verhalen en een reconstructie van de pogingen om de crisis in de kerncentrale in te dammen aan het grotere verhaal van de Sovjet-Unie, een natie waarin zorgvuldig werd gezwegen en iedereen, al dan niet vrijwillig, de officiële lijn van de Communistische Partij volgde – ook als die volstrekt niet correspondeerde met de feiten. Patriotisme en plichtsbetrachting noopten menige Sovjetburger ondertussen om zijn of haar leven te wagen.

Zo ontstaat een gedegen, compleet én actueel overzicht van de grootste nucleaire ramp uit de geschiedenis, de ellenlange nasleep daarvan en de zoektocht naar de oorzaken en verantwoordelijken. Voor het Sovjet-regime staat daarbij één ding op voorhand vast: het kan niet/nooit aan het systeem liggen.

Chernobyl: The Lost Tapes

HBO

Ooit was Tsjernobyl nog niet de naam van de grootste nucleaire ramp uit de geschiedenis. Ooit stond die naam symbool voor de droom van de Sovjet-Unie, een communistische heilstaat die hier, zevenhonderd kilometer van Moskou, een nieuw ideaal zou verwerkelijken: een zonovergoten droomwereld, voortgestuwd door een onuitputtelijke bron van kernenergie.

Bij dat beeld start de Britse documentairemaker James Jones in 2022 ook zijn film Chernobyl: The Lost Tapes (96 min.), waarvoor hij onbekend beeldmateriaal heeft opgediept uit Sovjet-archieven, waarin de Sovjet-Unie, die dan al op zijn laatste benen begint te lopen, de schijn nog ophoudt. ‘Het leven was zo relaxt’, vertelt inwoonster Lyudmila Ihnatenko, die net is getrouwd met haar grote liefde Vasya en zwanger is van hem. ‘We konden ons helemaal niet voorstellen dat er gevaar dreigde.’

En dan wordt het 26 april 1986. Jones zet het beeld op zwart en laat een indringend alarmsignaal horen. Bij de centrale komt een paniekerig telefoontje vanuit de kerncentrale binnen. Na een explosie is er brand uitgebroken in één van de reactoren. En daarbij is ook radioactieve straling vrijgekomen. De autoriteiten proberen de crisis direct in te dammen en ondertussen de eigen bevolking zo lang en zoveel mogelijk van de domme te houden. Met, heel voorspelbaar, ronduit desastreuze gevolgen.

Terwijl de omvang van de ramp duidelijk wordt, een grootschalige evacuatie op gang komt en Jan & alleman de schade probeert te beperken, gaat de 1 mei-viering in het nabijgelegen Kyiv echter gewoon door. De Sovjet-Unie probeert halsstarrig – zo laat Jones zien met een geladen mixture van archiefbeelden en off screen-terugblikinterviews met medewerkers van de kerncentrale, gewone inwoners van Tsjernobyl en functionarissen in de hoofdstad Moskou – de façade op te houden.

Geen van de betrokkenen kan dan nog bedenken hoe lang deze nucleaire ramp blijft na-ijlen. Want Tsjernobyl zal ook jaren nadat de eerste Sovjetburgers zijn blootgesteld aan radioactieve straling – de beelden van hun verminkte lichamen branden zich ook veertig jaar later moeiteloos op het netvlies – slachtoffers blijven maken. Volgens het regime hebben zij ‘radiofobie’. Zwaar getroffen burgers zoals Lyudmila Ihnatenko doorbreken nu het zwijgen, dat hen na de crisis in de kernreactor is opgelegd.

Het idee van de Sovjet-Unie als een ideaal maatschappijmodel is dan ook allang ten grave gedragen. En anders kan deze onrustbarende documentaire van James Jones, die in Fukushima: A Nuclear Nightmare (2026) ook de angstaanjagende crisis in een Japanse kernreactor nog zal reconstrueren, alsnog dienen als nagel aan de doodskist die in feite allang ter aarde is besteld.