Boer Peer

 

In mijn thuisregio Den Bosch trekt de docu Boer Peer (40 min.), die dit najaar in première ging op het Nederlands Film Festival en afgelopen week op het Eindhovens Film Festival werd uitgeroepen tot beste documentaire, volle bioscoopzalen. De lotgevallen van de Brabantse keuterboer, die bijna honderd jaar in een boerderij aan de rand van het dorp Maliskamp woonde en eerder dit jaar overleed, maakt duidelijk iets los.

Komende zondag wordt de film van Daan Jongbloed uitgezonden door Omroep Brabant, waarna Boer Peer enige tijd voor geheel Nederland is te bekijken op de website van de regionale omroep. De documentaire zou ook halverwege de jaren vijftig kunnen zijn gemaakt, toen de ouders van Peer Smulders kort na elkaar overleden. Sindsdien is er nauwelijks iets veranderd in zijn bouwvallige boerderij. Peer heeft altijd zonder warm water en elektriciteit geleefd en had ook geen radio of televisie in huis.

Behalve een paar koeien, die je binnenshuis goed kunt horen loeien, leefde de Brabantse boer bovendien alleen. Zo wordt hij ook in deze verstilde film geportretteerd; als een eenzaat die slechts een heel enkele keer met het moderne leven wordt geconfronteerd en daarmee dan met een boutade in plaatselijk dialect en ontwapenende glimlach korte metten maakt. Een man die ook in zijn hoofd in het verleden is blijven hangen. Hij houdt er bijvoorbeeld nog altijd rekening mee dat ‘de moffen’ terugkomen.

Boer Peer is net zo sober als zijn hoofdpersonage. Zonder duiding of franje brengt Jongbloed het leven van Smulders in beeld. Gedurende enkele jaren gaat hij bij de oude vrijgezel op bezoek en knoopt kleine gesprekjes met hem aan. Stap voor stap ontvouwt zich zo diens lange, eenzame bestaan. Traag als dikke stront door een dunne trechter, zoals ze in deze contreien van het land soms zeggen. En toch nooit bloedeloos of saai.