Gaby Aghion: The Woman Behind Maison Chloé

AVROTROS

Ook toen ontwerpers een soort rocksterren werden, bleef couturière Gaby Aghion (1921-2014) het liefst op de achtergrond. De oprichtster van het Franse modehuis Chloé, dat ze had vernoemd naar haar vriendin Chloé Huysmans, liet zich zo min mogelijk zien en gunde de aandacht bijvoorbeeld met liefde en plezier aan de jonge ontwerper Karl Lagerfeld, die begin jaren zestig het Chloé-team had versterkt. Samen zouden ze grote successen vieren.

‘Gaby is een aparte figuur in de mode’, vertelt haar kleindochter Mikhaela in de docu Gaby Aghion: The Woman Behind Maison Chloé (53 min.) van Isabelle Cottenceau. ‘Men vraagt me altijd: wat heeft ze ontworpen? Was ze stylist? Was ze artistiek directeur?’ Volgens schilder, fotograaf en huisvriend Peter Knapp was Aghion echter geen ontwerper, maar een doorgever. Ze kon de toekomst aanvoelen en daarbij de juiste mensen kiezen.

‘Vergeef me dat ik pretentieus ben’, vertelde Gaby Aghion zelf tijdens een interview in 2012, waarvan enkele fragmenten voor deze film zijn ingesproken door Keren Ann. ‘Maar ik geloof dat ik door mijn voorbeeld de vrouwen heb bevrijd.’ Daarvoor moest ze dan wel eerst van haar geboorteland Egypte naar Frankrijk verhuizen. Daar schrok ze als geëmancipeerde vrouw van de onvrijheid van Franse vrouwen en startte in 1952 haar eigen modehuis.

Aghion maakte direct naam met shows die ze bijvoorbeeld in het befaamde Parijse Café de Flore organiseerde. Terwijl de pers café au lait dronk en zich tegoed deed aan croissants, liepen de mannequins gewoon tussen de tafels door. Ze richtte zich bovendien op luxe confectiekleding. Ready-to-wear. Ofwel, met een mooie Franse vakterm: prêt-à-porter. Zoals de Embrun, een hemdjurk die z’n weg zou vinden naar de garderobe van elke bijdetijdse dame.

Cottenceau neemt in deze verzorgde film de tijd om zulke ontwerpen eens goed te laten bekijken en beschrijven door enkele begeesterde experts. Daarop ligt zeker zoveel nadruk als op het – voor een buitenstaander minstens zo interessante – leven van Aghion, die Joods was, samen met haar echtgenoot Raymond het communisme aanhing en volgens haar zoon, de bekende econoom Philippe Aghion, alleen de waarheid sprak als het haar uitkwam.

Net als in het echte leven krijgt Gaby Aghion in dit postume portret zo de gelegenheid om zich een beetje te verschuilen achter haar werk.

Blue Box

Norma Productions / VPRO

Een land zonder mensen voor mensen zonder land. Vanuit die gedachte ging Joseph Weits begin jaren dertig aan het werk. Hij probeerde land op te kopen dat later tot de staat Israël zou gaan behoren. Soms kocht hij de grond daarbij onder de voeten van de Palestijnen die erop werkten vandaan. Als hij dan een deal had gesloten met de eigenaar ervan, een rijke Arabier in Damascus, Beiroet of Caïro, was het zijn taak om de werkers van het land te verdrijven. Ondanks gewetensnood zette Weits door, voor de goede zaak.

Hij werd er een held van de Zionistische beweging mee. Toch heeft zijn (achter)kleindochter Michal Weits gaandeweg ambivalente gevoelens gekregen over de man die in de familie op handen wordt gedragen. Haar opa raakte er door de jaren heen van overtuigd dat Joden en Palestijnen niet samen in één land kunnen leven en orkestreerde vervolgens na de Tweede Wereldoorlog dat het land van Palestijnen werd geconfisqueerd en de eigenaren ervan naar het buitenland werden verdreven.

In Blue Box (82 min.) bestudeert Michal Josephs dagboeken om vat te krijgen op wat er toen is gebeurd. Fragmenten daaruit, ingesproken door de acteur Dror Keren, vormen samen met krachtige archiefbeelden het hart van deze persoonlijke film. Daarnaast spreekt de filmmaakster met familieleden over ‘s mans erfenis. Behalve talloze Joodse nederzettingen en verdreven Palestijnen bestaat die ook uit tientallen nazaten die zijn vernoemd naar zijn jongste zoon Yehiam. Die stierf in 1946 bij een bomaanslag en zou Joseph Weits z’n hele leven blijven achtervolgen.

Via het levensverhaal van haar omstreden overgrootvader krijgt Michal Weits grip op de zwangerschap, geboorte en jonge jaren van de staat Israël, waarvan zijzelf een inmiddels volwassen kind is. Daarvoor moet ze in deze spannende exercitie, laverend tussen trots en schaamte, wel het verleden van haar natie en geslacht kritisch tegen het licht houden. En zeker niet al haar familieleden zijn daar even gelukkig mee.