Les Arbitres

Howard Webb

De vader van de Engelse arbiter Howard Webb maakt zich zorgen. Zijn zoon heeft zojuist een doelpunt goedgekeurd tijdens de voetbalwedstrijd Oostenrijk – Polen. Maar was die bal nou buitenspel? Vanaf de tribune heeft pa het niet goed kunnen zien, maar een fout zou Howards kansen op een topwedstrijd tijdens het Europees Kampioenschap van 2008 in Oostenrijk en Zwitserland aanzienlijk kunnen verkleinen.

Webbs assistent-scheidsrechter Mike Mullarkey realiseert zich in de rust dat ze inderdaad fout zaten en – vooral – dat hij het was die had moeten vlaggen. Het is één van de sleutelscènes van Les Arbitres (75 min.), waarin het hectische bestaan van topscheidsrechters van binnenuit wordt getoond. Vlak voor het einde van de wedstrijd geeft Webb nog een omstreden strafschop aan het thuisland. Thuis in Engeland hebben ze allang gezien dat zoonlief nu de juiste beslissing heeft genomen, zegt een andere tribuneklant tegen zijn vader. Het was zonder enige twijfel een penalty. ‘Super. Dat is goed nieuws.’

In de catacomben krijgt zijn zoon niettemin van onder uit de zak van Leo Beenhakker, de coach van Polen. ‘Niemand trok er aan een shirt’, sneert de Nederlander tegen de mannen in zwart in deze observerende documentaire van Yves Hinant, Eric Cardot en Delphine Lehericey uit 2009. ‘Absoluut niet. En dan ineens wel. Het is een ‘fucking disgrace’.’ Met die woedende woorden kan de ‘Engelse scheidsrechter’ – uit de mond van Beenhakker klinkt het als een ernstige belediging – ‘t even doen. Mullarkey probeert Webb na afloop gerust te stellen: ‘Op televisie zien ze wel dat het een penalty was.’

Bij de wedstrijdevaluatie komt alleen toch weer dat buitenspeldoelpunt aan de orde. ‘Dat is vreselijk voor het toernooi’, aldus de voormalige Nederlandse toparbiter Jaap Uilenberg die tegenwoordig namens de Europese voetbalbond scheidsrechters begeleidt. ‘Ik kan de televisiebeelden niet negeren die de hele wereld over gaan. Over het geheel was het oké.’ Maar daar koop je dus weinig voor, als leidsman met de ambitie om de finale te fluiten. En zijn assistent, die zijn vlag naar de grond hield, voelt zich duidelijk schuldig.

Behalve Webb en zijn team worden in deze intieme kijk in de scheidsrechterswereld (Engelse titel: Kill The Referee) nog drie andere arbiters gevolgd tijdens het EK: de Spanjaard Manuel Mejuto, de Zweed Peter Fröjdfeldt en de Italiaan Roberto Rosetti. Met name de communicatie tijdens de wedstrijd van de scheids met zowel de spelers als zijn assistenten, waarmee je als kijker stiekem mag meeluisteren, geeft een ongekend beeld van hoe zo’n topper zich van zijn taak moet kwijten in de heksenketel die het moderne voetbal kan zijn.

En gaandeweg komt ook de tragische positie van scheidsrechters tijdens zo’n kampioenschap in het oog. Als hun nationale elftal doorstoot naar een volgende ronde, wordt de kans dat zij zijn uitgefloten tijdens het toernooi steeds groter. Één van hen kan slechts uitkomen in de finale. De anderen moeten vervolgens, met een mengeling van bewondering en jaloezie, toekijken hoe hun collega één van de hoogtepunten uit zijn carrière beleeft.

Het is een even vanzelfsprekende als treffende apotheose voor deze prachtige sportfilm.

In 2020 verscheen er een nieuwe en thematisch verwante scheidsrechtersfilm: Das Spiel.

So Help Me God

VPRO

‘Ik vond niet dat hij zo’n lelijke bakkes had’, constateert de Brusselse onderzoeksrechter Anne Gruwez droogjes na afloop van het verhitte verhoor van een man van Noord-Afrikaanse afkomst. ‘Hij was knap, zelfs.’ De verdachte had haar zelf op dat spoor gezet. ‘U zult mijn lelijke bakkes niet meer zien in België’, klonk het even daarvoor ferm. Daarvoor hoefde ze alleen maar te besluiten dat hij niet zou worden vervolgd.

En toen ze daartoe niet bereid bleek – een aanklacht vanwege diefstal en inbraak zou er komen – was de verdachte woest geworden. ’Edelachtbare. Als u me de cel in stuurt, zal ik na mijn straf naar Syrië gaan’, had hij dreigend gezegd. ‘Ik ga ontploffen.’ Gruwez blijft er stoïcijns onder. Nadat de man is afgevoerd, neemt ze een taartje en concludeert onverstoorbaar dat het ondanks alles toch best een knappe vent is.

Volgende zaak. In haar rommelige kantoortje ontvangt ze als leider van het gerechtelijk onderzoek de ene na de andere verdachte met advocaat. Haar werk varieert van relatief onschuldige kwesties tot ronduit schokkende misdrijven. Aan Anne Gruwez zul je dat echter niet merken. Met een stalen gezicht, messcherpe tong en driftig meetypende vingers leidt ze haar gesprekspartners soepeltjes door de voorliggende strafzaak. En je gaat beslist niet met haar voeten spelen.

Intussen werkt ze in So Help Me God (92 min.) met een cold case-team aan twee onopgeloste moorden op tippelende prostituees uit de jaren negentig. Daarvoor doorkruist Gruwez in haar blauwe eend de gehele stad. Zo start ze bijvoorbeeld een diepgravend onderzoek op het kerkhof (hetgeen resulteert in een bijzonder expliciete scène, die sommigen zwaar op de maag zal liggen). En waar mevrouw de onderzoeksrechter ook komt, ze is mondfiat genoeg om de situatie meester te blijven en demonstreert en passant steeds haar gevoel voor humor.

Daarmee behoudt deze heerlijke no-nonsense film van Jean Libon en Yves Hinant (oorspronkelijke titel: Ni Juge, Ni Soumise) te allen tijde een zekere luchtigheid, ook als er wel héél veel treurnis bij Anne Gruwez over de schutting wordt geworpen. En zij is en blijft de absolute blikvanger van deze tragikomische documentaire, die stiekem meekijkt in het dagelijks leven van een onderzoeksrechter. Met veel bravoure roert ze beroepshalve in het afvoerputje van onze hedendaagse samenleving, waar mensen die zich niet kunnen of willen schikken naar de maatschappelijke mores hun hoofd boven troebel water proberen te houden.