Green over Gray: Emilio Ambasz

AVROTROS

Groen over grijs. Dat zou het uitgangspunt moeten zijn, aldus Emilio Ambasz. Een architect dient als beschermheer te fungeren voor de stenen woestijn die de mens heeft gemaakt van zijn steden. De natuur moet daarin worden teruggebracht. Niet als decor of decoratie, maar als integraal onderdeel van een organisch geheel van de mens, z’n woon- en werkomgeving en de aarde. Zo brengt de Argentijnse visionair vanaf de jaren zeventig architectuur en natuur weer bij elkaar en vraagt hij tevens aandacht voor de noodzaak om te strijden tegen wat we later klimaatverandering zijn gaan noemen.

In de gestileerde documentaire Green Over Gray: Emilio Ambasz (52 min.) tonen Francesca Molteni en Mattia Colombo daarvan enkele fraaie voorbeelden. Het imposante huis La Casa de Retiro Espiritual in Sevilla bijvoorbeeld. De botanische tuin van het Texaanse San Antonio. Het ACROS-gebouw in Fukuoka in Japan, dat eerst alleen een betonnen kolos leek, daarna langzaam overwoekerd raakte door groen en toen z’n volledige potentieel onthulde. En met het Ospedale Dell’Angelo in het Italiaanse Venice-Mestre toonde Ambasz aan dat ook een ziekenhuis kan worden vergroend.

Aan de hand van deze sprekende voorbeelden laten enkele collega-architecten en kenners hun licht schijnen over de visie, werkwijze en impact van hun enigmatische collega, die zelf met enkele poëtische teksten z’n eigen mythe nog eens versterkt. Ambasz tekent naar verluidt helemaal niet om z’n ideeën stapsgewijs aan te scherpen. De concepten komen in hun totaliteit tot hem. Alsof ze allang ergens rondzweefden en alleen nog door hem, de man met het idee, esthetische gevoel en ideaal, uit de lucht moesten worden gepakt, om vervolgens op de dorre aarde te worden gedropt.

Deze film – over het levenswerk, in plaats van het leven daarachter – brengt de visie van Emilio Ambasz overtuigend over het voetlicht.

Architecton

Cherry Pickers

Ooit zijn het wellicht trotse gebouwen geweest – of op z’n minst levendige gebouwen. Nu ogen ze verweesd. Verlaten, afgedankt. Tanks hebben er gaten ingeschoten, bommen een hap uitgenomen. Of een aardbeving is er ongegeneerd z’n gang mee gegaan.

De Russische documentairemaker Victor Kossakovsky (BelovySvyato en Gunda) laat zijn camera zweven over flatgebouwen die de oorlog of het natuurgeweld ternauwernood hebben doorstaan – of niet. Als ze niet meer te redden zijn, worden ze uit elkaar getrokken door een graafmachine. Zo wordt een deel van de stad ontmanteld, waar ergens vast ook nog wel, stiekem, mensen huizen.

Kossakovsky’s impressies van gehavende Oekraïense en Turkse steden behoren tot de meest imposante taferelen van Architecton (97 min.), zijn beeldsymfonie over de verhouding tussen architectuur, natuur en beschaving, in het bijzonder de rol van steen en beton daarin. Hij begeeft zich ook naar eeuwenoude ruïnes en moderne bouwwerken en toont het leven daar – of het ontbreken daarvan.

Met dank aan cameraman Ben Bernhard (All That Breathes), die ogenschijnlijk dood materiaal tot leven kan brengen in grootse shots en close-ups, en componist Evgueni Galperine, wiens soundtrack beurtelings dreiging, schwung of drama meegeeft aan de materie. Zij kunnen rotsblokken bijna letterlijk laten dansen of geven het afvoeren van puin de bedrijvigheid van een nijvere mierenhoop.

Bijzondere aandacht is er voor de Italiaanse architect Michele de Lucchi, die in zijn eigen tuin een ‘magische cirkel’ laat aanleggen. Mensen zijn daarbinnen niet welkom. Het is bedoeld als een les in bescheidenheid tegenover de natuur, die prima aansluit bij Kossakovsky’s pleidooi om duurzamer te bouwen en de aarde niet vol te storten met beton of overal zielloze stenen kolossen op te trekken.

‘Hoe kan ’t dat mensen altijd wisten hoe ze gebouwen moesten maken die duizenden jaren konden blijven bestaan?’ vraagt Victor Kossakovsky zelf, in de epiloog van deze film waarin verder nauwelijks wordt gesproken, aan De Lucchi. ‘En waarom bouwen we nu dan voor slechts een jaar of veertig?’ En waarom, bijt hij door, al die lelijke saaie gebouwen als we ook mooie kunnen ontwerpen?

De architect probeert Kossakovsky’s kritiek niet te pareren. Hij omarmt die. Sterker: Michele de Lucchi schaamt zich zelfs voor een project waarbij hij zelf betrokken is. Hij pleit voor een herbezinning. ‘Als we iets ontwerpen, ontwerpen we geen product, gebouw of ruimte’, zegt hij tegen de filmmaker. ‘We ontwerpen het gedrag van mensen.’