Living To The Max

Human

Hoeveel micromort staat er eigenlijk voor het schrijven van dit stukje? Één? Of toch gewoon nul? De wiskundige Ronald Howard bedacht de micromort als eenheid om mortaliteit aan te geven. Een micromort staat voor een kans van één op één miljoen dat je een activiteit met de dood bekoopt. Volgens de jongerendocu Living To The Max (48 min.) mogen we voor het lopen van een marathon 7 micromort rekenen, voor het roken van een pakje sigaretten 15 en voor het krijgen van een kind maar liefst 122.

Welkom in de wereld van de sensatiezoekers, waarin je wordt rondgeleid door maar liefst drie makers: Hansje van de Beek, Frederick Mansell en Laurens Samsom. Zij zoeken enkele onvervalste daredevils op, bespreken de kick en verslavende werking van extreme sporten en leggen hen tevens een sensatietest voor, waarop ze op een tienpuntschaal opvallend hoog scoren: BMX-er Daniel Wedemeijer (9), freediver Jeanine Grasmeijer (7) en windsuit basejumper Jarno Cordia (9). Via vader Jos gooien ze bovendien een lijntje uit naar ’s lands bekendste thrill seeker, Max Verstappen. Hoe zou hij scoren?

Intussen vraagt het vlotte drietal zich af hoe het kan dat we, in een wereld waarin voortdurend voor gevaar wordt gewaarschuwd en waarin je je voor alle mogelijke risico’s kunt indekken, massaal filmpjes en foto’s liken van helden/dwazen die hun leven letterlijk in de waagschaal stellen voor een prestatie, truc of stunt met onnoemelijk veel micromorts? En in hoeverre spelen commerciële belangen nog een rol bij al die halsbrekende toeren? Met andere woorden: zorgen de sponsoren van allerlei spectaculaire evenementen voor extra druk om de menselijke grenzen nog eens verder op te rekken?

Van de Beek, Mansell en Samsom die zonder duidelijke rolverdeling opereren, afwisselend interviewen en camera of geluid doen en de boel lekker ruw hebben gemonteerd, zoeken duiding bij psychiater Damian Denys, schrijver Arjen van Veelen en neurowetenschapper Ruth van Holst, die deze vlotte en vermakelijke film van een serieuze onderlaag voorzien. ‘Voor wie de dood in de ogen kijkt’, stelt Denys bijvoorbeeld, ‘krijgt het leven meer betekenis.’

Na afloop heeft Risicomijder Boeijen, die het schrijven van dit stukje (nul micromorts) zowaar blijkt te hebben overleefd, overigens zelf ook de sensatietest nog gedaan. Met de uitslag kan moeiteloos de kick en verslavende werking van de kijkbuis voor mij worden verklaard.

Blood Road


Op weg naar haar overleden vader leert ze zichzelf kennen. Dat had zomaar de tagline van de documentaire Blood Road (95 min.) kunnen zijn. In deze groots opgezette film van Nicholas Schrunk rijdt de Amerikaanse mountainbiker Rebecca Rusch de beruchte Ho Chi Minh Trail in Vietnam, op weg naar de plek waar in 1972 het vliegtuig van papa Steve crashte.

Ruim 1200 mijl door onherbergzaam terrein moeten Rebecca en haar Vietnamese gelegenheidspartner Huyen Nguyen, die natuurlijk ook haar eigen verhaal van liefde en verlies meebrengt, afleggen tijdens hun ontdekkingstocht. Die wordt vanuit alle hoeken en gaten vastgelegd, onder andere met prachtige droneshots vanuit de lucht.

De ontberingen van de twee tegenpolen worden door Schrunkversneden met de geschiedenis van de oorlog in Vietnam en het persoonlijke verhaal daarin van de Amerikaanse piloot Steve Rush, dat wordt verteld via interviews met familie, vrienden en collega-militairen en zijn eigen brieven naar vrouw en kinderen.

Terwijl zijn dochter, bijgenaamd ‘the queen of pain’, ruim twintig jaar na zijn dood haar lijf helemaal leeg trekt op de zogenaamde ‘blood road’, bloeit haar hart weer open. Intussen wordt er in deze overtuigende, hoewel licht voorspelbare film ook nog even een dikke streep gezet onder die verwoestende Vietnam-oorlog.

The Barkley Marathons: The Race That Eats Its Young


Ooit gehoord van The Barkley Marathons? Een bizarre ultramarathon, waarbij de deelnemers maar liefst 120 mijl moeten afleggen binnen maximaal 60 uur. Vrijwel niemand haalt de eindstreep. ‘Je kunt nu eenmaal niets bereiken’, zegt organisator Gary Cantrell met gevoel voor understatement in de bijbehorende documentaire. ‘Als er geen kans is dat het mislukt.’

Elk jaar zet Cantrell in de onherbergzame bossen van de Amerikaanse staat Tennessee, geïnspireerd door de tocht die de moordenaar van Martin Luther King ooit in hetzelfde gebied aflegde, een genadeloos parcours uit, dat nauwelijks wordt gemarkeerd. Behalve lopen, klimmen en ploegen moeten de maximaal veertig deelnemers dus ook kunnen navigeren en spoorzoeken.

Om te bewijzen dat ze daadwerkelijk alle tussenstations zijn gepasseerd, moeten de atleten bij de finishlijn boekpagina’s overleggen, die ze onderweg uit strategisch geplaatste klassiekers hebben gescheurd. Als ‘inschrijfgeld’ voor de ultramarathon dienen ze bovendien 1,60 dollar en een paar sokken of een flanellen blouse te overleggen. Waar Cantrell dat jaar toevallig behoefte aan heeft…

Het zijn zulke smeuïge details die The Barkley Marathons tot zo’n bijzondere race en deze documentaire (89 min.) tot zo’n vermakelijke film maken. Cantrell, de slimme broer van Gekke Gerrit, lacht snaaks: ‘Voor sommige mensen is alleen al levend terugkeren op het basiskamp het allermooiste wat ze kunnen bereiken.’

Losing Sight Of Shore

Netflix

Deze enerverende documentaire van Sarah Moshman over moed, doorzettingsvermogen en vriendschap staat al even op Netflix, maar ik was er nog niet aan toegekomen om hem te bekijken.

In Losing Sight Of Shore (91 min.) gaat een groepje vrouwen de ultieme uitdaging aan: de zogenaamde Coxless Crew roeit over de Grote Oceaan, van San Francisco in de Verenigde Staten via Hawaï en Samoa naar Cairns in Australië.

In totaal moeten de vrouwen ruim 15.000 kilometer afleggen. Bijna driekwart jaar lang brengen ze met elkaar door, op een hele kleine boot. In een dodelijk ritme ploegen ze door: twee uur roeien, twee uur eten en slapen. Elke dag weer.

Het is een fysieke uitputtingsslag die ze aangaan, maar zeker ook een mentale en sociale uitdaging, die in deze fijne film met behulp van allerlei kleine camera’s treffend in beeld wordt gebracht.