De A’dammer – De Man Achter De Kast

MAX/Michaël Ferron

Zijn ontwerp is om zeep geholpen, uitgemolken en daarna vervangen, schrijft Aldo van den Nieuwelaar in 2007 bitter aan Harm Scheltens, de directeur van het Nederlandse designmerk Pastoe. Begin jaren zeventig heeft hij De A’dammer ontworpen. De opbergkast voor grammofoonplaten, geïnspireerd door de bekende parkeerpaaltjes, wordt een enorm succes en zal zelfs een plek in de befaamde serie Star Trek verwerven. Het ontwerp dat zowel Pastoe als hemzelf status en fortuin heeft gebracht, is echter onderdeel geworden van een meningsverschil dat hen beiden te gronde dreigt te richten.

Het conflict loopt als een rode draad door De A’dammer – De Man Achter De Kast (55 min.), de verzorgde film die Harro Henkemans heeft gemaakt over de vermaarde ontwerper Aldo van den Nieuwelaar (1944-2010). Die wordt geboren in het Brabantse Haaren, waar zijn ouders een meubelzaak hebben. Zoon Aldo heeft oog voor design en bovendien een ingebakken verzet tegen burgerlijkheid. Volgens zijn zus Mia en broer Joop wil hij altijd in de belangstelling staan. Na de detailhandelschool in ’s-Hertogenbosch maakt de flamboyante jongeling de overstap naar de kunstacademie St. Joost in Breda.

Zelfs daar, nog altijd in het katholieke Brabant immers, loopt hij echter uit de pas: wanneer hij wordt betrapt op een relatie met een man, wordt Aldo van den Nieuwelaar van school gestuurd. Hij trekt naar het westen. In Amsterdam kan hij dan eindelijk zichzelf zijn, als mens en als ontwerper. Hij heeft een gretige dronk, aanstekelijke schaterlach en volop ideeën en begint zich met gelijkgestemde geesten te omringen. Vrijwel alle vrienden die in dit portret aan het woord komen, hebben zich bewezen als ontwerper, schrijver, interieurarchitect of sieraadontwerper. Aldo gedijt in hun midden.

Halverwege de jaren tachtig lijkt hij niet kapot te kunnen. En dan meldt zich een geduchte vijand: AIDS. ‘Ja, daar ging de vrijheid!’ constateert Aldo’s studievriendin Marieke van der Zeijden. ‘Amsterdam werd een dodenstad’, vult Jan Brokken aan, die een boek wijdde aan hun vriendengroep. ‘Van mijn kennissenkring was ik zeker de helft kwijt.’ Hun gezamenlijke vriend, de Russische concertpianist Yoeri Egorov, behoort tot de eerste AIDS-slachtoffers. Aldo en zijn partner, architect David Griffith, vluchten dan naar Italië. Brokken: ‘Zij moeten allebei hebben gedacht: dit staat ons te wachten.’

Dit strak vormgegeven portret heeft dan zijn verplichte breekpunt bereikt. Want ook de verkoop van de A’dammer loopt terug. De royalties die ervoor zorgen dat Aldo van den Nieuwelaar zijn luxe leven kan leiden, drogen langzaam maar zeker op. Als Harm Scheltens van Pastoe een nieuw ontwerp – de A’dammer – Sideboard – op de markt wil brengen, leidt dit vervolgens tot een ernstig conflict met de compromisloze geestelijk eigenaar ervan, die gaandeweg de greep op zijn bestaan helemaal kwijtraakt en uiteindelijk nog maar één mogelijkheid ziet om zijn leven weer in eigen hand te krijgen.

Terwijl Aldo’s vrienden in de epiloog van deze documentaire ook na zijn dood het glas op hem heffen tijdens zijn verjaardag, krijgt zijn signatuurontwerp bij Pastoe weer een nieuw leven.

Jetske’s Race – Op Weg Naar De Alzheimerpil?

KRO-NCRV

’Alsof er met een enorme guillotine dertig jaar van mijn leven werd afgehakt.’ Zo ervoer de 38-jarige Jetske van der Schaar de mededeling van haar arts dat ze het gen voor erfelijke Alzheimer heeft. Net als haar moeder, oom, opa en diverse andere familieleden. Het lijkt een soort doodvonnis. Jetske zal op jonge leeftijd, waarschijnlijk als ze begin vijftig is, gaan dementeren. Het is ook verpletterend nieuws voor haar broer en zus, die de DNA-test nog niet hebben gedaan.

Nadat ze samen met hoogleraar neurologie Philip Scheltens te gast is geweest in de talkshow Pauw ontwikkelt Jetske zich tot een soort poster girl voor mensen die op jonge leeftijd dementie (gaan) krijgen. In Jetske’s Race – Op Weg Naar De Alzheimerpil? (45 min.) wordt haar persoonlijke relaas verbonden met de pogingen van Scheltens en vakgenoten om een omvangrijk wetenschappelijk onderzoek op te zetten, op zoek naar een medicijn dat (de kwaliteit van) het leven van Jetske en haar lotgenoten kan verlengen.

Deze televisiedocumentaire van regisseur Gisèla Mallant en Frénk van der Linden toont hoe beleidsmakers daarbij steeds weer nieuwe drempels opwerpen. Om eventuele risico’s voor arts en patiënt op voorhand uit te sluiten, zeggen Scheltens en andere pleitbezorgers. Voor Jetske is het getalm van de bureaucraten, die zelf overigens niet aan het woord komen, volstrekt onverteerbaar. Terwijl al die commissies – en uiteindelijk ook minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Hugo de Jonge – zich over hun plannen buigen, treft die ziekte in haar lijf alle voorbereidingen voor z’n lafhartige aanval.