
Tijdens het wereldkampioenschap van 2010 in Zuid-Afrika barst de bom die al enkele jaren onder het Franse voetbalelftal ligt: nadat spits Nicolas Anelka uit de selectie wordt verwijderd, weigeren de andere spelers om te trainen. Zo escaleert een kwestie waarover in eigen land dan al kranten worden volgeschreven. Uiteindelijk druipt Frankrijk na de eerste ronde met de staart tussen de benen af. En de spelers krijgen de zwarte piet toebedeeld. De kwestie ligt echter een stuk genuanceerder, blijkt uit de fascinerende reconstructie Le Bus: Les Bleus En Grève (81 min.).
‘Deze leugen duurt al vijftien jaar’, zegt voormalig aanvoerder Patrice Évra. ‘Ik nam mijn verantwoordelijkheid en ik wil dat Raymond Domenech, de bondscoach, dat ook doet.’ En die blijkt inderdaad bereid tot een interview. Domenech heeft bovendien al die jaren een dagboek bijgehouden, dat de filmmakers Jérôme Fritel en Christophe Astruc nu in z’n geheel mogen inzien. En daarin maakt hij van zijn hart geen moordkuil. ‘Ik zag Pat Évra’, schrijft de geplaagde coach, die zijn eigen spelers soms als ‘klootzakken’ of ‘idioten’ omschrijft. ‘Hij kan maar beter zwijgen…’
Nauwgezet ontleden Fritel en Astruc met verder ook de spelers William Gallas en Bacary Sagna, Domenechs ex-partner Estelle Denis, perschef François Manardo, conditietrainer Robert Duverne en minister van Sport Roselyne Bachelot hoe de situatie rond het elftal, dat met kanonnen als Henry, Anelka en Ribéry een serieuze kanshebber voor de wereldtitel leek, steeds verder escaleert. De bom barst definitief na een aanvaring tussen Domenech en Anelka, tijdens de rust van de wedstrijd tegen Mexico. ‘Rot op, vuile klootzak!’ kopt de sportkrant L’Équipe.
Het is de vraag of Nicolas Anelka, die dan al de reputatie heeft van een enfant terrible, deze woorden ooit zo heeft uitgesproken. Zelfs Raymond Domenech kan zich dat niet herinneren. Feit is wel dat dit beeld zich zet in de media – en dat iemand binnen de groep deze informatie dus moet hebben gelekt naar een journalist. Al snel wordt het Franse team opgeslokt door een bijzonder onguur spelletje Wie Is de Mol?. Bij de buitenwacht domineert intussen het beeld van een stelletje verwende vedetten, dat nergens meer voor is te motiveren, zelfs niet voor een wereldtitel.
Als de spelers hun positie proberen te verduidelijken met een persverklaring, in de hoop de crisis te kunnen bezweren en het WK enigszins te redden, weigert perschef Manardo die echter voor te lezen. Daarna stapt de bondscoach zelf naar voren. ‘Ik dacht als eerste: ze hebben dit niet geschreven’, herinnert Raymond Domenech zich, met kenmerkend dedain. ‘Er staan geen spelfouten in.’ Terwijl het team op zijn bevel wacht in de spelersbus, leest hij de boodschap, die haaks staat op zijn eigen positie, echter met een stalen gezicht voor en is zijn ploeg reddeloos verloren.
Het tekent het dwarse karakter van de onorthodoxe coach, die dan al een tijd op voet van oorlog leeft met de Franse pers en die ook een flinke rol lijkt te hebben gehad in het ontstaan en ontsporen van het conflict. Domenech komt zo frontaal in botsing met de speler die hij zelf heeft laten debuteren bij Les Bleus en vervolgens tot aanvoerder heeft gebombardeerd, Patrice Évra. Als haantjes staan ze tegenover elkaar, in een gevecht waarbij zowel reputaties als de nationale trots sneuvelen.