Willem-Alexander & Máxima

Videoland

Na geslaagde miniseries over eerst prins Bernhard en daarna zijn dochter, koningin Beatrix, richt regisseur Joost van Ginkel zich nu op hun (klein)zoon en diens Argentijnse vrouw, Willem-Alexander & Máxima (128 min.).

Net als bij het portret van zijn moeder is er ook in deze driedelige serie weer een sleutelrol voor beeldresearcher René Kok, een geanimeerde verteller. Daarnaast draven de gebruikelijke biografen en historici weer op, die aan de hand van een rijke collectie archiefmateriaal de belangrijke gebeurtenissen uit het leven van de hoofdpersonen, de Nederlandse koning Willem-Alexander en zijn Argentijnse echtgenote, nog eens doornemen. Daarbij begeven ze zich voortdurend op het slappe koord tussen broodnodige duiding en kordate speculatie.

Want dat blijft nu eenmaal een kwestie bij producties over het Koningshuis: de echte hoofdrolspelers hullen zich doorgaans in stilzwijgen en de mensen om hen heen houden over het algemeen, al dan niet vrijwillig, ook zoveel mogelijk hun mond. Een uitzondering daarop vormt bijvoorbeeld Willem-Alexanders voormalige particulier secretaris Jaap Leeuwenburg, die hem naar verluidt heeft voorbereid op het koningschap en stimuleerde om zich te specialiseren in watermanagement. Onder het motto: van prins pils tot koning water.

In Argentinië spreekt Van Ginkel verder met een oud-huisgenoot/vriendin en een voormalige leidinggevende van Máxima Zorreguieta. Maar of dit soort primaire bronnen echt het achterste van hun tong (kunnen) laten zien? Dat maakt deze miniserie over het huidige Nederlandse koningspaar ook lastiger dan de producties over Bernhard en Beatrix, hoofdpersonen die zich niet meer in het centrum van de macht of aandacht bevinden. Met spreken over het sprookjespaar Willem-Alexander en Máxima valt er wellicht nog iets te verliezen.

Los daarvan wentelen sommige royalty-kenners zich ook nogal opzichtig in de idylle van een koning en zijn geliefde, die wel voorbestemd móeten zijn voor elkaar. Daarmee krijgt deze miniserie, die opnieuw is opgeleukt met allerlei nét iets te toepasselijke hitjes, soms een wat soapy en formuleachtig karakter en lijkt die uiteindelijk ook wat minder soortelijk gewicht te hebben dan de producties over Willem-Alexanders moeder en grootvader.

Beatrix

Videoland

Zo flamboyant als haar vader Prins Bernhard, de hoofdpersoon van Joost van Ginkels vorige Koningshuis-productie, is de voormalige Nederlandse koningin Beatrix natuurlijk niet. Toch doet de driedelige serie Beatrix (142 min.) echt niet onder voor z’n voorganger. Want of je het koningshuis nu wezenlijk voor het welbevinden van Nederland of kolderieke poppenkast vindt, de lotgevallen van de Oranjes leveren doorgaans méér dan genoeg gespreksstof op.

Dat begint bij Beatrix al kort na haar geboorte, als ze vanwege het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog samen met haar moeder, de toenmalige prinses Juliana, naar Canada verkast. Daar ontmoet ze als peuter een ander Nederlands meisje, Reneé Smith-Roëll, met wie ze zo’n 85 jaar later nog altijd innig bevriend is. Samen met andere klasgenootjes van ‘Trixie’ kijkt zij in deze serie met plezier terug op hun idyllische jeugd. Daarna wacht voor Beatrix in Nederland het lastige huwelijk van haar ouders weer, met de Greet Hofmans-affaire, Bernhards buitenechtelijke escapades en diens betrokkenheid bij het Lockheed-omkoopschandaal.

Een centrale rol in deze lekker toegankelijke serie is weggelegd voor beeldresearcher René Kok van het NIOD, een geanimeerde verteller die aan de hand van foto’s, en begeleid door fraai archiefmateriaal, door het leven van de hoofdpersoon wandelt. Hij wordt gesecondeerd door kenners van de Nederlandse monarchie zoals Jolande Withuis, Jutta Chorus, Daniela Hooghiemstra, Jan Tromp en Annejet van der Zijl (die het koningshuis overigens consequent een ‘sprookjesfabriek’ noemt). De voormalige hofdame Miente Boellaard-Stheeman, adjudant Tom Zwollo, couturier Sheila de Vries en kunstenares Marte Röling spreken verder vanuit eigen ervaring over (en misschien ook wel een beetje namens) de inmiddels 87-jarige oud-koningin.

Zij schetsen een vrouw met een ijzeren wil, die de monarchie grondig professionaliseert en ondertussen heel wat te verduren krijgt: van de rellen in Amsterdam bij haar kroning en de aanslag op Koninginnedag in 2009 tot persoonlijk drama zoals de ziekte van haar echtgenoot Claus en de tragische dood van haar zoon Johan Friso. Van Ginkel zet alle ontwikkelingen soepel achter elkaar en geeft ze extra kleur met een nogal uitgesproken muziekkeuze die, net als bij zijn Prins Bernhard-productie, het midden houdt tussen lekker popi, bijna camp en tenenkrommend. Donna Summers I Feel Love begeleidt bijvoorbeeld de verloving met Claus, terwijl Everybody Wants To Rule The World van Tears For Fears Beatrix’s aantreden als koningin opluistert.

En wat te denken van Don’t Cry For Me Argentina als het huwelijk tussen Beatrix’s oudste zoon Willem-Alexander en Maxima kan worden ingezegend? Die tranen komen er dan overigens tóch. Bij haar Argentijnse schoondochter, welteverstaan, en voor het nageslacht vereeuwigd. Beatrix zelf houdt haar gezicht doorgaans in de plooi, laat op gezette tijden haar inlevend vermogen zien en toont zo nu en dan haar ‘boze oog’ als het ceremonieel, waarvan zij vindt dat het bij de monarchie hoort, door andermans fouten in het honderd dreigt te lopen. Als de rolvaste vorstin die ze, getuige deze interessante miniserie, eigenlijk haar hele leven is geweest.